Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

De werkzame stof van Xolair is omalizumab. Omalizumab is een gesynthetiseerd eiwit dat vergelijkbaar is met natuurlijke eiwitten die worden aangemaakt door het lichaam; het behoort tot een klasse van geneesmiddelen die monoklonale antilichamen worden genoemd. Het wordt gebruikt om te voorkomen dat de astma verergert door de controle van de symptomen van ernstig allergisch astma bij volwassenen en kinderen (6 jaar en ouder), die reeds astmamedicatie gebruiken, maar bij wie de astmasymptomen niet goed onder controle worden gehouden met geneesmiddelen zoals inhalatoren met hoge doses steroïden of bèta-agonisten.

Xolair werkt door een substantie, de zogenaamde immuunglobuline-E (IgE), die door het lichaam wordt geproduceerd, te blokkeren. IgE speelt een belangrijke rol bij het ontstaan van allergisch astma.

Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Wanneer mag u Xolair niet toegediend krijgen?

  • U bent allergisch voor een van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u

vinden onder rubriek 6.

Als u denkt dat u allergisch bent voor één van de bestanddelen, informeer dan uw arts, aangezien u dan geen Xolair mag krijgen.

Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?

Xolair bevat een eiwit en eiwitten kunnen bij sommige mensen ernstige allergische reacties veroorzaken. Tekenen hiervan zijn uitslag, moeite met ademen, zwelling of flauwte. Neem zo snel mogelijk contact op met een arts als u een allergische reactie heeft nadat u Xolair heeft gekregen.

Een bepaald type allergische reactie, serumziekte genaamd, is waargenomen bij patiënten die werden behandeld met Xolair. De symptomen van serumziekte kunnen één of meer van de volgende symptomen zijn: gewrichtspijn met of zonder zwelling of stijfheid, uitslag, koorts, gezwollen lymfeklieren, spierpijn. Neem onmiddellijk contact op met uw arts, als u één van deze symptomen ervaart of, in het bijzonder, als u een combinatie van dergelijke symptomen ervaart.

Churg-Strauss en Hypereosinofiel syndroom zijn waargenomen bij patiënten die werden behandeld met Xolair. De symptomen kunnen één of meer van de volgende inhouden: zwelling, pijn of uitslag rond bloed- of lymfevaten, hoog gehalte van een bepaald type witte bloedcellen (uitgesproken eosinofilie), verergerende ademhalingsproblemen, neusverstopping, hartproblemen, pijn, verlamming en tinteling in armen en benen. Neem onmiddellijk contact op met uw arts, als u één van deze symptomen ervaart of, in het bijzonder, als u een combinatie van dergelijke symptomen ervaart.

Neem contact op met uw arts voordat u Xolair krijgt:

  • als u nier- of leverproblemen heeft.
  • als u een aandoening heeft, waarbij uw eigen immuunsysteem delen van uw eigen lichaam aanvalt (auto-immuunziekte).
  • als u in een regio woont waar infecties, veroorzaakt door parasieten, vaak voorkomen of als u naar een dergelijke regio reist, aangezien Xolair uw weerstand tegen dergelijke infecties kan verzwakken.

Xolair is niet bestemd voor de behandeling van acute astmasymptomen, zoals een plotselinge astma- aanval. Xolair mag daarom niet worden gebruikt om dergelijke symptomen te behandelen.

Xolair is niet bestemd voor de preventie of behandeling van andere allergische aandoeningen zoals plotselinge allergische reacties, hyper-IgE-syndroom (een erfelijke immuunziekte), aspergillose (een schimmel gerelateerde longziekte), voedselallergie, eczeem of hooikoorts.

Kinderen (beneden 6 jaar)

Xolair mag niet worden toegediend aan kinderen jonger dan 6 jaar. Er zijn onvoldoende gegevens beschikbaar over deze leeftijdsgroep.

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?

Gebruikt u naast Xolair nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts.

Dit is in het bijzonder van belang als u het volgende gebruikt:

  • geneesmiddelen voor de behandeling van een infectie veroorzaakt door een parasiet, aangezien Xolair de werking van uw geneesmiddelen kan verminderen,
  • inhalatiecorticosteroïden en andere geneesmiddelen voor allergisch astma.

Zwangerschap en borstvoeding

U mag geen Xolair toegediend krijgen wanneer u zwanger bent, tenzij uw arts dit noodzakelijk acht.

Wanneer u van plan bent zwanger te worden, vertel dit uw arts voordat behandeling met Xolair wordt gestart. Uw arts zal de voordelen en mogelijke risico’s van het gebruik van dit geneesmiddel tijdens de zwangerschap met u bespreken.

Informeer uw arts onmiddellijk als u zwanger wordt tijdens behandeling met Xolair.

U mag geen Xolair toegediend krijgen wanneer u borstvoeding geeft.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Het is onwaarschijnlijk dat Xolair uw vermogen om te rijden en machines te bedienen zal beïnvloeden.

Hoe gebruikt u dit middel?

Instructies over het gebruik van Xolair worden gegeven in de rubriek “Informatie voor medisch personeel”.

Xolair wordt door een arts of verpleegkundige aan u gegeven door middel van een injectie direct onder de huid (subcutaan).

Uw arts zal uitrekenen hoeveel Xolair u nodig heeft en hoe vaak u het zult moeten krijgen. Dit is afhankelijk van uw lichaamsgewicht en de resultaten van een bloedtest, die uitgevoerd wordt vóór de start van de behandeling om de hoeveelheid IgE in uw bloed te meten.

Volg nauwgezet de instructies, die u van uw arts of verpleegkundige hebt gekregen.

Hoeveel Xolair u zult krijgen

U krijgt elke twee of elke vier weken 1 tot 4 injecties per keer toegediend.

Blijf uw huidige astmamedicatie gebruiken tijdens de behandeling met Xolair. Stop het gebruik van astmamedicatie niet zonder met uw arts te overleggen.

Het kan zijn dat u geen onmiddellijke verbetering van uw astma ziet in het begin van de behandeling met Xolair. Het duurt doorgaans 12 tot 16 weken voordat het volledig werkt.

Gebruik bij kinderen en jongeren tot 18 jaar

Xolair kan worden gegeven aan kinderen en adolescenten van 6 jaar en ouder, die al astmageneesmiddelen krijgen, maar bij wie de astmasymptomen niet goed onder controle worden gehouden door geneesmiddelen, zoals inhalatoren met hoge doses steroïden of bèta-agonisten.Uw arts zal uitrekenen hoeveel Xolair uw kind nodig heeft en hoe vaak het moet worden toegediend. Dit hangt af van het gewicht van uw kind en de uitslag van een bloedtest die wordt uitgevoerd vóór de start van de behandeling, om de hoeveelheid IgE in het bloed te meten.

Wanneer een dosis Xolair wordt gemist

Neem zo spoedig mogelijk contact op met uw arts of ziekenhuis om een nieuwe afspraak te maken.

Als u stopt met de behandeling met Xolair

Stop niet met het gebruik van Xolair, tenzij uw arts dit zegt. Door onderbreking of beëindiging van de behandeling met Xolair kunnen uw astmasymptomen terugkomen.

Hebt u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts.

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. De bijwerkingen van Xolair zijn doorgaans mild tot matig van aard, maar kunnen af en toe ernstig zijn.

Ernstige bijwerkingen omvatten:

Zelden voorkomende bijwerkingen (kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 1.000 mensen)

  • Plotselinge ernstige allergische reacties: licht uw arts of verpleegkundige onmiddellijk in als u enige, ernstige, plotselinge tekenen van allergie of een combinatie van tekenen opmerkt zoals uitslag, jeuk of netelroos op de huid, zwelling van het gezicht, de lippen, tong, strottenhoofd, luchtpijp of andere lichaamsdelen, snelle hartslag, duizeligheid en lichtheid in het hoofd, kortademigheid, piepende ademhaling of moeite met ademhalen of enige andere nieuwe

symptomen.

Niet bekend (frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

  • Ontwikkeling van één of meer van de volgende symptomen: zwelling, pijn of uitslag rond bloed- of lymfevaten, hoog gehalte van een specifiek type van witte bloedcellen (uitgesproken eosinofilie), verergerende ademhalingsproblemen, neusverstopping, hartproblemen, pijn, verlamming en tinteling in armen en benen (signalen van het zogenaamde “Churg-Strauss syndroom of hypereosinofiel syndroom”).
  • Lage bloedplaatjestelling met symptomen als sneller dan normaal optreden van bloedingen of blauwe plekken.
  • Ontwikkeling van één van de volgende symptomen, in het bijzonder wanneer in combinatie: gewrichtspijn met of zonder zwelling of stijfheid, uitslag, koorts, gezwollen lymfeklieren,

spierpijn (tekenen van serumziekte).

Licht onmiddellijk uw arts of verpleegkundige in als u een van deze bijwerkingen ervaart.

Andere bijwerkingen omvatten:

Zeer vaak voorkomende bijwerking (kan voorkomen bij meer dan 1 op de 10 mensen)

  • koorts (bij kinderen)

Vaak voorkomende bijwerkingen (kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 10 mensen)

  • reacties op de injectieplaats waaronder pijn, zwelling, jeuk en roodheid
  • pijn in het bovenste deel van de buik (bij kinderen)
  • hoofdpijn (zeer vaak bij kinderen)

Soms voorkomende bijwerkingen (kunnen voorkomen bij maximaal 1 op de 100 mensen)

  • duizeligheid, slaperigheid of vermoeidheid
  • tintelende of verkleumde handen of voeten
  • flauwvallen, lage bloeddruk bij zitten of staan (posturele hypotensie), blozen
  • keelpijn, hoesten, acute ademhalingsproblemen
  • misselijkheid (nausea), diarree, maag- en darmstoornissen
  • jeuk, netelroos, uitslag, verhoogde gevoeligheid van de huid voor de zon
  • gewichtstoename
  • griepachtige symptomen
  • zwelling van armen

Zelden voorkomende bijwerking (kan voorkomen bij maximaal 1 op de 1.000 mensen)

  • parasitaire infectie

Niet bekend (frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

  • gewrichtspijn, spierpijn en zwelling van gewrichten
  • haarverlies

Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan.

Hoe bewaart u dit middel?

  • Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
  • Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op het etiket. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.
  • Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht.
  • Bewaren in de koelkast (2°C – 8°C). Niet in de vriezer bewaren.
  • Gebruik geen verpakking die beschadigd is of tekenen van knoeierij vertonen.

Anvullende Informatie

Welke stoffen zitten er in dit middel?

  • De werkzame stof in dit middel is omalizumab. Eén spuit met 0,5 ml oplossing bevat 75 mg omalizumab. Eén spuit met 1 ml oplossing bevat 150 mg omalizumab.
  • De andere stoffen in dit middel zijn L-arginine hydrochloride, L-histidine hydrochloride, L- histidine, polysorbaat 20 en water voor injecties.

Hoe ziet Xolair eruit en hoeveel zit er in een verpakking?

Xolair oplossing voor injectie wordt geleverd als een heldere tot opalescente, enigszins gele tot bruine oplossing in een voorgevulde spuit en is beschikbaar als 75 mg en 150 mg oplossing voor injectie.

Xolair 75 mg oplossing voor injectie is beschikbaar in verpakkingen met 1 voorgevulde spuit en in multiverpakkingen met 4 of 10 losse verpakkingen, die elk 1 voorgevulde spuit bevatten.

Xolair 150 mg oplossing voor injectie is beschikbaar in verpakkingen met 1 voorgevulde spuit en in multiverpakkingen met 4 of 10 losse verpakkingen, die elk 1 voorgevulde spuit bevatten.

Niet alle genoemde verpakkingsgrootten hoeven in de handel te worden gebracht.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

Novartis Europharm Limited

Wimblehurst Road

Horsham

West Sussex, RH12 5AB

Verenigd Koninkrijk

Fabrikant

Novartis Pharma GmbH

Roonstrasse 25

D-90429 Neurenberg

Duitsland

Neem voor alle informatie met betrekking tot dit geneesmiddel contact op met de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen:

België/Belgique/Belgien Lietuva
Novartis Pharma N.V. Novartis Pharma Services Inc.
Tél/Tel: +32 2 246 16 11 Tel: +370 5 269 16 50
България Luxembourg/Luxemburg
Novartis Pharma Services Inc. Novartis Pharma N.V.
Тел.: +359 2 489 98 28 Tél/Tel: +32 2 246 16 11
Česká republika Magyarország
Novartis s.r.o. Novartis Hungária Kft. Pharma
Tel: +420 225 775 111 Tel.: +36 1 457 65 00
Danmark Malta
Novartis Healthcare A/S Novartis Pharma Services Inc.
Tlf: +45 39 16 84 00 Tel: +356 2122 2872
Deutschland Nederland
Novartis Pharma GmbH Novartis Pharma B.V.
Tel: +49 911 273 0 Tel: +31 26 37 82 111
Eesti Norge
Novartis Pharma Services Inc. Novartis Norge AS
Tel: +372 66 30 810 Tlf: +47 23 05 20 00
Ελλάδα Österreich
Novartis (Hellas) A.E.B.E. Novartis Pharma GmbH
Τηλ: +30 210 281 17 12 Tel: +43 1 86 6570
España Polska
Novartis Farmacéutica, S.A. Novartis Poland Sp. z o.o.
Tel: +34 93 306 42 00 Tel.: +48 22 375 4888
France Portugal
Novartis Pharma S.A.S. Novartis Farma - Produtos Farmacêuticos, S.A.
Tél: +33 1 55 47 66 00 Tel: +351 21 000 8600
Hrvatska România
Novartis Hrvatska d.o.o. Novartis Pharma Services Romania SRL
Tel. +385 1 6274 220 Tel: +40 21 31299 01
Ireland Slovenija
Novartis Ireland Limited Novartis Pharma Services Inc.
Tel: +353 1 260 12 55 Tel: +386 1 300 75 50
Ísland Slovenská republika
Vistor hf. Novartis Slovakia s.r.o.
Sími: +354 535 7000 Tel: +421 2 5542 5439
Italia Suomi/Finland
Novartis Farma S.p.A. Novartis Finland Oy
Tel: +39 02 96 54 1 Puh/Tel: +358 (0)10 6133 200
Κύπρος Sverige
Novartis Pharma Services Inc. Novartis Sverige AB
Τηλ: +357 22 690 690 Tel: +46 8 732 32 00
Latvija United Kingdom
Novartis Pharma Services Inc. Novartis Pharmaceuticals UK Ltd.
Tel: +371 67 887 070 Tel: +44 1276 698370

Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in

Andere informatiebronnen

Meer informatie over dit geneesmiddel is beschikbaar op de website van het Europees Geneesmiddelenbureau (http://www.ema.europa.eu).

INFORMATIE VOOR MEDISCH PERSONEEL

De volgende informatie is alleen bestemd voor medisch personeel:

Lees voor gebruik van de spuit de volgende informatie zorgvuldig door.

Elke Xolair verpakking bevat een voorgevulde spuit afzonderlijk verpakt in een plastic wikkel.

Onderdelen van de voorgevulde spuit

Beschermkapje   Vingersteun
  Naaldbeschermhuls Activeringsclips
    Zuiger
  Kijkvenster  
  Etiket en vervaldatum  

Vulstreepje

Xolair spuiten zijn uitsluitend bestemd om gebruikt te worden door een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg.

De spuit gereedmaken voor gebruik

Vermijd voorafgaand aan de voltooiing van de injectie contact met de activeringsclips (zie eerst de illustratie) om voortijdig omhullen van de naald met de naaldbeschermhuls te voorkomen.

  1. Neem de verpakking met de spuit uit de koelkast en laat het voor ongeveer 20 minuten staan, zodat het kamertemperatuur bereikt (laat de spuit in de verpakking ter bescherming tegen licht).
  2. Indien nodig kan de spuit worden teruggeplaatst in de koelkast, om het op een later tijdstip gebruiken, maar dit mag slechts eenmalig gebeuren. De cumulatieve tijd waarin de spuit op kamertemperatuur mag worden bewaard, mag niet meer bedragen dan 4 uur.
  3. Wanneer u klaar bent om de spuit toe te dienen, was uw handen grondig met water en zeep.
  4. Maak de injectieplaats schoon.
  5. Haal het plastic bakje uit de verpakking, verwijder de papieren bedekking en haal de spuit eruit.
  6. Controleer de spuit. GEBRUIK DE SPUIT NIET, wanneer deze is gebroken of de vloeistof troebel is of deeltjes bevat. In al deze gevallen, stuur de hele verpakking terug naar de apotheek.
  7. Houd de spuit horizontaal (zoals hieronder getoond) en controleer de dosering van het geneesmiddel in het kijkvenster (75 mg of 150 mg) en de vervaldatum op het etiket. Let op: draai, zoals hieronder getoond, het binnenste deel van de spuit zodanig, dat het etiket leesbaar is door het kijkvenster.

Kijkvenster

GEBRUIK NIET als de vervaldatum van het product gepasseerd is of de dosis niet juist is. Stuur in beide gevallen de hele verpakking terug naar de apotheek.

  1. Houd de spuit verticaal met de zuigerstop bovenin en tik met uw vinger tegen de zijkant van de spuit om de luchtbel naar boven te laten komen.
  2. Controleer of het vloeistofniveau op of boven het minimum vulstreepje zit. Als het vloeistofniveau beneden het vulstreepje zit, stuur dan de hele verpakking terug naar de apotheek.

Gebruik van de spuit

Houd de spuit vast met de naald omhoog gericht, trek voorzichtig het beschermkapje van de spuit en gooi dit weg. Raak de vrijgekomen naald niet aan. Tik vervolgens zachtjes met uw vinger tegen de spuit totdat de luchtbel omhoog gaat naar de bovenkant van de naald. Duw de zuiger langzaam omhoog om de luchtbel uit de spuit te duwen, zonder de oplossing er per ongeluk uit te drukken.

Knijp zachtjes in de huid bij de injectieplaats en injecteer de naald.

Houd de vingersteun vast en druk langzaam de zuiger in tot zover het gaat.

Als er enige oplossing uit de injectieplaats lekt, druk de naald dan dieper.

Houd de zuiger volledig ingedrukt en trek ondertussen voorzichtig de naald recht uit de injectieplaats.

Laat langzaam de zuiger los en zorg ervoor dat de naaldbeveiliging automatisch de blootliggende naald kan bedekken.

Houd ongeveer 30 seconden een gaasje op de injectieplaats.

Wegwerp instructies

Gooi de gebruikte spuit onmiddellijk na gebruik weg in een naaldencontainer.

Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK