Auteur: Pfizer


Lange informatie

Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Torisel bevat de werkzame stof temsirolimus.

Temsirolimus is een selectieve remmer van mTOR (“mammalian target of rapamycin”) dat de tumorcelgroei en -deling blokkeert.

Torisel wordt gebruikt om de volgende types kanker te behandelen bij volwassenen:

  • Uitgezaaide kanker van de nier (nierkanker).
  • Eerder behandelde mantelcellymfoom, een type kanker die de lymfeklieren aantast.
Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

  • U bent allergisch voor één van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
  • U bent allergisch voor sirolimus (gebruikt om te voorkomen dat het lichaam getransplanteerde nieren afstoot), aangezien sirolimus vrijkomt in het lichaam bij gebruik van temsirolimus.
  • U heeft mantelcellymfoom en leverproblemen.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Neem contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige voordat u dit middel gebruikt:

  • Als u allergisch bent voor antihistaminica of als u antihistaminica niet kunt innemen vanwege andere medische redenen. Antihistaminica worden gegeven om een allergische reactie op Torisel te helpen voorkomen, waaronder enkele levensbedreigende en zeldzame fatale allergische reacties. Bespreek alternatieven met uw arts.
  • Als u een tumor in uw hersenen of in het ruggenmerg, problemen met bloeding of een bloeduitstorting heeft of heeft gehad of als u antistollingsmiddelen inneemt (zoals warfarine en acenocoumarol). Torisel kan tot een verhoogd risico op een hersenbloeding leiden. Vertel uw arts als u bloedverdunnende geneesmiddelen inneemt of als u een bloeding of bloeduitstorting krijgt terwijl u Torisel gebruikt.
  • Als u kortademig bent, hoest en/of koorts heeft. Torisel kan uw afweersysteem verzwakken. U kunt een hoger risico hebben op infecties van het bloed, de huid, de bovenste luchtwegen (waaronder longontsteking) en/of de urinewegen terwijl u Torisel gebruikt. Vertel uw arts als u nieuwe symptomen krijgt of als uw symptomen verergeren of als u geneesmiddelen gebruikt of onlangs heeft gebruikt die uw immuunsysteem verzwakken.
  • Als u een ontsteking van de longen heeft of heeft gehad. Torisel kan niet-specifieke interstitiële longontsteking veroorzaken. Sommige patiënten hadden geen symptomen of hadden minimale symptomen. Daarom kan uw arts een longonderzoek aanraden middels een computertomografiescan of radiografie van uw borst vóór en tijdens de behandeling met Torisel. Vertel uw arts onmiddellijk als u nieuwe of erger wordende ademhalingsymptomen krijgt, zoals kortademigheid of moeite met ademhalen.
  • Als u alcohol drinkt of een alcoholprobleem hebt. Torisel bevat alcohol en kan schadelijk zijn voor mensen die alcohol drinken of mensen met een alcoholprobleem. Vertel uw arts als u een alcoholprobleem heeft of als u alcohol drinkt (zie rubriek ‘Torisel bevat ethanol’).
  • Als u nierproblemen heeft of heeft gehad. Uw arts zal uw nierfunctie controleren.
  • Als u leverproblemen heeft of heeft gehad. Vertel uw arts als u een van de volgende klachten en symptomen van leverproblemen krijgt terwijl u Torisel gebruikt: jeuk, gele ogen of huid, donkere urine en pijn of ongemak rechtsboven in uw buik. Uw arts zal bloedtesten doen om uw leverfunctie te controleren en kan dan beslissen de dosis Torisel te verlagen.
  • Als u verhoogd cholesterol heeft of heeft gehad. Torisel kan triglyceriden en/of cholesterol verhogen. Dit kan behandeling met lipideverlagende middelen vereisen (geneesmiddelen die gebruikt worden om cholesterol in het bloed te verlagen).
  • Als u geopereerd moet worden of als u recentelijk een operatie heeft ondergaan. Torisel kan het risico op problemen met wondgenezing verhogen. Over het algemeen zal de behandeling met Torisel stoppen als u geopereerd moet worden. Uw arts zal beslissen wanneer Torisel weer gestart kan worden.
  • Als u van plan bent gevaccineerd te worden tijdens de behandeling met Torisel. Een vaccinatie kan minder effectief zijn of het gebruik van vaccinaties tijdens de behandeling met Torisel dient vermeden te worden.
  • Als u ouder bent dan 65 jaar. U heeft waarschijnlijk meer kans op het krijgen van bepaalde bijwerkingen, waaronder zwelling van het gezicht, diarree, longontsteking, angst, depressie, kortademigheid, verminderd aantal witte cellen in het bloed, spierpijn, verandering in de smaak, bovenste luchtweginfectie, vocht rond de longen, zweren en ontsteking in de mond en/of het spijsverteringskanaal, loopneus, duizeligheid en infecties.
  • Torisel kan de hoeveelheid glucose in uw bloed verhogen en diabetes mellitus verergeren. Dit kan resulteren in de behoefte aan insuline en/of orale middelen tegen diabetes. Vertel uw arts als u overmatig dorst heeft of als u vaker en meer moet plassen.
  • Torisel kan een verlaging veroorzaken van de hoeveelheid bloedcellen die helpen bij de bloedstolling en het tegengaan van infecties, wat het risico op bloeding/bloeduitstorting en infectie kan vergroten (zie rubriek ‘Mogelijke bijwerkingen’).
  • Als u oogproblemen heeft of heeft gehad, zoals staar. Uw arts kan een oogonderzoek voorschrijven vóór en tijdens de behandeling met Torisel.

Kinderen en jongeren tot 18 jaar

Geef dit geneesmiddel niet aan kinderen en jongeren tot 18 jaar omdat uitgezaaide kanker van de nier en mantelcellymfoom voor deze patiënten niet relevant zijn en het geneesmiddel bij andere kankers niet werkte.

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Gebruikt u naast Torisel nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of apotheker.

Sommige geneesmiddelen kunnen een wisselwerking aangaan met de afbraak of omzetting van Torisel en daarom kan een aanpassing van de dosis Torisel nodig zijn. In het bijzonder dient u uw arts of apotheker te informeren als u een van de volgende geneesmiddelen gebruikt:

  • proteaseremmers, gebruikt bij de behandeling van Humaan Immunodeficiëntie Virus (HIV)
  • antibiotica (waaronder rifampine) of antischimmel geneesmiddelen (waaronder itraconazol, ketoconazol en voriconazol), gebruikt om infecties te behandelen
  • nefazodon of selectieve serotonine heropnameremmers, gebruikt voor de behandeling van depressie
  • anti-epileptische geneesmiddelen, waaronder carbamazepine, fenytoïne en fenobarbital
  • rifabutine, gebruikt om infecties bij mensen met HIV en andere aandoeningen te behandelen
  • kruidengeneesmiddelen of natuurlijke middelen die Sint-Janskruid (Hypericum perforatum) bevatten, gebruikt voor de behandeling van milde neerslachtigheid
  • angiotensine converterend enzym (ACE)-remmers (zoals enalapril, ramipril, lisinopril), gebruikt voor de behandeling van verhoogde bloeddruk of andere cardiovasculaire aandoeningen
  • amfifiele geneesmiddelen, gebruikt voor de behandeling van hartaritmieën (zoals amiodaron) of statines gebruikt, voor de behandeling van een hoog cholesterolgehalte
  • sunitinib, gebruikt voor de behandeling van nierkanker
  • geneesmiddelen die P-gp-substraten zijn (zoals digoxine, vincristine, colchicine, dabigatran, lenalidomide, paclitaxel)

Waarop moet u letten met eten en drinken?

  • Grapefruit en grapefruitsap kunnen de concentraties van Torisel in het bloed verhogen en dienen vermeden te worden.

Zwangerschap en borstvoeding

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Torisel is niet onderzocht bij zwangere vrouwen en mag niet tijdens de zwangerschap worden gebruikt.

Vrouwen in de vruchtbare leeftijd dienen zwangerschap te voorkomen door tijdens de behandeling met Torisel gebruik te maken van een effectieve manier van geboorteregeling. Mannen met vruchtbare partners dienen medisch verantwoorde anticonceptie te gebruiken tijdens behandeling met Torisel.

Vrouwen dienen geen borstvoeding te geven tijdens de behandeling met Torisel, aangezien dit geneesmiddel de groei en ontwikkeling van de baby kan belemmeren.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Torisel heeft geen bekende invloed op de rijvaardigheid en het gebruik van machines. Echter, zich ziek voelen (misselijkheid en braken) en moeite met in slaap vallen of doorslapen zijn zeer vaak voorkomende bijwerkingen. Als u zich ziek voelt (misselijkheid en braken) of als u moeite hebt om in slaap te vallen of door te slapen let dan extra op als u een voertuig bestuurt of machines gebruikt.

Bij patiënten die een hogere dosis Torisel krijgen voor de behandeling van mantelcellymfoom kan de hoeveelheid alcohol in dit geneesmiddel de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen aantasten (zie rubriek ‘Torisel bevat ethanol’ (alcohol)).

Torisel bevat ethanol (alcohol)

Dit geneesmiddel bevat ethanol (alcohol), equivalent aan 17,6 ml bier of 7,3 ml wijn per 25 mg dosis. Patiënten die de hogere 175 mg dosis Torisel krijgen voor de initiële behandeling van mantelcellymfoom kunnen een dosis ethanol krijgen die equivalent is aan maximaal 123 ml bier of 51 ml wijn per dosis. Het is schadelijk voor hen die lijden aan alcoholisme.

Dit moet in acht worden genomen bij zwangeren of vrouwen die borstvoeding geven, kinderen en groepen met een hoog risico zoals patiënten met leveraandoeningen of epilepsie. De hoeveelheid alcohol in dit geneesmiddel kan uw rijvaardigheid verminderen of de effecten van andere geneesmiddelen veranderen (zie rubrieken ‘Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?’ en ‘Rijvaardigheid en het gebruik van machines’).

Hoe gebruikt u dit middel?

Torisel zal altijd bereid en via een intraveneuze infusie (in uw ader) toegediend worden door een arts of een andere medisch deskundige.

Ongeveer 30 minuten voorafgaand aan uw dosis Torisel dient aan u een antihistaminicum per injectie direct in uw ader te worden gegeven (om een allergische reactie op Torisel te proberen te voorkomen).

Torisel 30 mg concentraat dient eerst te worden verdund met 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel om een concentraat van 10 mg/ml te verkrijgen, voordat het wordt toegevoegd aan een 9 mg/ml (0.9%) natriumchlorideoplossing voor injectie (zie verdunningsinstructies aan het einde van deze bijsluiter).

Bij nierkanker is de aanbevolen dosering eenmaal per week 25 mg als druppelinfuus gedurende 30 tot 60 minuten.

Bij mantelcellymfoom is de aanbevolen dosering 175 mg eenmaal per week als druppelinfuus gedurende 30 tot 60 minuten gedurende 3 weken, gevolgd door een dosering van 75 mg eenmaal per week als druppelinfuus gedurende 30 tot 60 minuten.

Behandeling met Torisel dient te worden voortgezet totdat u niet langer meer gebaat bent bij de behandeling of totdat onaanvaardbare bijwerkingen optreden.

Aangezien dit geneesmiddel door een medisch deskundige wordt bereid en toegediend is het onwaarschijnlijk dat u teveel toegediend krijgt of dat u een dosis mist.

Als u hierover twijfels heeft, vertel dit dan onmiddellijk aan uw arts.

Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. Bijwerkingen kunnen erger zijn tijdens de hogere dosering van 175 mg per week tijdens het begin van de behandeling voor mantelcellymfoom.

De belangrijkste bijwerkingen die u kunt krijgen tijdens de behandeling met Torisel zijn hieronder vermeld. Als u een van deze bijwerkingen krijgt, zoek dan onmiddellijk medisch advies.

Allergische reacties

U moet het uw arts of verpleegkundige onmiddellijk vertellen als u symptomen van angio-oedeem heeft, zoals een gezwollen gezicht, tong of keel, en moeite met ademhalen.

Als u een van deze symptomen krijgt tijdens de toediening van Torisel zal uw arts of verpleegkundige het infuus stoppen.

Hersenbloeding

U moet onmiddellijk medisch advies zoeken als u zich verward voelt, ongebruikelijk moe, als u moeite heeft met praten of slikken en als uw pupillen een verschillende grootte hebben. Deze symptomen kunnen veroorzaakt worden door een hersenbloeding.

Punctie, scheur of gat in de darm

U moet onmiddellijk medisch advies zoeken als u acute buikpijn, hoge koorts heeft, misselijk bent en moet braken, bloed in de ontlasting heeft. Deze symptomen kunnen veroorzaakt worden door een darmperforatie.

Nierfalen

U moet onmiddellijk medisch advies zoeken als u last heeft van algehele zwelling, kortademigheid, moeheid. Deze symptomen kunnen veroorzaakt worden door een plotselinge afname van de nierfunctie.

Longembolie

U moet onmiddellijk medisch advies zoeken als u kortademig bent, pijn op de borst heeft, bloed ophoest, een snelle hartslag heeft, misselijk bent, flauwvalt, zweet, een piepende ademhaling en een klamme of blauwige huid heeft. Deze symptomen kunnen veroorzaakt worden door een bloedstolsel in uw longen.

U moet het ook onmiddellijk uw arts vertellen

  • Als u hoest, pijn op de borst, moeite met ademhalen heeft. Uw arts kan een röntgenopname van de borst voorschrijven.
  • Als het aantal witte bloedcellen in het bloed is afgenomen. Dit kan het risico op koorts en infecties verhogen.
  • Als het aantal bloedplaatjes (een type cel in het bloed dat helpt bij de bloedstolling) is afgenomen. Dit kan het risico op bloeding in uw lichaam verhogen.
  • Als de cholesterol- en triglyceridenwaarden in uw bloed zijn verhoogd.
  • Als u heel erge dorst krijgt of een toename in frequentie en hoeveelheid van urineren. Uw arts kan u insuline en/of orale antidiabetische geneesmiddelen voorschrijven.
  • Als u recent geopereerd bent. Uw arts kan de toediening van Torisel uitstellen tot de wond geheel is genezen omdat dit geneesmiddel het genezingsproces van bestaande wonden kan belemmeren.

Andere bijwerkingen van Torisel kunnen zijn:

Zeer vaak voorkomende bijwerkingen (kunnen bij meer dan 1 op de 10 patiënten optreden):

Algeheel gevoel van zwakte, koude rillingen, zwelling als gevolg van het vasthouden van vocht, pijn (waaronder buikpijn, rugpijn, borstpijn en gewrichtspijn), misselijkheid en braken, diarree, verstopping, hoofdpijn, koorts, zweertjes en ontsteking in de mond en/of het maag-darmkanaal, hoest,

longontsteking, neusbloeding, huiduitslag, jeuk, droge huid, verminderde eetlust, kortademigheid, lage kaliumwaarden in het bloed (dat spierzwakte kan veroorzaken), laag aantal rode bloedcellen, verminderd aantal witte bloedcellen van een type dat geassocieerd is met een verhoogde kans op infecties, hoog bloedsuikergehalte, hoge cholesterolwaarden, hoge triglyceridewaarden, abces, infecties (waaronder ooginfectie, griep, virale infecties, bronchitis), abnormale nierfunctie (waaronder nierfalen), bloedtesten die aantonen dat de werking van de nier verandert, smaakverandering, problemen met in slaap vallen, laag aantal bloedplaatjes dat bloeding en bloeduitstorting kan veroorzaken.

Vaak voorkomende bijwerkingen (kunnen bij tot 1 op de 10 patiënten optreden):

Loopneus, roodheid en zwelling van het tandvlees, pijn in de mond (waaronder zweertjes in de mond), opgeblazen gevoel in de maag, keelpijn, verhoogde bloeddruk, rode ogen, waaronder waterige ogen, smaakverlies, roodheid en zwelling van de haarzakjes in de huid, allergische reacties, ernstige afschilfering van de huid, verhoogde bloedstolling (waaronder trombose in de aderen), lage calciumwaarden in het bloed, lage fosfaatwaarden in het bloed, infecties van de bovenste luchtwegen, ontsteking van de longen, vocht in de borstholte, infectie in het bloed, uitdroging, onrust, depressie, gevoelloosheid en tintelingen van de huid, duizeligheid, slaperigheid, bloeding (van de lippen, mond, maag of darm), ontsteking van de maagwand, problemen met slikken, huidbloeding (bloeduitstorting), kleine puntvormige bloedingen, aandoening aan de nagels, acne, gistinfectie, schimmelinfectie, urineweginfectie, cystitis, bloedtesten die aantonen dat de werking van de lever verandert, hoge waarden in het bloed van andere vetten dan triglyceriden, diabetes, spierpijn.

Soms voorkomende bijwerkingen (kunnen bij tot 1 op de 100 patiënten optreden):

Pericardiale effusie (vocht rond het hart waarbij drainage noodzakelijk kan zijn en wat een effect kan hebben op het rondpompen van het bloed).

Bloeding in de hersenen bij patiënten met hersentumoren of patiënten die bloedverdunners gebruiken, oogbloeding.

Longembolie, perforatie van de darm, problemen met wondgenezing na een operatie, ontsteking en zwelling van de stembanden.

Zelden voorkomende bijwerkingen (kunnen bij tot 1 op de 1.000 patiënten optreden):

Longinfectie veroorzaakt door Pneumocystis jiroveci (Pneumocystis jiroveci pneumonia).

Bijwerkingen waarvoor de frequentie niet bekend is:

Zwelling van het gezicht, de lippen, tong en keel; mogelijk veroorzaakt dit moeite met ademen. Ernstige reacties van de huid en/of weke delen met mogelijk pijnlijke blaren en koorts (Stevens- Johnsonsyndroom).

Onverklaarbare spierpijn, gevoeligheid of zwakte wat zou kunnen duiden op spierafbraak (rabdomyolyse).

Het melden van bijwerkingen

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V. Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.

Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op het etiket van de injectieflacon en op de doos na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Bewaren in de koelkast (2ºC – 8ºC) (concentraat en verdunningsmiddel).

Niet invriezen.

Bewaar de injectieflacons in de buitenverpakking ter bescherming tegen licht.

Na de eerste verdunning van Torisel 30 mg concentraat met 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel kan het mengsel tot 24 uur beneden 25ºC bewaard worden en het dient tot verdere verdunning tegen licht beschermd te worden.

Na verdere verdunning van het concentraat-verdunningsmiddel-mengsel met natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie kan het mengsel tot 6 uur beneden 25ºC bewaard worden en het dient tegen licht beschermd te worden.

Anvullende Informatie

Welke stoffen zitten er in dit middel?

  • De werkzame stof in dit middel is temsirolimus. Elke injectieflacon Torisel concentraat bevat 30 mg temsirolimus. Na de eerste verdunning van Torisel 30 mg concentraat met 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel bedraagt de concentratie temsirolimus 10 mg/ml.
  • De andere stoffen in het concentraat zijn watervrij ethanol, all-rac--tocoferol (E 307), propyleenglycol en watervrij citroenzuur (E 330). Het verdunningsmiddel bevat polysorbaat 80 (E 433), macrogol 400 en watervrij ethanol.

Hoe ziet Torisel eruit en hoeveel zit er in een verpakking?

Torisel is een concentraat voor infusie geleverd met een verdunningsmiddel.

Het concentraat is een heldere, kleurloze tot lichtgele oplossing. Het verdunningsmiddel is een heldere tot licht troebele, lichtgele tot gele oplossing. De oplossingen zijn absoluut vrij van zichtbare deeltjes.

Elke verpakking van Torisel bevat een injectieflacon met 1,2 ml concentraat en een injectieflacon met 2,2 ml verdunningsmiddel.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

Pfizer Limited

Ramsgate Road

Sandwich

Kent CT13 9NJ

Verenigd Koninkrijk

Fabrikant

Wyeth Lederle S.r.l.

Via Franco Gorgone

Zona Industriale

95100 Catania, Italië

Neem voor alle informatie met betrekking tot dit geneesmiddel contact op met de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen:

België/Belgique/Belgien

Pfizer S.A./ N.V.

Tél/Tel: +32 (0)2 554 62 11

България

Пфайзер Люксембург САРЛ, Клон България Тел.: +359 2 970 4333

Česká republika

Pfizer s.r.o.

Tel: +420-283-004-111

Danmark

Pfizer ApS

Tlf: +45 44 201 100

Deutschland

Pfizer Pharma GmbH

Tel: +49 (0)30 550055-51000

Eesti

Pfizer Luxembourg SARL Eesti filiaal Tel: +372 6 405 328

Ελλάδα

PFIZER ΕΛΛΑΣ A.E. Tηλ: +30 210 67 85 800

España

Pfizer, S.L.

Tel: +34 91 490 99 00

France

Pfizer

Tél: +33 (0)1 58 07 34 40

Hrvatska

Pfizer Croatia d.o.o.

Tel: + 385 1 3908 777

Ireland

Pfizer Healthcare Ireland

Tel: +1800 633 363 (toll free)

Tel: +44 (0)1304 616161

Lietuva

Pfizer Luxembourg SARL filialas Lietuvoje Tel. +3705 2514000

Luxembourg/Luxemburg

Pfizer S.A./ N.V.

Tél/Tel: +32 (0)2 554 62 11

Magyarország

Pfizer Kft.

Tel.: +36 1 488 3700

Malta

Vivian Corporation Ltd.

Tel: +35621 344610

Nederland

Pfizer bv

Tel: +31 (0)10 406 43 01

Norge

Pfizer AS

Tlf: +47 67 526 100

Österreich

Pfizer Corporation Austria Ges.m.b.H. Tel: +43 (0)1 521 15-0

Polska

Pfizer Polska Sp. z o.o.

Tel: +48 22 335 61 00

Portugal

Laboratórios Pfizer, Lda.

Tel: +351 21 423 55 00

România

Pfizer Romania S.R.L

Tel: +40 (0) 21 207 28 00

Slovenija

Pfizer Luxembourg SARL, Pfizer, podružnica za svetovanje s področja farmacevtske dejavnosti, Ljubljana

Tel: +386 (0)1 52 11 400

Ísland Slovenská republika
Icepharma hf. Pfizer Luxembourg SARL,
Sími: +354 540 8000 organizačná zložka
  Tel: +421 2 3355 5500
Italia Suomi/Finland
Pfizer Italia S.r.l Pfizer Oy
Tel: +39 06 33 18 21 Puh/Tel: +358 (0)9 430 040
Κύπρος Sverige
PFIZER ΕΛΛΑΣ Α.Ε. (CYPRUS BRANCH) Pfizer AB
Tηλ: +357 22 817690 Tel: +46 (0)8 550 520 00
Latvija United Kingdom
Pfizer Luxembourg SARL filiāle Latvijā Pfizer Limited
Tel. +371 67035775 Tel: +44 (0)1304 616161
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in  
Andere informatiebronnen  

Meer informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau (http://www.ema.europa.eu). Hier vindt u ook verwijzingen naar andere websites over zeldzame ziektes en hun behandelingen.

De volgende informatie is alleen bestemd voor beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg:

Tijdens het verwerken en voorbereiden van mengsels dient Torisel tegen overmatig kunstlicht en zonlicht te worden beschermd.

Infuuszakken en houders die met Torisel in contact komen moeten van glas, polyolefine of polyethyleen gemaakt zijn.

Infuuszakken en medische hulpmiddelen van polyvinylchloride (PVC) dienen niet gebruikt te worden voor de toediening van bereidingen die polysorbaat 80 bevatten, aangezien polysorbaat 80 DEHP uit PVC loogt.

Torisel concentraat en verdunningsmiddel dienen voorafgaand aan toediening visueel geïnspecteerd te worden op deeltjes en verkleuring.

Niet gebruiken indien deeltjes aanwezig zijn of verkleuring is vastgesteld. Gebruik een nieuwe injectieflacon.

Verdunning

Torisel 30 mg concentraat moet verdund worden met 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel voordat het wordt toegevoegd aan een 9 mg/ml (0.9%) natriumchlorideoplossing voor injectie.

Opmerking: Voor mantelcellymfoom zullen meerdere injectieflacons nodig zijn voor elke dosering boven 25 mg. Elke injectieflacon van Torisel moet verdund worden volgens de onderstaande instructies. De benodigde hoeveelheid van het mengsel van concentraat en verdunningsmiddel uit iedere injectieflacon moet worden samengevoegd in één spuit voor snelle injectie in 250 ml van 9 mg/ml (0,9%) natriumchloride-oplossing voor injectie.

Het concentraat-verdunningsmiddelmengsel dient visueel geïnspecteerd te worden op deeltjes en verkleuring.

Niet gebruiken indien deeltjes aanwezig zijn of verkleuring is vastgesteld.

Bij de bereiding van de oplossing dient het volgende tweestapsproces aseptisch te worden uitgevoerd volgens de lokale richtlijnen voor het omgaan met cytotoxische/cytostatische geneesmiddelen:

STAP 1: VERDUNNING VAN HET CONCENTRAAT MET HET MEEGELEVERDE VERDUNNINGSMIDDEL

  • Trek 1,8 ml van het meegeleverde verdunningsmiddel op.
  • Injecteer de 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel in de injectieflacon met Torisel 30 mg concentraat.
  • Meng het verdunningsmiddel met het concentraat goed door de injectieflacon om te keren. Er moet voldoende tijd gegeven worden om de luchtbellen te laten verdwijnen. De oplossing dient helder tot licht troebel, kleurloos tot lichtgeel tot geel te zijn en volledig vrij van zichtbare deeltjes.

Eén injectieflacon met Torisel 30 mg concentraat bevat 30 mg temsirolimus: als 1,2 ml concentraat met 1,8 ml van het opgetrokken verdunningsmiddel wordt gemengd, wordt een totaal volume van 3,0 ml verkregen en de concentratie van temsirolimus zal 10 mg/ml zijn. Het concentraat- verdunningsmiddel-mengsel is stabiel beneden 25C gedurende maximaal 24 uur.

STAP 2: TOEVOEGING VAN HET CONCENTRAAT-VERDUNNINGSMIDDELMENGSEL AAN EEN NATRIUMCHLORIDE-INFUSIE

  • Trek de benodigde hoeveelheid van het concentraat-verdunningsmiddelmengsel (dat 10 mg/ml temsirolimus bevat) uit de injectieflacon op: d.w.z. 2,5 ml voor een temsirolimus dosis van 25 mg.
  • Voeg het opgetrokken volume snel toe aan 250 ml 9 mg/ml (0,9%) natriumchloride-oplossing voor injectie om adequate menging te garanderen.

Het mengsel dient door middel van inversie van de zak of fles gemengd te worden, onder het voorkomen van overmatig schudden, omdat dit schuim kan veroorzaken.

De uiteindelijke, verdunde oplossing in infuusfles of -zak dient voorafgaand aan toediening visueel geïnspecteerd te worden op deeltjes en verkleuring. Het Torisel mengsel in natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie dient tegen overmatig kunstlicht en zonlicht te worden beschermd.

Voor mantelcellymfoom zullen meerdere injectieflacons nodig zijn voor elke dosering boven 25 mg.

Toediening

  • Toediening van de finale verdunde oplossing dient binnen 6 uur voltooid te zijn nadat Torisel het eerst aan de natriumchloride 9 mg/ml (0,9%) oplossing voor injectie was toegevoegd.
  • Torisel wordt eenmaal per week gedurende 30-60 minuten per infusie toegediend. Toediening onder gebruikmaking van een infusiepomp verdient de voorkeur om zeker te zijn van een nauwkeurige afgifte van het geneesmiddel.
  • Geschikte materialen voor toediening, moeten gemaakt zijn van glas, polyolefine of polyethyleen om overmatig verlies van geneesmiddel te voorkomen en om de extractiesnelheid van DEHP te verminderen. De materialen voor toediening dienen te bestaan uit niet-DEHP, niet-PVC infuuslijnen met een geschikte filter. Voor toediening wordt een in-line polyethersulfone filter met een poriegrootte van niet meer dan 5 micron aanbevolen om de mogelijkheid dat deeltjes groter dan 5 micron worden geïnfuseerd te vermijden. Indien de beschikbare toedieningsset geen ingebouwd in-line filter heeft, dient een filter aan het einde van

de set te worden toegevoegd (d.w.z. een eind-filter) voordat het mengsel de ader van de patiënt

bereikt. Verschillende eind-filters kunnen worden gebruikt, variërend in filterporiegrootte van 0,2 micron tot 5 micron. Gebruik van zowel een in-line als een eind-filter wordt niet aanbevolen.

  • Torisel bevat na verdunning polysorbaat 80, waarvan bekend is dat het de extractiesnelheid van DEHP uit PVC verhoogt. Met deze incompatibiliteit dient rekening te worden gehouden tijdens de bereiding en toediening van Torisel, inclusief de tijd die verstrijkt bij bewaren in een polyvinylchloride reservoir na reconstitutie. Het is belangrijk dat de aanbevelingen in rubrieken 4.2 en 6.6 van de SPC nauwgezet gevolgd worden.

Verwijdering

Al het ongebruikte geneesmiddel of afvalmateriaal dient te worden vernietigd overeenkomstig lokale voorschriften.

Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK