Auteur: Stada


Lange informatie

Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA is een combinatie van lisinopril en hydrochloorthiazide.

Lisinopril is een bloeddrukverlagend middel. Het behoort tot de groep van geneesmiddelen die angiotensin-converting enzyme (ACE) remmers wordt genoemd. Het werkt door de bloedvaten te verwijden, waardoor het bloed er makkelijker doorheen kan stromen.

Hydrochloorthiazide is een plasmiddel (diureticum), dat behoort tot de groep van thiazide- diuretica. Het zorgt ervoor dat de nieren meer urine maken, waardoor de hoeveelheid bloed minder wordt.

Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA wordt gebruikt bij de behandeling van hoge bloeddruk (essentiële hypertensie).

Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA dient gebruikt te worden bij patiënten, bij wie de bloeddruk onvoldoende gecontroleerd wordt door alleen lisinopril (of alleen hydrochloorthiazide).

Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Gebruik Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA niet

  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor lisinopril, andere ACE-remmers of voor één van de andere bestanddelen van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA (zie rubriek 6. “Aanvullende informatie” aan het einde van deze bijsluiter).
  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor hydrochloorthiazide of andere sulfonamiden (middelen die chemisch gerelateerd zijn aan hydrochloorthiazide).
  • als u in het verleden last heeft gehad van plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv in het gezicht, mond, tong of keel) gepaard gaande met ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als een allergische reactie (angioneurotisch oedeem) in relatie met een ACE-remmer.
  • als iemand van uw bloedverwanten last heeft gehad van angioneurotisch oedeem (gevoeligheid hiervoor kan in de familie voorkomen) of als u angioneurotisch oedeem in andere omstandigheden of vanwege andere oorzaken heeft gehad.
  • als u een ernstige nieraandoening heeft (creatineklaring < 30 ml/min).
  • als u een ernstige leveraandoening heeft.
  • tijdens de laatste 6 maanden van de zwangerschap, zie ook “Zwangerschap en borstvoeding”.
  • als u borstvoeding geeft (zie de rubriek “Zwangerschap en borstvoeding” hieronder).

Wees extra voorzichtig met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA

Informeer uw arts als u één of meer van de volgende beelden heeft of heeft gehad:

  • als u risico loopt op een te sterke bloeddrukdaling omdat u te weinig zout of lichaamsvocht heeft, bijvoorbeeld als u met plasmiddelen behandeld wordt, nierspoelingen (dialyse) krijgt, een zoutarm dieet volgt of als gevolg van braken of diarree.
  • als u een ernstige vorm van hoge bloeddruk heeft, die veroorzaakt wordt door een nieraandoening (renine-afhankelijke hypertensie).
  • als de hartkleppen van de linker hartkamer vernauwd zijn of als de uitstroom van de linkerkamer door andere oorzaken wordt geblokkeerd.
  • als u lijdt aan hartfalen.
  • als u last heeft van een hartziekte waarbij de bloedstroom in de hartvaten is verstoord (ischemische hartziekte).
  • als u last heeft van verstoringen in de bloedstroom in de hersenen (cerebrovasculaire aandoening).
  • als de werking van uw nieren matig verstoord is.
  • als u een vernauwing van een of beide nierslagaders heeft.
  • als u onlangs een niertransplantatie heeft ondergaan.
  • als uw lever niet goed werkt of als u een leveraandoening heeft.
  • wanneer de hoeveelheid leverenzymen stijgt of als u geelzucht ontwikkelt tijdens de behandeling met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA.
  • wanneer het aantal bloedcellen verandert tijdens de behandeling met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA: o als het aantal witte bloedcellen vermindert (leukopenie). o als het aantal rode bloedcellen vermindert (bloedarmoede, anemie).

o als het aantal bloedplaatjes in het bloed vermindert (thrombocytopenie).

  1. of als het aantal van een bepaald soort witte bloedcellen sterk afneemt, waarbij u vatbaarder wordt voor infecties en er ernstige algemene klachten ontstaan (agranulocytose).
  • als u last heeft van een bindweefselziekte die de bloedvaten aantast (collagenose).
  • wanneer u behandeld wordt met middelen die de afweer onderdrukken.
  • wanneer u tegelijkertijd allopurinol (een middel tegen jicht), procaïnamide (een middel tegen hartritmestoornissen) of lithium (een middel tegen bepaalde vormen van neerslachtigheid (depressie)) gebruikt. Het gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA met lithium wordt niet aangeraden.
  • indien u last krijgt van allergische reacties of plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv. in gezicht, armen en/of benen, lippen, tong, keel, strottenhoofd), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag (angioneurotisch oedeem) tijdens de behandeling met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA.
  • wanneer u een operatie moet ondergaan en onder algehele narcose moet worden gebracht of een ruggenprik krijgt. Informeer uw arts, tandarts of ziekenhuispersoneel.
  • wanneer uw bloed kunstmatig gespoeld wordt (dialyse) met bepaalde dialysemembranen (high-flux membranen), u een bloedscheidingsbehandeling ondergaat vanwege sterk verhoogde bloedvetten (aferese) of als u een allergieverminderende kuur (desensibilisatiekuur) ondergaat vanwege een allergie (bijvoorbeeld voor bijen- of wespensteken). Uw arts kan overwegen om uw behandeling tijdelijk te staken om een mogelijke allergische reactie te voorkomen.
  • als u suikerziekte (diabetes) heeft.
  • als u last heeft van jicht.
  • als u last krijgt van een hardnekkige, droge hoest.
  • als u risico loopt op toename van de hoeveelheid kalium in het lichaam, bijvoorbeeld als u
    1. kaliumbevattende zoutvervangers, kaliumsparende plasmiddelen of kaliumsupplementen gebruikt.
    1. andere geneesmiddelen gebruikt die de hoeveelheid kalium in het bloed kunnen verhogen.
  • wanneer de bloeddrukverlaging onvoldoende krachtig is, samenhangend met de etnische groep waartoe u behoort (dit geldt vooral voor personen met een donkere huid).
  • Raadpleeg uw arts indien één van de bovenstaande waarschuwingen voor u van toepassing is, of dat in het verleden is geweest.
  • Tijdens het gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA

    Indien u één van de volgende klachten ontwikkelt, waarschuw dan onmiddellijk uw arts:

    • U krijgt last van duizeligheid na de eerste dosering. In een enkel geval kan een eerste dosis of een dosisverhoging leiden tot een duizelig, zwak, flauw en misselijk gevoel.
    • Klachten zoals een droge mond, dorst, zwakte, slaapzucht (lethargie), spierpijn of spierkrampen, hartkloppingen, duizeligheid, misselijkheid, braken en verminderde urineproductie kunnen wijzen op een verstoorde vocht- of elektrolytenbalans.
    • Plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv. in gezicht, armen en/of benen, lippen, tong, keel, strottenhoofd), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag. Dit wordt angioneurotisch oedeem genoemd. Dit kan op enig moment tijdens de behandeling optreden. ACE-remmers zorgen ervoor dat het vaker optreedt bij patiënten met een donkere huid dan bij patiënten met een niet-donkere huid.
    • Hoge temperatuur, zere keel of mondzweren (dit kunnen symptomen zijn van een infectie die wordt veroorzaakt door een afname van het aantal witte bloedcellen).
    • Gele verkleuring van huid of ogen (geelzucht, icterus), die kunnen duiden op een leveraandoening.

    Stop in deze gevallen met het gebruik van Lisinopril/HCT en neem onmiddellijk contact op met uw arts. Uw arts zal de noodzakelijke maatregelen nemen.

    In het begin van de behandeling en tijdens het aanpassen van de dosering kan het nodig zijn om vaker voor medische controle langs te komen. U dient deze bezoeken niet over te slaan, ook al voelt u zich goed. Uw arts zal besluiten hoe vaak u voor controle moet komen.

    Als uw bloeddruk te ver zakt, moet u gaan liggen. Als dit aanhoudt, neem dan direct contact op met uw arts of de eerste hulp van het dichtstbijzijnde ziekenhuis. De arts kan beginnen met een bepaalde behandeling om de hypotensie te corrigeren.

    Neem contact op met uw arts als uw bloeddruk te ver of te vaak zakt. Dit is belangrijk, daar de arts kan beslissen om de behandeling aan te passen.

    Zwangerschap

    Vertel uw dokter als u denkt dat u zwanger bent of als u zwanger wilt worden. Het gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA wordt niet aanbevolen tijdens het begin van de zwangerschap en kan ernstige nadelige effecten voor de baby hebben bij gebruik vanaf een zwangerschapsduur van drie maanden, zie ook “Zwangerschap en borstvoeding”.

    Dopingonderzoek

    De hydrochloorthiazide in dit geneesmiddel kan een positieve uitslag geven bij dopingonderzoek.

    Verhoging van bepaalde stoffen in het bloed

    De hoeveelheden in het bloed van de volgende stoffen kunnen door hydrochloorthiazide stijgen:

    • cholesterol (hypercholesterolemie)
    • triglyceriden (hypertriglyceridemie)
    • urinezuur (ureum) (hyperuremie)

    Kinderen

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA dient niet aan kinderen gegeven te worden, omdat de veiligheid en werkzaamheid niet zijn vastgesteld in deze leeftijdsgroep.

    Gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA met andere geneesmiddelen

    Vertel uw arts of apotheker als u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen.

    Raadpleeg uw arts als u de volgende geneesmiddelen gebruikt, aangezien hun werking of de werking van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA veranderd kan worden:

    Plasmiddelen (diuretica) met een verminderde kaliumuitscheiding (kaliumsparende diuretica, zoals spironolacton, triamtereen of amiloride), kaliumsupplementen, kaliumbevattende

    zoutvervangers en andere middelen die de kaliumhoeveelheid in het bloed kunnen verhogen (zoals heparine)

    Verhoging van de hoeveelheid kalium in het bloed. Uw arts zal uw kaliumspiegels regelmatig controleren.

    Andere plasmiddelen (diuretica)

    Toegenomen verlaging van de bloeddruk.

    Andere bloeddrukverlagende middelen (antihypertensiva), bloedvatverwijdende middelen (nitraten)

    Toegenomen verlaging van de bloeddruk.

    Geneesmiddelen tegen neerslachtigheid (depressie) en andere psychiatrische aandoeningen (tricyclische antidepressiva, antipsychotica), verdovende pijnstillers (narcotica) en verdovingsmiddelen (anesthetica)

    Verdere afname bloeddruk. Toegenomen verlaging van de bloeddruk.

    Lithium (middel tegen bepaalde vormen van neerslachtigheid)

    Verhoogd risico op lithiumvergiftiging. Het gelijktijdig gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA en lithium wordt niet aangeraden. Indien deze combinatie echter noodzakelijk is, moeten lithiumspiegels regelmatig door de arts gecontroleerd worden.

    Medicijnen tegen pijn en ontsteking (niet-steroïdale anti-inflammatoire middelen) inclusief acetylsalicylzuur (doseringen vanaf 3 g/per dag)

    Gelijktijdig gebruik kan de bloeddrukverlagende werking verminderen en kan leiden tot een stijging van de hoeveelheid kalium in het bloed en verslechtering van de nierfunctie; in zeldzame gevallen tot acuut nierfalen, vooral bij patiënten met een slechte nierfunctie. Vermindering van het diuretisch en bloeddrukverlagend effect van hydrochloorthiazide.

    Middelen met een bloeddrukverhogend effect (sympaticomimetica)

    Vermindering van de bloeddrukverlagende werking.

    Cholestatyramine en colestipol (werkzame stoffen voor het verlagen van de hoeveelheid bloedvet)

    Vermindering van de bloeddrukverlagende werking. Opname van hydrochloorthiazide is vertraagd en verminderd.

    Bloedsuikerverlagende middelen en insuline

    Verlaging van de hoeveel suiker in het bloed met een risico op te lage bloedsuikerspiegels (hypoglykemie).

    Amfotericine B (werkzame stof tegen schimmelinfecties), carbenoxolon (werkzame stof voor de behandeling van maagzweren), cortison-bevattende middelen (corticosteroïden), corticotropine (een hormoon dat werkt op de bijnieren) of bepaalde middelen die de stoelgang bevorderen (laxantia)

    Verstoring van de elektrolytenbalans, zoals vermindering van de hoeveelheid kalium.

    Calciumzouten

    Verhoogde hoeveelheid calcium in het bloed.

    Hartglycosiden (zoals digoxine, werkzame stoffen die de pompkracht van het hart versterken)

    Toename van de werking en bijwerkingen van hartglycosiden.

    Spierverslappers, zoals tubocurarine chloride (werkzame stof die de spieren doet verslappen)

    Spierverslappende werking is versterkt en verlengd.

    Middelen die geassocieerd zijn met “torsade des pointes”, een gevaarlijke vorm van hartritmestoornissen

    Het risico op torsade des pointes is verhoogd wanneer kaliumspiegels laag zijn.

    Allopurinol (werkzame stof voor de behandeling van jicht)

    Verhoogt het risico op acuut nierfalen en kan leiden tot een verhoogd risico op een verlaging van het aantal witte bloedcellen (leukopenie).

    Ciclosporine (een afweeronderdrukkend middel dat bij orgaantransplantaties gebruikt wordt)

    Verhoogt het risico op acuut nierfalen en verhoogt de hoeveelheid kalium in het bloed.

    Lovastatine (werkzame stof voor het verlagen van cholesterol)

    Verhoogt de hoeveelheid kalium in het bloed.

    Procaïnamide (werkzame stof voor de behandeling van een om onregelmatige hartslag), cytostatische geneesmiddelen (behandeling van kanker), afweeronderdrukkende middelen (om afstoting van een getransplanteerd orgaan te voorkomen)

    Kunnen leiden tot een hoger risico op lage aantallen witte bloedcellen (leukopenie).

    Sotalol (voor de behandeling van een onregelmatige hartslag en hoge bloeddruk)

    Verhoogd risico op door sotalol veroorzaakte onregelmatige hartslag (aritmie).

    Trimethoprim

    Verhoogd risico op grote hoeveelheden kalium in het bloed (hyperkaliëmie).

    Hemodialyse

    U dient Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA niet te gebruiken als u hemodialyse ondergaat. Er is een verhoogd risico op allergische reacties, die geassocieerd zijn met bepaalde soorten dialysemembranen (zie de rubriek “Wees extra voorzichtig met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA” hierboven).

    Gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA met voedsel en drank

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA kan met of zonder voedsel worden ingenomen.

    Zwangerschap en borstvoeding

    Vraag uw arts of apotheker om advies voordat u een geneesmiddel inneemt. Vertel het uw arts als u zwanger bent, zwanger denkt te zijn of zwanger wilt raken.

    Zwangerschap

    Vertel uw arts als u denkt dat u zwanger bent of als u zwanger wilt worden. Meestal zal uw arts u adviseren in plaats van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA een ander geneesmiddel te gebruiken, omdat Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA niet aanbevolen wordt voor gebruik tijdens het begin van de zwangerschap en ernstige nadelige effecten voor de baby kan hebben bij gebruik vanaf een zwangerschapsduur van drie maanden. Gewoonlijk zal aan u een ander geschikt bloeddrukverlagende medicijn in plaats van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA worden voorgeschreven als u zwanger wil worden. Dit geneesmiddel mag niet gebruikt worden tijdens het 2e en 3e trimester van de zwangerschap

    Gewoonlijk zal uw arts u adviseren te stoppen met het gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA zodra u weet dat u zwanger bent. Als u zwanger wordt tijdens de behandeling met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA moet u onmiddellijk contact opnemen met uw arts.

    Borstvoeding

    U mag dit geneesmiddel niet gebruiken als u borstvoeding geeft, aangezien Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA schadelijk kan zijn voor de zuigeling. Zowel lisinopril als hydrochloorthiazide kunnen via de moedermelk in de zuigeling terechtkomen.

    Rijvaardigheid en het gebruik van machines

    Net als andere bloeddrukverlagende middelen kan Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA de rijvaardigheid of het vermogen om machines te bedienen verminderen. Dit kan vaker optreden bij de start van de behandeling, bij doseringsaanpassingen of bij gelijktijdig gebruik van alcohol. Deze effecten zijn afhankelijk van de individuele gevoeligheid. Als u hier last van heeft, mag u niet rijden en geen machines bedienen.

    Hoe gebruikt u dit middel?

    Volg bij het gebruik van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA nauwgezet het advies van uw arts. Raadpleeg bij twijfel uw arts of apotheker.

    De juiste dosering van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA is afhankelijk van de ernst van uw ziekte, uw reactie op ieder werkzaam bestanddeel, de dosering van voorgaande behandelingen (bijvoorbeeld met alleen lisinopril) en uw nierfunctie.

    Uw arts kan u Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 10/12,5 mg tabletten voorschrijven indien uw bloeddruk niet voldoende verlaagd wordt door 10 mg lisinopril alleen.

    Uw arts kan u Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 20/12,5 mg tabletten voorschrijven indien uw bloeddruk niet voldoende verlaagd wordt door 20 mg lisinopril alleen.

    Neem de Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA tablet in met een voldoende hoeveelheid water. U kunt de tablet voor, tijdens of na de maaltijd innemen.

    De gebruikelijke dosering is

    Volwassenen

    Neem één Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA tablet eenmaal daags in. De tablet moet iedere dag ongeveer op hetzelfde tijdstip worden ingenomen.

    U mag niet meer dan 40 mg lisinopril/25 mg hydrochloorthiazide per dag innemen.

    Ouderen

    Oudere patiënten met een normale nierfunctie kunnen dezelfde dosering als volwassenen innemen.

    Kinderen

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA dient niet aan kinderen gegeven te worden, omdat de veiligheid en werkzaamheid niet zijn vastgesteld in deze leeftijdsgroep.

    Patiënten met een afgenomen werking van de nieren

    U mag Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA niet gebruiken als uw nierwerking in ernstige mate is afgenomen (creatineklaring < 30 ml/min).

    Als u last heeft van een matige afname van de nierwerking (creatineklaring van 30 tot 80 ml/min), zal uw arts besluiten of u Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA wel of niet mag gebruiken. Hij/zij zal tevens uw dosis zorgvuldiger aanpassen. De juiste dosering voor u is afhankelijk van uw reactie op lisinopril en hydrochloorthiazide alleen.

    Wat u moet doen als u meer van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA heeft ingenomen dan u zou mogen

    Wanneer u te veel tabletten heeft ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of ziekenhuis voor advies.

    Tot de verschijnselen van een overdosering horen lage bloeddruk (hypotensie), shock, verstoring van de elektrolytenbalans (zoals lage hoeveelheden kalium, chloride en natrium in het bloed), uitdroging (dehydratie), nierfalen, hyperventilatie, versnelde hartslag (tachycardie), hartkloppingen (palpitaties), vertraagde hartslag (bradycardie), duizeligheid, angst en hoest.

    Wat u moet doen wanneer u bent vergeten Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA in te nemen

    Maakt u zich geen zorgen. Sla de vergeten dosis over en neem de volgende dosis op het gebruikelijke tijdstip in. Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.

    Als u stopt met het innemen van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA

    Stop niet met het innemen van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA zonder met uw arts te overleggen, zelfs niet als u zich beter voelt.

    Als u nog vragen heeft over het gebruik van dit geneesmiddel, vraag dan uw arts of apotheker.

    Mogelijke bijwerkingen?

    Zoals alle geneesmiddelen kan Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA bijwerkingen veroorzaken, hoewel niet iedereen deze bijwerkingen krijgt.

    Belangrijke bijwerkingen of verschijnselen waar u op moet letten en maatregelen als u er last van heeft

    • Als u plotselinge vochtophoping (angioneurotisch oedeem) krijgt in het gebied van de keel, de stembanden en/of de tong, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts, zodat u met noodmedicatie behandeld kunt worden.
    • Als u merkt dat u last van geelzucht krijgt (gele verkleuring van de huid of ogen), moet u stoppen met de behandeling en uw arts informeren.
    • Als er koorts, opgezwollen lymfeklieren en/of keelontsteking optreedt, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts, zodat het aantal witte bloedcellen onderzocht kan worden.

    Sommige bijwerkingen kunnen waarschuwingstekens zijn van veranderingen in bepaalde stoffen in het bloed (zie rubriek 2 “Wees extra voorzichtig met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA”).

    U moet het uw arts vertellen als u één of meer van de volgende waarschuwingstekens van veranderingen in bepaalde stoffen in het bloed opmerkt:

    • droge mond
    • dorst
    • zwakte
    • slaapzucht (lethargie)
    • slaperigheid
    • onrust
    • spierpijn (myalgie) of spierkrampen
    • spierzwakte
    • lage bloeddruk (hypotensie)
    • verminderde hoeveelheid urine (oligurie)
    • versnelde hartslag (tachycardie)
    • maag-darmklachten, zoals misselijkheid (nausea) en braken

    Voor de beoordeling van bijwerkingen werd de volgende frequentieverdeling gebruikt:

    Zeer vaak bij meer dan 1 op de 10 patiënten
    Vaak bij minder dan 1 op de 10 maar meer dan 1 op de 100 patiënten
    Soms bij minder dan 1 op de 100 maar meer dan 1 op de 1.000 patiënten
    Zelden bij minder dan 1 op de 1.000 maar meer dan 1 op de 10.000 patiënten
    Zeer zelden bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten of niet bekend (kan met de
      beschikbare gegevens niet worden bepaald)

    De volgende bijwerkingen zijn gemeld:

    Vaak:

    • duizeligheid, die in het algemeen na dosisverlaging verdwijnt en zelden stopzetting van de behandeling tot gevolg heeft
    • hoofdpijn
    • vermoeidheid
    • droge, aanhoudende hoest, die verdwijnt na stopzetten van de behandeling
    • lage bloeddruk (hypotensie), waaronder bloeddrukdaling door bijvoorbeeld snel opstaan uit een zittende of liggende houding soms gepaard gaande met duizeligheid (orthostatische hypotensie) Als uw bloeddruk te laag wordt, moet u gaan liggen. Als dit aanhoudt, neem dan direct contact op met uw arts of ga naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis (zie rubriek 2“Wees extra voorzichtig met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA” hierboven).
    • diarree
    • braken
    • verstoring van de nierwerking

    Soms

    • jicht
    • waarnemen van kriebelingen, jeuk of tintelingen zonder dat daar aanleiding voor is (paresthesie)
    • spierslapte (asthenie)
    • hartkloppingen (palpitaties)
    • pijn op de borst
    • spierkrampen
    • spierzwakte
    • misselijkheid
    • stoornissen in de spijsvertering (indigestie)
    • pijn in de buik
    • ontsteking van de alvleesklier gepaard gaande met heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug met misselijkheid en braken (pancreatitis)
    • droge mond
    • vluchtige huiduitslag (rash)
    • impotentie
    • stemmingsveranderingen
    • draaiduizeligheid (vertigo)
    • smaakstoornissen
    • slaapstoornissen
    • hartaanval (myocard infarct) of beroerte/herseninfarct, ook wel “attack” of hersenbloeding genoemd (cerebrovasculair accident), mogelijk als gevolg van een zeer lage bloeddruk (hypotensie) bij patiënten met een hoog risico (zie rubriek 2)
    • versnelde hartslag (tachycardie)
    • verkleuring van de vingers en tenen (ziekte van Raynaud)
    • irritatie en ontsteking van de neus (rhinitis)
    • jeuk
    • te hoog urinezuurgehalte in het bloed (hyperuricemie)
    • hoog creatininegehalte in het bloed, dat kan wijzen op een afgenomen nierwerking. Dit verdwijnt meestal na stopzetten van de behandeling.
    • afwijkende leverfunctietesten (verhoging leverenzymen)
    • te hoog kaliumgehalte in het bloed (hyperkaliëmie)

    Zelden:

    • overgevoeligheidsreacties zoals huidreacties en plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv. gezicht, armen en/of benen, lippen, tong, keel, strottenhoofd), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag (angioneurotisch oedeem). U moet stoppen met het innemen van Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA en onmiddellijk contact opnemen met uw arts als u verschijnselen van angioneurotisch oedeem krijgt (zie rubriek 2 “Wees extra voorzichtig met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA”).
    • een complex van symptomen, bestaande uit één of meerdere van de volgende bijwerkingen: koorts, ontsteking van een bloedvat (vasculitis), spierpijn (myalgie), gewrichtspijn (artralgie), gewrichtsontsteking (artritis), een positieve uitslag van een ANA-test (anti-nucleaire antilichaampjes test; een bloedonderzoek om auto- immuunziekten te detecteren), verhoogde bloedbezinking, bloedafwijkingen (veranderingen in het aantal bloedcellen) die gepaard kunnen gaan met het ontstaan van bijvoorbeeld uitslag (eosinofilie) of met een toename van de hoeveelheid witte bloedcellen (leukocytose), huiduitslag, overgevoeligheid voor licht of zonlicht (fotosensibiliteit) of andere huidaandoeningen
    • zeer ernstige bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose). Een duidelijke relatie tussen behandeling met lisinopril/hydrochloorthiazide en agranulocytose is momenteel niet vastgesteld.
    • bloedarmoede als gevolg van te grote afbraak van het bloed (hemolytische anemie)
    • afwijkende leverfunctietesten (verhogingen in serumbilirubine), hoewel een oorzakelijk verband met lisinopril/hydrochloorthiazide niet is aangetoond
    • lichte afname van hemoglobine en hematocriet (rode bloedcellen), die tot bloedarmoede (anemie) kunnen leiden. Deze werden vaak gemeld bij patiënten met een hoge bloeddruk, maar waren zelden klinisch belangrijk, tenzij er sprake was van andere oorzaken voor bloedarmoede.
    • geestelijke verwarring
    • huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (galbulten of urticaria)
    • haarverlies (alopecie)
    • terugkerende huidaandoening gepaard gaande met schilferende droge huiduitslag (psoriasis)
    • een schadelijke conditie veroorzaakt door nierfalen en gekenmerkt door ophoping van urinezuur (ureum) in het bloed (uremie)
    • acuut nierfalen
    • zwelling van de borsten bij mannen (gynaecomastie)
    • te laag natriumgehalte in het bloed (hyponatriëmie)

    Zeer zelden:

    • onderdrukking van de bloedcelaanmaak in het beenmerg (beenmergdepressie) zich uitend als een laag aantal rode bloedcellen (bloedarmoede (anemie)), een laag aantal bloedplaatjes (trombocytopenie) en/of een laag aantal witte bloedcellen (leukopenie)
    • een laag aantal van bepaalde witte bloedcellen, die neutrofiele granulocyten worden genoemd (neutropenie)
    • vergroting van de lymfeklieren (lymfadenopathie)
    • ziekte met afbraak van eigen weefsel (auto-immuunziekte)
    • te laag suikergehalte in het bloed (hypoglykemie)
    • benauwdheid door kramp van spieren in de luchtwegen (bronchospasmen)
    • ontsteking van de neusholten (sinusitis)
    • ontsteking van de longblaasjes door een overgevoeligheidsreactie (allergische alveolitis)
    • ophoping van bepaalde witte bloedcellen, die eosinofiele granulocyten worden genoemd, in de longen (eosinofiele pneumonie)
    • plotselinge vochtophoping in de darmen (intestinaal angio-oedeem)
    • ontsteking van de lever (hepatitis)
    • gele verkleuring van de huid of ogen (geelzucht (icterus)). Als u geelzucht ontwikkelt, moet u stoppen met Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA en uw onmiddellijk contact opnemen met uw arts.
    • leverfalen
    • overmatig zweten (diaforese)
    • met blaren gepaard gaande huidziekte (pemphigus)
    • ernstige, plotselinge (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (toxische epidermale necrolyse)
    • ernstige overgevoeligheidsreactie met (hoge) koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (Stevens-Johnson syndroom)
    • huiduitslag met rode onregelmatige vlekken (erythema multiforme)
    • afgenomen of afwezigheid van urineproductie (oligurie of anurie)

    Onbekende frequentie:

    • Lisinopril/HCT STADA kan de uitslagen van bloedonderzoek veranderen. Deze veranderingen zijn zelden klinisch belangrijk.
    • te hoog suikergehalte in het bloed (hyperglykemie)
    • te laag kaliumgehalte in het bloed (hypokaliëmie)
    • hoog cholesterolgehalte in het bloed
    • hoog triglyceridengehalte in het bloed
    • ontsteking van de speekselklieren (sialadenitis)
    • bloedarmoede doordat het beenmerg te weinig rode bloedcellen aanmaakt (aplastische anemie)
    • gebrek aan eetlust (anorexia)
    • aanwezigheid van suiker in de urine (glucosurie)
    • onrust
    • neerslachtigheid (depressie)
    • licht gevoel in het hoofd
    • afwijking van het gezichtsvermogen, waarbij alles een gele tint heeft (xanthopsie)
    • wazig zicht van voorbijgaande aard
    • onregelmatige hartslag (hartaritmieën)
    • ontsteking van de bloedvaten (angiitis/vasculitis (ook in de huid)), die kan leiden tot het afsterven van weefsel (necrose)
    • ademhalingsmoeilijkheden, waaronder longontsteking (pneumonitis) en vochtophoping in de longen (pulmonair oedeem)
    • maagirritatie
    • verstopping
    • overgevoeligheid voor licht of zonlicht (fotosensitiviteit)
    • veranderingen in de hoeveelheden water en zouten (elektrolyten) in het bloed
    • verschijnselen die lijken op een ontstekingsachtige ziekte van de huid (lupus-achtige verschijnselen) en (re)activering van onstekingsachtige ziekte van de huid, waarbij een vlindervormige uitslag in het gezicht en rode schilferende plekken op de huid ontstaan (cutane lupus erythematosus)
    • ernstige overgevoeligheidsreacties (anafylactische reacties)
    • ontsteking van de nieren (interstitiële nefritis)
    • koorts
    • zwakte

    Wanneer één van de bijwerkingen ernstig wordt of als er bij u een bijwerking optreedt, die niet in deze bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts of apotheker.

    Hoe bewaart u dit middel?

    Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.

    Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities.

    Gebruik Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA niet meer na de vervaldatum die staat vermeld op de strip na EXP. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.

    Geneesmiddelen dienen niet weggegooid te worden via het afvalwater of met huishoudelijk afval. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die niet meer nodig zijn. Deze maatregelen zullen helpen bij de bescherming van het milieu.

    Anvullende Informatie

    Wat bevat Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA

    De werkzame bestanddelen zijn lisinopril en hydrochloorthiazide.

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 10/12,5 mg:

    Eén Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA tablet bevat lisinoprildihydraat, overeenkomend met 10 mg lisinopril, en 12,5 mg hydrochloorthiazide.

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 20/12,5 mg:

    Eén Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA tablet bevat lisinoprildihydraat, overeenkomend met 20 mg lisinopril, en 12,5 mg hydrochloorthiazide.

    De andere bestanddelen zijn:

    • calciumwaterstoffosfaat dihydraat (E341)
    • magnesiumstearaat (E470b)
    • maïszetmeel
    • mannitol (E421)
    • colloïdaal watervrij silica (E551)

    Hoe ziet Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA er uit en wat is de inhoud van de verpakking

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA tabletten zijn witte, ronde, afgeschuinde tabletten met een breukstreep en met de opdruk C 10 of C 20 aan één kant.

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA is beschikbaar in kartonnen doosjes met 10, 14, 15, 20, 28, 30, 40, 50, 56, 60, 70, 80, 90, 98, 100, 200, 250, 400, 500 of 1000 tabletten in PVC/PVDC/aluminium doordrukstrips.

    Niet alle verpakkingsgroottes worden in de handel gebracht.

    Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

    Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

    STADA Arzneimittel AG Stadastrasse 2-18 D-61118 Bad Vilbel Duitsland

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 10/12,5 mg, tabletten is in Nederland ingeschreven onder nummer RVG 27667.

    Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 20/12,5 mg, tabletten is in Nederland ingeschreven onder nummer RVG 27668.

    Fabrikant

    STADA Arzneimittel AG

    Stadastrasse 2-18

    61118 Bad Vilbel (Duitsland)

    Centrafarm Services B.V.

    Nieuwe Donk 9

    4879 AC Etten-Leur

    Clonmel Healthcare Ltd.

    Waterford Road

    Clonmel, Co. Tipperary (Ierland)

    Sanico N.V.

    Veedijk 59

    Industriezone 4, B-2300 Turnhout (België)

    STADApharm GmbH

    Stadastrasse 2-18

    61118 Bad Vilbel (Duitsland)

    Aliud Pharma GmbH & Co. KG

    Gottlieb-Daimler-Str. 19

    89150 Laichingen (Duitsland)

    STADA Arzneimittel GmbH

    Muthgasse 36

    1190 Wien (Oostenrijk)

    PharmaCoDane ApS

    Marielundvej 46A

    2730 Herlev (Denemarken)

    Dit geneesmiddel is geregistreerd in lidstaten van de EEA onder de volgende namen:

    Nederland: Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 10/12,5 mg, tabletten Lisinopril/Hydrochloorthiazide STADA 20/12,5 mg, tabletten

    Duitsland:: Lisiplus STADA 10 mg/12,5 mg Tabletten Lisiplus STADA 20 mg/12,5 mg Tabletten

    Oostenrijk. Co-Lisinostad 10 mg/12,5 mg - Tabletten Co-Lisinostad 20 mg/12,5 mg – Tabletten

    België: Co-Lisinopril EG 10/12,5 mg-tabletten Co-Lisinopril EG 20/12,5 mg-tabletten

    Denemarken: Lisinoplus 10/12,5 mg Lisinoplus 20/12,5 mg

    Luxemburg: Co-Lisinipril EG 20/12,5 mg-tabletten

    Portugal: Lisinopril/Hidroclorotiazida Ciclum 20/12,5 mg comprimodos Zweden: Lisinopril/hydroklorotiazid Stada 10/12,5 mg tablets

    Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd in april 2009.

    Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK