Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Uw arts heeft vastgesteld dat u in uw maag een bacterie, Helicobacter pylori, heeft die voor een groot deel de oorzaak kan zijn van uw maagklachten. De bacterie is moeilijk te bestrijden. Daarom heeft uw arts u een kuur van 7 dagen voorgeschreven. U moet twee keer per dag 3 verschillende medicijnen innemen. Het is van groot belang dat u de medicijnen op de juiste tijdstippen inneemt en de kuur volledig afmaakt, ook als uw klachten al verdwenen zijn. Alleen dan kan de bacterie goed bestreden worden en is de kans klein dat hij nog terugkomt.

Pantoprazol is een maagzuurremmend middel. Claritromycine en amoxicilline zijn antibiotica. Tezamen vormt PantoPAC een geneesmiddel voor de bestrijding van Helicobacter pylori. Door de remming van de productie van het maagzuur wordt de bacterie gevoelig gemaakt voor de werking van de antibiotica.

PantoPAC is bestemd voor volwassen patiënten met een maag- of darmzweer en een infectie met Helicobacter pylori.

Het doel is de bacterie te doden en daardoor de kans op opnieuw optreden van de klachten te verminderen.

Tot op heden bestaat geen ervaring met behandeling bij kinderen.

Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?
  • Als u allergisch bent voor pantoprazol, gesubstitueerde benzimidazolen, macroliden zoals claritromycine of penicillinen zoals amoxicilline of voor één van de andere stoffen in één van de tabletten. U moet ook rekening houden met al bestaande allergie voor andere antibiotica.
  • Bij matige tot ernstige lever- of nieraandoeningen
  • Bij gelijktijdig gebruik van cisapride (bij darmaandoeningen), pimozide (bij ernstige geestesziekten), terfenadine of astemizol (tegen hooikoorts of allergieën), of ergotamine of dihydro-ergotamine (tegen migraine) bevattende producten
  • Als u een te laag kaliumgehalte in uw bloed heeft (hypokaliëmie)
  • Als u of iemand in uw familie bepaalde hartproblemen heeft waarbij het hartrimte ernstig verstoord kan zijn (verlengd QT-interval)
  • Als u bepaalde geneesmiddelen gebruikt die uw cholesterol verlagen (zoals lovastatine en simvastatine)
  • Als u een bepaalde virale aandoening heeft, zoals infectieuze mononucleosis of lymfatische leukemie
  • Als u een ernstige maagdarmaandoening heeft met daarbij braken en diarree
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
  • Als u zwanger bent of borstvoeding geeft
  • PantoPAC is niet bedoeld voor de behandeling van lichte maag- of darmklachten.
  • als uw nieren niet goed werken
  • Bij bepaalde lichamelijke (alarm)symptomen (zoals onbedoeld gewichtsverlies, herhaaldelijk braken, moeite met slikken, bloedbraken, bloedarmoede of bloed bevattende zwarte ontlasting) en wanneer een maagzweer wordt verdacht of aanwezig is, moet een kwaadaardige aandoening worden uitgesloten. PantoPAC kan namelijk verschijnselen van een kwaadaardige aandoening verbergen waardoor deze mogelijk te laat ontdekt wordt.
  • Als u verminderde lichaamsreserves heeft of risicofactoren voor een verminderde hoeveelheid vitamine B12 heeft en u langdurig met pantoprazol wordt behandeld. Zoals alle zuurverminderende middelen, kan pantoprazol tot een verminderde opname van vitamine B12 leiden.
  • Wanneer u overgevoelig bent voor antibiotica, meldt dit dan aan uw arts. Het kan zijn dat u overgevoelig bent voor één van de antibiotica in PantoPAC.
  • Ernstige diarree tijdens of na uw kuur kan wijzen op een ontsteking in uw darmen (pseudomembraneuze colitis). Neemt u in dit geval contact op met uw arts.
  • Als u lijdt aan diabetes. Uw glucosespiegels dienen zorgvuldig te worden gecontroleerd.
  • Wanneer u lijdt aan de ziekte van Pfeiffer of leukemie is de kans op overgevoeligheidsreacties voor penicilline veel groter.
  • Wanneer u ernstig ziek wordt tijdens de kuur moet u contact opnemen met uw arts. Het kan zijn dat een zeer ernstige infectie is ontstaan.
  • Het kan zijn dat u niet (meer) gevoelig bent voor deze behandeling, uw arts kan u hierover inlichtingen verstrekken.
  • Als u ernstige leverproblemen heeft. Indien u ooit problemen met uw lever heeft gehad, moet u dat aan uw arts vertellen. Deze zal uw leverenzymen vaker controleren.
  • Als u aan myasthenia gravis lijdt. De symptomen kunnen verergeren door het gebruik van claritromycine (een van de werkzame stoffen in PantoPAC)
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Gebruikt u naast PantoPAC nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen recept voor nodig heeft.

PantoPAC kan invloed hebben op de werkzaamheid van andere geneesmiddelen. Daarom moet u uw arts raadplegen als u gebruik maakt van één van onderstaande geneesmiddelen. De mogelijke wisselwerkingen zijn uitgesplitst per werkzame stof.

Pantozol
  • geneesmiddelen zoals ketoconazol, itraconazol en posaconazol (gebruikt bij de behandeling van schimmelinfecties) of erlotinib (gebruikt bij bepaalde vormen van kanker), omdat Pantozol ertoe kan leiden dat deze en andere geneesmiddelen niet goed werken.
  • warfarine en fenprocoumon, die invloed hebben op de stolling of verdunning van het bloed. Mogelijk moeten extra controleonderzoeken plaatsvinden.
  • atazanavir (wordt gebruikt om HIV-infectie te behandelen).
Claritromycine

De volgende middelen kunnen de werkzaamheid van claritromycine beïnvloeden (versterken of verminderen) of de werkzaamheid van deze middelen kan door claritromycine worden beïnvloed.

  • digoxine, kinidine of disopyramide, verapamil (bepaalde middelen bij hartaandoeningen);
  • warfarine, acenocoumarol (bloedverdunnende middelen);
  • ergotamine, dihydroergotamine of eletriptan (bepaalde middelen tegen migraine);
  • carbamazepine, valproaat, fenobarbital, of fenytoïne (middelen bij epilepsie of bipolaire stoornis (manische depressie));
  • colchicine (bij jicht);
  • theofylline (voor astma of emfyseem);
  • terfenadine of astemizol (bij hooikoorts of allergie);
  • St. Jans Kruid (bij neerslachtigheid)
  • lovastatine, simvastatine (cholesterol verlagende middelen)
  • triazolam, alprazolam of midazolam (bij angst of om te kunnen slapen);
  • cisapride of omeprazol (bepaalde middelen bij maagaandoeningen);
  • pimozide of ziprasidon (bij schizofrenie of andere geestesziekten);
  • zidovudine, ritonavir, atazanavir, saquinavir, nevirapine of efavirenz (bij hiv);
  • rifabutine en rifapentine (antibiotica die tegen bepaalde infecties worden gebruikt);
  • itraconazol of fluconazol (bij schimmelinfecties);
  • sildenafil, tadalafil of vardenafil (bij erectiestoornissen);
  • tolterodine (bij blaasproblemen);
  • methylprednisolon (een steroïde om ontsteking te behandelen);
  • vinblastine (bij de behandeling van kanker);
  • ciclosporine, sirolimus, tacrolimus (middelen om het afweersysteem te onderdrukken)
  • aprepitant (om braken tijdens chemotherapie te voorkomen);
  • cilostazol (om de bloedsomloop in de benen te verbeteren);
  • rifampicine (voor de behandeling van tuberculose);
  • halofantrine (middel tegen malaria).
Amoxicilline
  • allopurinol (middel gebruikt bij jicht): u kunt een groter risico op huidreacties hebben;
  • methotrexaat (middel gebruikt bij o.a. artritis): de giftigheid van methotrexaat kan toenemen;
  • digoxine (middel gebruikt bij bepaalde hartziektes): de opname van digoxine kan toenemen;
  • anticoagulantia (om bloedklontering tegen te gaan) zoals coumarine: de bloedingsneiging kan toenemen;
  • “de pil”: er bestaat een risico dat de werking van de pil niet optimaal is. Daarom wordt aangeraden extra voorzorgen te nemen om zwangerschap te voorkomen (bijvoorbeeld het gebruik van een condoom).
  • De pijnstillende en ontstekingsremmende middelen fenylbutazon, oxyfenbutazon, acetylsalicylzuur en indomethacine vertragen de uitscheiding van amoxicilline uit het lichaam. Ook probenecide en sulfinpyrazon (middelen tegen jicht) doen dit.
  • Amoxicilline mag niet gelijktijdig worden gebruikt met bepaalde typen antibiotica (zoals tetracylinen, macroliden en chlooramfenicol). De combinatie met claritromycine zoals in PantoPAC voor eradicatie van H. Pylori is echter wel zinvol.

Let op, bovenstaande (genees)middelen kunnen bij u bekend zijn onder een andere naam, vaak de merknaam. In deze rubriek wordt alleen de werkzame stof of therapeutische groep van het (genees)middel genoemd en niet de merknaam. Kijk daarom altijd goed op de verpakking en in de bijsluiter van de (genees)middelen die u al gebruikt, wat de werkzame stof of therapeutische groep is van dat middel.

Waar moet u op letten met eten en drinken?

Gebruik liever geen alcohol, omdat alcohol vaak een negatief effect heeft op maagklachten.

Zwangerschap en borstvoeding

Vraag uw arts of apotheker om advies voordat u een geneesmiddel inneemt.

PantoPAC mag niet gebruikt worden tijdens de zwangerschap, tenzij uw arts dit strikt noodzakelijk vindt. Wanneer u borstvoeding geeft mag u uitsluitend in overleg met uw arts PantoPAC gebruiken.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Er is geen invloed bekend van PantoPAC op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken. Wees echter voorzichtig wanneer de bijwerkingen duizeligheid, verwarring, desorientatie of problemen met zien optreden.

Hoe gebruikt u dit middel?

Gebruik dit middel altijd precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

Neem de tabletten ’s morgens 1 uur voor het ontbijt en ’s avonds voor de avondmaaltijd in met een ruime hoeveelheid water.

De pantoprazol tablet heeft een speciaal laagje dat de tablet beschermt tegen maagzuur. Die tablet moet heel doorgeslikt worden, zonder kauwen of breken.

De andere twee tabletten mogen, indien gewenst, gebroken worden.

  • De gebruikelijke dosering is:

2 maal per dag 1 tablet pantoprazol, 1 tablet amoxicilline en 1 tablet claritromycine.

  • Patiënten met matige of ernstige lever- of nierziekten:

Voor patiënten met een matige of ernstige lever- of nierziekte is PantoPAC, als combinatiemiddel niet geschikt. De arts moet de dosering van ieder geneesmiddel apart bepalen.

Uw arts zal u vertellen hoelang u PantoPAC zult moeten gebruiken.

De kuur duurt over het algemeen 7 dagen en kan worden verlengd tot maximaal 2 weken.

De kuur moet geheel worden afgemaakt, ook als de pijnklachten al eerder zijn verdwenen.

Als de kuur niet geheel wordt afgemaakt, bestaat de kans dat de bacterie overleeft. Deze kan dan opnieuw klachten veroorzaken. Ook kan de bacterie ongevoelig worden voor de antibiotica, waardoor hij in de toekomst moeilijker kan worden bestreden.

Heeft u te veel van dit middel gebruikt?

Het is verstandig bij vermoeden van (al dan niet opzettelijke) overdosering zo spoedig mogelijk contact op te nemen met uw arts.

De symptomen van overdosering zijn misselijkheid, braken en diarree met kans op uitdroging.

Bent u vergeten dit middel te gebruiken?

De kans op succes van de behandeling is het grootst als u zich zeer precies aan de gebruiksaanwijzingen houdt. Mocht u toch een dosering zijn vergeten, dan moet u deze in de loop van de dag of avond alsnog innemen. De volgende tabletten neemt u dan weer op het normale tijdstip. Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.

Als u stopt met het gebruik van dit middel

Als u nog vragen heeft over het innemen van dit geneesmiddel, vraag dan uw arts of apotheker. Alleen in uiterste noodzaak mag de kuur voortijdig worden beëindigd.

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals elk geneesmiddel kan PantoPAC bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. Krijgt u veel last van een bijwerking? Of heeft u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

PantoPAC bevat drie verschillende medicijnen, die elk hun eigen bijwerkingen kunnen geven. De bijwerkingen zijn meestal van voorbijgaande aard en verdwijnen gedurende het verdere verloop van de behandeling.

Bijwerkingen kunnen:

  • zeer vaak voorkomen (bij meer dan 1 op de 10 patiënten);
  • vaak voorkomen (bij meer dan 1 op de 100, maar bij minder dan 1 op de 10 patiënten);
  • soms voorkomen (bij meer dan 1 op de 1.000, maar bij minder dan 1 op de 100 patiënten);
  • zelden voorkomen (bij meer dan 1 op de 10.000, maar bij minder dan 1 op de 1.000 patiënten);
  • zeer zelden voorkomen (bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten).
  • onbekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

Bijwerkingen die kunnen voorkomen bij gebruik van pantoprazol:

Soms voorkomende bijwerkingen:

  • diarree; misselijkheid of braken; opgezette buik en opgeblazen gevoel; verstopping; droge mond; pijn in de bovenbuik
  • zwakte; vermoeidheid en gevoel van onwel zijn
  • verhoging van leverenzymen (transaminasen, γ-GT)
  • hoofdpijn; duizeligheid
  • slaapproblemen
  • uitbraak van jeukende huiduitslag; jeuk

Zelden voorkomende bijwerkingen:

  • borstvorming bij mannen
  • verhoogde lichaamstemperatuur; hoge koorts; vochtophoping in armen en benen
  • verhoging van de hoeveelheid bilirubine in het lichaam
  • sterke daling van de circulerende granulaire witte bloedcellen, gepaard gaand met hoge koorts
  • overgevoeligheid (inclusief allergische reactie en anafylactische shock)
  • verhoging van de hoeveelheid triglyceriden en cholesterol (een soort vet) in het bloed; gewichtsveranderingen
  • gewrichtspijn (artralgie); spierpijn
  • volledig gebrek aan of gewijzigde smaak
  • verstoord zicht of wazig zien
  • depressie
  • huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes; plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv. keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als allergische reactie (angio-oedeem)

Zeer zelden voorkomende bijwerkingen:

  • bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie), bloedafwijking (tekort aan bloedplaatjes) gepaard gaande met blauwe plekken en bloedingsneiging (trombocytopenie)
  • een combinatie van abnormale afname van het aantal rode en witte bloedcellen, evenals van de bloedplaatjes
  • desoriëntatie

Bijwerkingen met onbekend voorkomen:

  • schade aan de levercellen (hepatocellulaire schade), geelzucht, niet goed werken van de lever (leverfalen)
  • te weinig natrium in het bloed (hyponatriëmie)
  • waarnemingen van dingen die er niet zijn (hallucinaties); verwardheid
  • ontsteking van de nieren gepaard gaande met bloed in de urine, koorts en pijn in de flanken (interstitiële nefritis)
  • ernstige overgevoeligheidsreactie met (hoge) koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (Stevens-Johnson syndroom), ernstige, acute (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (Lyell syndroom), huiduitslag met rode onregelmatige vlekken (erythema multiforme), overgevoeligheid voor licht of zonlicht (fotosensitiviteit)

Bijwerkingen die kunnen voorkomen bij gebruik van claritromycine:

Vaak voorkomende bijwerkingen:

  • slapeloosheid
  • smaakstoornis waarbij smaken veranderd kunnen worden waargenomen (dysgeusie); hoofdpijn; smaakverandering
  • diarree; braken; zuurbranden (dyspepsie); misselijkheid; buikpijn
  • abnormale waarden in leverfunctie- en laboratoriumtesten
  • huiduitslag; overmatig zweten

Soms voorkomende bijwerkingen:

  • schimmelinfectie in de mond of vagina (candidiasis); vaginale infectie
  • vermindering van het aantal witte bloedcellen (leukopenie); bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (neutropenie); vermeerdering van bepaalde cellen in het bloed (eosinofilie)
  • overgevoeligheidsreactie
  • gebrek aan eetlust; verminderde eetlust
  • angst
  • duizeligheid; slaperigheid; onwillekeurige samentrekkingen van de spieren (tremor)
  • draaiduizeligheid; verminderd gehoor; oorsuizen
  • bepaalde verandering van het hartpatroon op het hartfilmpje (QT-verlenging); hartkloppingen (palpitaties)
  • maagontsteking; ontsteking van het mondslijmvlies; ontsteking van de tong; opgezette buik; verstopping; droge mond; oprispingen; winderigheid
  • verstopping of verstoring van de galafvoer (cholestase); leverontsteking (hepatitis) gepaard gaande met geelzucht (gele verkleuring van de huid of ogen); verhoogde concentraties van bepaalde stoffen en/of enzymen in het bloed
  • jeuk; huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes
  • algehele staat van ongemak, vermoeidheid of ziekte (malaise); zwakte; pijn op de borst; koude rillingen; vermoeidheid

Bijwerkingen met onbekend voorkomen:

  • acute ontsteking van de alvleesklier; verkleuring van de tanden; ontsteking aan de dikke darm (pseudomembraneuze colitis); wondroos; hardnekkige, rode en gele jeukende huidplekken met uitslag, vooral daar waar twee huidoppervlakken elkaar raken (erythrasma)
  • zeer ernstige bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose); een tekort aan bloedplaatjes waardoor bloeding minder goed wordt gestelpt (trombocytopenie)
  • allergische reactie die soms kan leiden tot moeilijkheden met ademhalen, lage bloeddruk en zwelling van het gezicht en de keel (anafylactische reactie)
  • te weinig suiker in het bloed (hypoglykemie)
  • psychotische stoornis; verwardheid; vervreemding van zichzelf of van het eigen gevoel (depersonalisatie); depressie; desoriëntatie; waarnemingen van dingen die er niet zijn (hallucinaties); abnormale dromen
  • toevallen/stuipen (convulsies); smaakveranderingen; reukveranderingen; niet kunnen ruiken (anosmie)
  • doofheid
  • bepaalde ernstige hartritmestoornis (Torsade de Pointes); versnelde hartslag
  • bloedingen
  • acute ontsteking van de alvleesklier gepaard gaande met heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug en misselijkheid en braken (acute pancreatitis); verkleuring van de tong; verkleuring van de tanden
  • onvoldoende werking van de lever (leverfalen); geelzucht
  • ernstige overgevoeligheidsreactie met hoge koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (Stevens-Johnson syndroom); ernstige, plotselinge (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (toxisch epidermale necrolyse); ernstige overgevoeligheidsreacties gekenmerkt door huiduitslag met koorts en ontsteking van organen zoals hepatitis (DRESS syndroom); puistjes (acné)
  • afbraak van spierweefsel gepaard gaande met spierkrampen, koorts en roodbruine verkleuring van de urine (rhabdomyolyse); spieraandoeningen
  • onvoldoende werking van de nieren (nierfalen); ontsteking van de nieren (interstitiële nefritis)
  • verlenging van de bloedingstijd, verlenging van de stollingstijd; abnormale verkleuring van de urine

Bijwerkingen die kunnen voorkomen bij gebruik van amoxicilline:

Zeer vaak voorkomende bijwerkingen:

 maagpijn; drukkend gevoel op de maag

Vaak voorkomende bijwerkingen:

  • maagklachten; misselijkheid; braken; verminderde eetlust; winderigheid; smaakstoornissen; droge mond; uitslag op de slijmvliezen (enantheem), vooral rond de mond; diarree of zachte ontlasting
  • huiduitslag met hevige jeuk en vorming van bultjes (urticaria); allergische huidreacties zoals rode jeukende vlekjes of bloeduitstortinkjes (morbiliform exantheem). Deze huiduitslag lijkt op de mazelen en treedt een aantal (5 tot 11) dagen na het begin van de behandeling op. Indien de rode vlekjes meteen na het gebruik van de tabletten optreden duidt dit op een penicilline allergie en dient u het gebruik van PantoPAC te stoppen en uw arts te waarschuwen.

Soms voorkomende bijwerkingen:

  • superinfecties veroorzaakt door ongevoelige bacteriën of schimmels (zoals orale of vaginale spruw)
  • matige stijging van leverenzymen

Zelden voorkomende bijwerkingen:

  • toename van bepaalde witte bloedcellen (eosinofilie); ongewone afbraak van rode bloedcellen (hemolytische anemie)
  • vochtophoping in het strottenhoofd; ziekte met koorts, spierpijn en huiduitslag als gevolg van een injectie met serum (deel van het bloed dat overblijft nadat alle cellen en eiwitten verwijderd zijn die een rol spelen in de bloedstolling) (serumziekte); ontsteking van de bloedvaten ten gevolge van een overgevoeligheidsreactie soms gepaard gaande met een aandoening van de luchtwegen en de nieren (allergische vasculitis); shock (sterke daling van de bloeddruk, bleekheid, onrust, zwakke snelle pols, klamme huid, verminderd bewustzijn) door een plotselinge sterke vaatverwijding ten gevolge van ernstige overgevoeligheid voor bepaalde stoffen (anafylactische shock)
  • duizeligheid; hyperactiviteit; toevallen/stuipen (convulsies)
  • oppervlakkige tandverkleuring. De verkleuring kan verwijderd worden door tandenpoetsen; bloederige ontsteking van de dikke darm
  • leverontsteking (hepatitis) en/of gele verkleuring van de huid of ogen door galstuwing (cholestatische geelzucht)
  • plotselinge vochtophoping in de huid en slijmvliezen (bijv. keel of tong), ademhalingsmoeilijkheden en/of jeuk en huiduitslag, vaak als allergische reactie (angioneurotisch oedeem); huiduitslag met rode vochtige onregelmatige vlekken (erythema exsudativum multiforme); plotseling opkomende blaasjes gevuld met etter; ernstige, acute (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren op de huid/vervelling van de huid (Lyell syndroom); ernstige overgevoeligheidsreactie met (hoge) koorts, rode vlekken op de huid, gewrichtspijnen en/of oogontsteking (Stevens-Johnson syndroom); ernstige, plotselinge (overgevoeligheids)reactie gepaard gaande met koorts en blaren

op de huid/vervelling van de huid (toxisch epidermale necrolyse); huidontsteking waarbij de bovenste huidlagen afschilferen of waarbij blaarvorming optreedt

  • ontsteking van de nieren (interstitiële nefritis), kristallen in de urine
  • geneesmiddelgerelateerde koorts

Zeer zelden voorkomende bijwerkingen:

  • bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (leukopenie); bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (neutropenie); bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met verhoogde gevoeligheid voor infecties (granulocytopenie); bloedafwijking (tekort aan bloedplaatjes) gepaard gaande met blauwe plekken en bloedingsneiging (trombocytopenie); te laag aantal cellen in het bloed (pancytopenie); bloedarmoede (anemie); remming van de vorming van beenmerg; zeer ernstige bloedafwijking (tekort aan witte bloedlichaampjes) gepaard gaande met plotselinge hoge koorts, heftige keelpijn en zweertjes in de mond (agranulocytose); verlenging van de bloedings- en stollingstijd
  • ontsteking van de dikke darm (pseudomembraneuze colitis); zwarte verkleuring van de tong

Bijwerkingen met onbekend voorkomen:  jeuk rond de anus

Hoe bewaart u dit middel?

PantoPAC bewaren op een droge plek, beneden 25°C, in de originele verpakking. Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit middel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en op de doordrukstrip na “niet te gebruiken na”. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.

Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die niet meer nodig zijn. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu.

Anvullende Informatie

PantoPAC bevat drie verschillende medicijnen:

  • maagsapresistente tablet met pantoprazol-natrium-sesquihydraat, overeenkomend met 40 mg pantoprazol per tablet.
  • omhulde tablet met amoxicilline-trihydraat, overeenkomend met 1000 mg watervrij amoxicilline per tablet.
  • omhulde tablet met 500 mg claritromycine per tablet

De andere bestanddelen:

  • De pantoprazoltablet bevat natriumcarbonaat, mannitol (E421), crospovidon, polyvidon K25, polyvidon K90, calciumstearaat, propyleenglycol, hypromellose, polysorbaat 80, methacrylzuur- ethylacrylaat copolymeer (1:1), natriumlaurylsulfaat, triëthylcitraat, titaandioxide (E171), ijzeroxide (E172) en drukinkt (shellac, rood, zwart en geel ijzeroxide (E172), geconcentreerde ammoniakoplossing).
  • De amoxicillinetablet bevat polyvidon K25, natriumzetmeelglycolaat, magnesiumstearaat (E570b), microkristallijne cellulose (E460), methylhydroxypropylcellulose, talk, titaandioxide (E171).
  • De claritromycinetablet bevat Microkristallijne cellulose (E460), croscarmellose natrium, povidon, talk, colloidaal watervrij silicium, magnesiumstearaat (E470b), hypromellose (E464), propyleenglycol, titaniumdioxide (E171), hydroxypropylcellulose, sorbitanmono-oleaat, vanilline, chinolinegeel (E104).
Hoe ziet PantoPAC eruit en hoeveel zit er in een verpakking?

De pantoprazoltabletten zijn klein, ovaal en lichtgeel met de opdruk P 40.

De amoxicillinetabletten zijn langwerpig ovaal, wit tot crèmewit van kleur en hebben een breukgleuf. De claritromycinetabletten zijn langwerpig en lichtgeel.

PantoPAC is verpakt in zeven doordrukstrips met 2 maal 3 tabletten.

Elke doordrukstrip bevat de dosering voor één dag. De tabletten in het lichtblauwe deel van de strip zijn voor de ochtenddosering en die in het donkerblauwe deel zijn voor de avonddosering. Het geheel is tezamen met de bijsluiter verpakt in een kartonnen omdoos.

Inschrijving in het register onder RVG 23316.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

Takeda Nederland bv Jupiterstraat 250 2132 HK Hoofddorp Tel (023) 5668777

Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd in maart 2013.

Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK