Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Ringerlactaat is een oplossing van natriumchloride, kaliumchloride, calciumchloridedihydraat en natriumlactaat in water.

Natrium, kalium, calcium, chloride en lactaat zijn chemische bestanddelen die zich in het bloed bevinden.

Ringerlactaat wordt gebruikt:

  • voor de behandeling van waterverlies uit het lichaam en verlies van chemicaliën (bijvoorbeeld als gevolg van hevig zweten of nierfunctiestoornissen).
  • om u te behandelen in geval van hypovolemie (laag bloedvolume in de bloedvaten) of hypotensie (lage bloeddruk).
  • bij metabole acidose (verzuring van het bloed).
Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

U mag Ringerlactaat NIET toegediend krijgen als u lijdt aan een van de volgende aandoeningen

  • extracellulaire hyperhydratie (in de ruimten rond de lichaamscellen bevindt er zich te veel vocht);
  • hypervolemie (hoger bloedvolume in de bloedvaten dan normaal);
  • ernstig nierfalen (uw nieren werken niet goed en u heeft dialyse nodig);
  • niet-gecompenseerde hartinsufficiëntie, d.w.z. hartfalen dat niet voldoende behandeld is en verschijnselen veroorzaakt zoals:
    • kortademigheid;
    • opzwellen van enkels.
  • hyperkaliëmie (een te hoog kaliumgehalte in het bloed);
  • hypernatriëmie (een te hoog natriumgehalte in het bloed);
  • hypercalciëmie (een te hoog calciumgehalte in het bloed);
  • hyperchloremie (een te hoog chloridegehalte in het bloed);
Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 2/10
  • metabole alkalose (aandoening waarbij het bloed te alkalisch wordt);
  • ernstige metabole acidose (levensgevaarlijke verzuring van het bloed);
  • lactaatacidose (bepaalde vorm van metabole acidose);
  • ernstige leveraandoening (de lever werkt niet goed en een zeer intensieve behandeling is vereist);
  • zwak lactaatmetabolisme (dit treedt op bij een ernstige leveraandoening omdat lactaat verwijderd wordt door de lever);
  • gegeneraliseerd oedeem (onderhuidse vochtophoping verspreid over alle lichaamsdelen);
  • ascitescirrose (leveraandoening die leidt tot vochtophoping in de buik);
  • als u hartglycosiden (cardiotonica) gebruikt zoals digitalis of digoxine voor de behandeling van hartfalen (zie ook “Gebruik met andere geneesmiddelen”).

Wees extra voorzichtig met Ringerlactaat

Licht uw arts in als u een van de volgende medische aandoeningen heeft of gehad heeft:

  • hartfalen;
  • ademhalingsinsufficiëntie (longaandoening); (Bij bovenstaande aandoeningen kan bijzondere bewaking vereist zijn.)
  • zwakke nierfunctie;
  • hypertensie (hoge bloeddruk);
  • perifeer oedeem (onderhuidse vochtophoping, met name rond de enkels);
  • longoedeem (vochtophoping in de longen);
  • pre-eclampsie (hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap);
  • aldosteronisme (aandoening die leidt tot een verhoogd gehalte aan aldosteron, een hormoon);
  • elke andere aandoening die gepaard gaat met natriumretentie (het lichaam houdt te veel natrium vast), zoals een behandeling met steroïden (zie ook “Gebruik met andere geneesmiddelen”);
  • elke vorm van hartaandoening;
  • elke aandoening waardoor u meer aanleg krijgt voor hyperkaliëmie (een te hoog kaliumgehalte in het bloed), zoals:
    • nierfalen;
    • bijnierinsufficiëntie (deze aandoening van de bijnieren beïnvloedt de hormonen die de concentraties aan chemicaliën in het lichaam helpen onder controle te houden);
    • acute dehydratie (waterverlies uit het lichaam), bijvoorbeeld als gevolg van braken of diarree;
    • uitgebreide weefselbeschadiging (zoals kan optreden bij hevige brandwonden).

Een nauwgezette bewaking van het kaliumgehalte in het bloed is vereist.

  • aandoeningen die gepaard gaan met een hoog vitamine D-gehalte (zoals sarcoïdose, een aandoening van de huid en inwendige organen);
  • nierstenen;
  • zwakke leverfunctie.

Als u deze oplossing voor infusie toegediend krijgt, neemt uw arts bloed- en urinemonsters om het volgende te controleren en te volgen:

  • uw plasma-elektrolyten (concentraties aan chemicaliën zoals natrium en kalium in uw bloed);
  • uw zuur-base-evenwicht (zuurgraad van uw bloed en urine).

Hoewel Ringerlactaat kalium bevat, bevat de oplossing niet voldoende om ernstige kaliumdeficiëntie (een zeer laag kaliumgehalte in het bloedplasma) te behandelen.

Calciumchloride kan schadelijk zijn als het toegediend wordt via injectie in de lichaamsweefsels. Daarom mag Ringerlactaat niet worden toegediend via injectie in een spier (intramusculaire injectie). Uw arts doet ook al het nodige om uittreding van de oplossing in de weefsels rond de ader te voorkomen.

Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 3/10

Vanwege het risico op beschadiging of klontervorming van rode bloedcellen mag Ringerlactaat niet met dezelfde naald worden toegediend als waarmee een bloedtransfusie uitgevoerd wordt.

Aangezien Ringerlactaat lactaat (een bestanddeel dat zich in het lichaam bevindt) bevat, kan uw bloed te alkalisch worden (metabole alkalose).

Ringerlactaat moet bijzonder voorzichtig worden toegediend aan kinderen jonger dan drie maanden.

Uw arts houdt er rekening mee als u parenterale voeding krijgt (via infusie toegediende voeding in een ader). Als Ringerlactaat gedurende lange tijd toegediend wordt, krijgt u voedingssupplementen toegediend.

Gebruik met andere geneesmiddelen

Vertel uw arts of apotheker als u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen.

Het is vooral belangrijk uw arts in te lichten als u een van de volgende geneesmiddelen gebruikt:

  • hartglycosiden (cardiotonica) zoals digitalis of digoxine voor de behandeling van hartfalen, omdat deze middelen niet met Ringerlactaat mogen worden gebruikt (zie ook “U mag Ringerlactaat NIET toegediend krijgen als u lijdt aan een van de volgende aandoeningen”). De effecten van deze geneesmiddelen kunnen worden versterkt door calcium, wat levensgevaarlijke hartritmestoornissen tot gevolg kan hebben.
  • corticosteroïden (ontstekingsremmers).
  • carbenoxolon (ontstekingsremmer voor de behandeling van maagzweren).

Door het gebruik van deze geneesmiddelen kan er zich natrium en water ophopen in het lichaam, wat leidt tot:

  • weefselzwelling als gevolg van oedeem (onderhuidse vochtophoping);
  • hypertensie (hoge bloeddruk).

De volgende geneesmiddelen kunnen het kaliumgehalte in het bloed verhogen, wat levensgevaarlijk kan zijn. Een stijging van het kaliumgehalte in het bloed is waarschijnlijker als u lijdt aan een nieraandoening.

  • kaliumsparende diuretica (bepaalde vochtafdrijvende tabletten zoals amiloride, spironolacton, triamtereen) (Er dient te worden opgemerkt dat deze geneesmiddelen ook in combinatiepreparaten aanwezig kunnen zijn.);
  • angiotensineconverterende enzymremmers (ACE-remmers) (middelen voor de behandeling van een hoge bloeddruk);
  • angiotensine II-receptorantagonisten (middelen voor de behandeling van een hoge bloeddruk);
  • tacrolimus (middel om de afstoting van een transplantaat te voorkomen en bepaalde huidaandoeningen te behandelen);
  • ciclosporine (middel om de afstoting van een transplantaat te voorkomen).

Andere geneesmiddelen die een invloed kunnen hebben op of kunnen worden beïnvloed door Ringerlactaat:

  • thiazidediuretica zoals hydrochloorthiazide of chloortalidon;
  • vitamine D;
  • bifosfonaten (middelen voor de behandeling van botaandoeningen zoals osteoporose);
  • fluoride (voor de tanden en botten);
  • fluorochinolonen (soort antibioticum waaronder ciprofloxacine, norfloxacine, ofloxacine);
  • tetracyclinen (soort antibioticum waaronder tetracycline);
  • zuurhoudende geneesmiddelen waaronder:
    • salicylaten (middelen voor de behandeling van ontstekingen) (aspirine);
Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 4/10
    • barbituraten (slaaptabletten);
    • lithium (middel voor de behandeling van psychische stoornissen).
  • alkalische (basische) geneesmiddelen waaronder:
    • sympathicomimetica (stimulerende middelen zoals efedrine en pseudo-efedrine die gebruikt worden in hoest- en verkoudheidspreparaten);
    • andere stimulerende middelen (zoals dexamfetamine en fenfluramine).

Gebruik van Ringerlactaat met voedsel en drank

Vraag uw arts wat u mag eten of drinken.

Zwangerschap en borstvoeding

Vraag uw arts of apotheker om advies voordat u een geneesmiddel inneemt.

Licht uw arts in als u zwanger bent of borstvoeding geeft.

Ringerlactaat kan veilig worden gebruikt tijdens zwangerschap of borstvoeding.

Uw kind kan vóór de geboorte calcium opnemen via de placenta en na de geboorte via de moedermelk. Uw arts controleert en volgt de concentraties aan chemicaliën in uw bloed en het volume lichaamsvocht.

Als tijdens zwangerschap of borstvoeding een ander geneesmiddel moet worden toegevoegd aan deze oplossing voor infusie, moet u echter uw arts raadplegen en de bijsluiter van het toe te voegen geneesmiddel lezen.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Ringerlactaat heeft geen invloed op uw rijvaardigheid of vermogen om machines te bedienen.

Hoe gebruikt u dit middel?

Ringerlactaat wordt door een arts of verpleegkundige toegediend. Uw arts beslist hoeveel u nodig heeft en wanneer het aan u toegediend wordt. Dit is afhankelijk van uw leeftijd, gewicht, toestand en de reden voor behandeling. De dosering kan ook afhankelijk zijn van andere gelijktijdige behandelingen.

Ringerlactaat mag NIET worden toegediend als de oplossing deeltjes bevat of de zak op een of andere manier beschadigd is.

Ringerlactaat wordt doorgaans in een ader toegediend via een plastic slangetje dat bevestigd is aan een naald. Meestal wordt een ader in uw arm gebruikt om de oplossing voor infusie toe dienen. Het is echter mogelijk dat uw arts beslist u het geneesmiddel te geven via een andere toedieningsweg.

Niet-gebruikte oplossing moet worden vernietigd. Ringerlactaat mag NIET worden toegediend uit een gedeeltelijk gebruikte zak.

Wat u moet doen als u meer van Ringerlactaat toegediend gekregen heeft dan u zou mogen

Als u te veel Ringerlactaat toegediend gekregen heeft (te hoog toegediend volume) of in geval van een te snelle infusie, kunnen de volgende verschijnselen optreden:

  • wateroverbelasting en/of natriumoverbelasting (een zout) met oedeem (vochtophoping in de weefsels), wat leidt tot zwelling;
Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 5/10
  • hyperkaliëmie (een te hoog kaliumgehalte in het bloed), vooral bij patiënten met nierfalen, die verschijnselen veroorzaakt zoals:
    • paresthesie (tintelend gevoel in de armen en benen);
    • spierzwakte;
    • paralyse (onvermogen om te bewegen);
    • hartaritmieën (onregelmatige hartslag);
    • hartblok (zeer langzame hartslag);
    • hartstilstand (het hart stopt met werken, wat een levensgevaarlijke situatie is);
    • verwarring.
  • hypercalciëmie (een te hoog calciumgehalte in het bloed) die verschijnselen veroorzaakt zoals:
    • anorexie (verminderde eetlust);
    • misselijkheid (gevoel van misselijkheid);
    • braken;
    • verstopping;
    • buikpijn;
    • mentale stoornissen zoals prikkelbaarheid of depressie;
    • polydipsie (verhoogd dorstgevoel);
    • polyurie (verhoogde urineproductie);
    • nefrocalcinose (nieraandoening als gevolg van ophoping van calcium in de nieren);
    • nierstenen;
    • coma (bewusteloosheid);
    • krijtsmaak;
    • roodheid (opvliegingen);
    • perifere vasodilatatie (verwijding van de bloedvaten in de huid).
  • hypokaliëmie (een te laag kaliumgehalte in het bloed) en metabole alkalose (aandoening waarbij het bloed te basisch wordt), vooral bij patiënten met nierfalen, die verschijnselen veroorzaken zoals:
    • gemoedsverandering;
    • vermoeidheid;
    • kortademigheid;
    • spierstijfheid;
    • spierschokken;
    • spiertrekkingen.

Wanneer een van deze verschijnselen bij u optreedt, raadpleeg dan onmiddellijk uw arts. De infusie wordt stopgezet en u wordt behandeld afhankelijk van de verschijnselen.

Als een geneesmiddel toegevoegd is aan Ringerlactaat voordat u een te hoog volume toegediend krijgt, kan ook dat geneesmiddel leiden tot verschijnselen. Lees de bijsluiter van het toegevoegde geneesmiddel voor een overzicht van mogelijke verschijnselen.

Als u stopt met het gebruik van Ringerlactaat

Uw arts beslist wanneer deze infusie stopgezet wordt.

Als u nog vragen heeft over het gebruik van dit geneesmiddel, vraag dan uw arts.

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals alle geneesmiddelen, kan Ringerlactaat bijwerkingen veroorzaken, hoewel niet iedereen deze bijwerkingen krijgt.

Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 6/10

Als er bij u een van de volgende verschijnselen optreedt, raadpleeg dan onmiddellijk uw arts of verpleegkundige. Deze verschijnselen kunnen tekenen zijn van een zeer ernstige of zelfs dodelijke overgevoeligheidsreactie (allergische reactie), anafylactische shock genaamd:

  • urticaria (netelroos) die beperkt kan zijn tot een lichaamsdeel of verspreid over alle lichaamsdelen;
  • huiduitslag;
  • erytheem (roodheid van de huid);
  • pruritus (jeuk);
  • opzwellen van de huid;
  • periorbitaal oedeem (opzwellen van de huid rond de ogen) of gelaatsoedeem (opzwellen van de volledige gezichtshuid);
  • larynxoedeem, ook Quincke-oedeem genaamd (zwelling in de keel met ademhalingsmoeilijkheden tot gevolg).

U wordt behandeld afhankelijk van de verschijnselen.

De andere bijwerkingen zijn gerangschikt volgens hun frequentie.

Zeer vaak (bij meer dan 1 op 10 patiënten)

  • neuscongestie (verstopte neus);
  • hoesten;
  • niezen;
  • bronchospasme (vernauwing van de luchtwegen met ademhalingsmoeilijkheden tot gevolg);
  • verstoringen van de elektrolytenbalans (veranderingen in de concentraties aan chemicaliën in het bloed).

Als u een hartaandoening of longoedeem (vochtophoping in de longen) heeft:

  • hyperhydratie (te veel lichaamsvocht);
  • hartfalen.

Vaak (bij minder dan 1 op 10, maar meer dan 1 op 100 patiënten)

  • gevoel van beklemming op de borst (met ademhalingsmoeilijkheden tot gevolg);
  • pijn op de borst;
  • tachycardie (versnelde hartslag);
  • bradycardie (vertraagde hartslag);
  • angst.

Soms (bij minder dan 1 op 100, maar meer dan 1 op 1000 patiënten)

toevallen.

Andere

  • paniekaanval;
  • reacties als gevolg van de wijze van toediening:
    • koorts (koortsreactie);
    • infectie op de plaats van infusie;
    • lokale pijn of reactie (roodheid of zwelling op de plaats van infusie);
    • flebitis (irritatie en ontsteking van de ader waarin de oplossing toegediend wordt) die kan leiden tot roodheid, pijn of een brandend gevoel en zwelling langs de ader waarin de oplossing toegediend wordt;
Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 7/10
  • veneuze trombose (vorming van een bloedklonter) op de plaats van infusie, wat pijn, zwelling of roodheid veroorzaakt in de omgeving van de klonter;
  • extravasatie (verspreiding van de oplossing voor infusie in de weefsels rond de ader), wat kan leiden tot weefselbeschadiging en littekenvorming;
  • hypervolemie (te veel vocht in de bloedvaten).

Als een geneesmiddel toegevoegd is aan deze oplossing voor infusie, kan ook dat toegevoegde geneesmiddel leiden tot bijwerkingen. Deze bijwerkingen zijn afhankelijk van het toegevoegde geneesmiddel. Lees de bijsluiter van het toegevoegde geneesmiddel voor een overzicht van mogelijke verschijnselen.

Als er bij u een bijwerking optreedt die al dan niet in deze bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts of verpleegkundige. In geval van bijwerkingen moet de infusie worden stopgezet.

Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.

Voor Ringerlactaat zijn er geen speciale bewaarcondities.

Ringerlactaat mag NIET worden toegediend na de vervaldatum die staat vermeld op de zak na “EXP”. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.

Ringerlactaat mag niet worden toegediend als de oplossing deeltjes bevat of de zak op een of andere manier beschadigd is.

Anvullende Informatie

Wat bevat Ringerlactaat

  • De werkzame bestanddelen zijn:
    • natriumchloride: 6,00 g per liter.
    • kaliumchloride: 0,40 g per liter.
    • calciumchloridedihydraat: 0,27 g per liter.
    • natriumlactaat: 3,20 g per liter.
  • Het enige andere bestanddeel is water voor injecties.

Hoe ziet Ringerlactaat eruit en wat is de inhoud van de verpakking

Ringerlactaat is een heldere oplossing die geen zichtbare deeltjes bevat. Het product is verkrijgbaar in zakken van polyolefine/polyamide plastic (Viaflo). Elke zak bevindt zich in een afgesloten plastic beschermverpakking.

De verpakkingsgrootten zijn 250 ml, 500 ml en 1000 ml.

Verpakkingsgrootten:

  • 30 zakken van 250 ml per doos,1 zak van 250 ml,
  • 20 zakken van 500 ml per doos,
  • 1 zak van 500 ml,
  • 10 zakken van 1000 ml per doos,
  • 1 zak van 1000 ml.
Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 8/10

Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.

Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 9/10

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikanten

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen: Baxter B.V., Kobaltweg 49, NL-3542 CE Utrecht, Nederland Fabrikanten:

Baxter S.A., Bd René Branquart 80, B-7860 Lessines, België

Baxter Healthcare Ltd, Caxton Way, Thetford, Norfolk IP24 3SE, Verenigd Koninkrijk Bieffe Medital, Ctra de Biescas-Senegüé, E-22666 Sabiñánigo (Huesca), Spanje

Baxter Healthcare S.A., Moneen Road, Castlebar, County Mayo, Ierland

Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen

RVG 28309.

Deze bijsluiter is goedgekeurd in oktober 2012.

De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen of andere beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg.

Instructies voor verwerking en voorbereiding

Uitsluitend gebruiken als de oplossing helder is en geen zichtbare deeltjes bevat, en de zak onbeschadigd is. Onmiddellijk toedienen na inbrenging van de toedieningsset.

De zak pas vlak vóór gebruik uit de beschermverpakking nemen.

De binnenverpakking zorgt ervoor dat de steriliteit van het product behouden blijft.

Plastic zakken mogen niet in serieverbinding worden gebruikt. Dergelijk gebruik kan leiden tot luchtembolie als gevolg van achterblijvende lucht die uit de eerste zak opgezogen is, voordat de toediening van de vloeistof uit de tweede zak beëindigd is. Wanneer een flexibele plastic zak met een intraveneuze oplossing samengedrukt wordt om de inloopsnelheid te verhogen, kan dat leiden tot luchtembolie als de zak niet helemaal ontlucht is vóór toediening.

Aan de hand van een aseptische techniek moet de oplossing worden toegediend met steriele apparatuur. Deze apparatuur moet worden geprimed met de oplossing om te voorkomen dat lucht binnendringt in het systeem. Toe te voegen geneesmiddelen kunnen vóór of tijdens de infusie worden toegevoegd via de hersluitende injectiepoort. Wanneer een toe te voegen geneesmiddel gebruikt wordt, moet de isotoniciteit ervan worden gecontroleerd vóór parenterale toediening. Het toegevoegde geneesmiddel moet grondig en zorgvuldig worden gemengd onder aseptische omstandigheden. Oplossingen met toegevoegde geneesmiddelen moeten onmiddellijk worden gebruikt en mogen niet worden bewaard.

Door de toevoeging van andere geneesmiddelen of een verkeerde wijze van toediening kunnen pyrogenen in de bloedsomloop terechtkomen en leiden tot de ontwikkeling van koorts. In geval van bijwerkingen moet de infusie onmiddellijk worden stopgezet.

Vernietigen na eenmalig gebruik. Niet-gebruikte oplossing vernietigen.

Gedeeltelijk gebruikte zakken niet opnieuw aansluiten.

a. Neem de Viaflo-zak pas vlak vóór gebruik uit de beschermverpakking.

b. Controleer op de aanwezigheid van kleine lekken door stevig in de binnenverpakking te knijpen. Vernietig de oplossing in geval van lekken, aangezien de steriliteit kan zijn aangetast.

c. Controleer of de oplossing helder is en geen vreemde deeltjes bevat. Vernietig de oplossing als die niet helder is of vreemde deeltjes bevat.

Steriel materiaal gebruiken voor voorbereiding en toediening.

Ringerlactaat Baxter B.V.
Bijsluiter 10/10
  1. Hang de zak via het oogje omhoog aan de infuusstandaard.
  2. Verwijder de plastic beschermhuls van de uitlaatpoort onderaan op de zak:
  • neem met de ene hand de kleine vleugel op de uitlaatpoort vast;
  • neem met de andere hand de grotere vleugel op de beschermhuls vast en draai die van de uitlaatpoort;
  • de beschermhuls springt los van de uitlaatpoort.
  • Pas een aseptische techniek toe om de infusie voor te bereiden.
  • Bevestig de toedieningsset. Raadpleeg de volledige gebruiksaanwijzing van de set voor de aansluiting en priming van de set en de toediening van de oplossing.
  • Waarschuwing: Het is mogelijk dat toe te voegen geneesmiddelen onverenigbaar zijn (zie onderstaande rubriek 5., “Gevallen van onverenigbaarheid met toe te voegen geneesmiddelen”).

    Geneesmiddelen toevoegen vóór de toediening

    1. Desinfecteer de injectiepoort.
    2. Gebruik een spuit met een naald van 19 gauge (1,10 mm) tot 22 gauge (0,70 mm) om de hersluitende injectiepoort aan te prikken, en injecteer het toe te voegen geneesmiddel in de zak met oplossing.
    3. Meng de oplossing grondig met het geneesmiddel. Tik voorzichtig op de poorten terwijl die rechtop gehouden worden, en meng het geneesmiddel met de oplossing in geval van geneesmiddelen met een hoge densiteit zoals kaliumchloride.

    Opgelet: Zakken met toegevoegde geneesmiddelen niet bewaren.

    Geneesmiddelen toevoegen tijdens de toediening

    1. Sluit de klem op de set.
    2. Desinfecteer de injectiepoort.
    3. Gebruik een spuit met een naald van 19 gauge (1,10 mm) tot 22 gauge (0,70 mm) om de hersluitende injectiepoort aan te prikken, en injecteer het toe te voegen geneesmiddel in de zak met oplossing.
    4. Verwijder de zak van de infuusstandaard en/of houd de zak rechtop.
    5. Tik voorzichtig op beide poorten om de aanwezige luchtbellen in de poorten te verwijderen, terwijl de zak rechtop gehouden wordt.
    6. Meng de oplossing grondig met het geneesmiddel.
    7. Hang de zak opnieuw omhoog aan de infuusstandaard, open de klem en ga verder met de toediening.

    Vóór gebruik moeten de chemische en fysische stabiliteit van het toe te voegen geneesmiddel worden bepaald bij de zuurgraad van Ringerlactaat in de Viaflo-zak.

    Uit microbiologisch standpunt moet het verdunde product onmiddellijk worden gebruikt, tenzij de verdunning uitgevoerd is onder gecontroleerde en gevalideerde aseptische omstandigheden. Als het verdunde product niet onmiddellijk gebruikt wordt, zijn de bewaartijden en bewaarcondities na opening van de beschermverpakking de verantwoordelijkheid van de gebruiker.

    Zoals bij alle parenterale oplossingen, moet de verenigbaarheid van het toe te voegen geneesmiddel met de oplossing in de Viaflo-zak worden gecontroleerd alvorens dit geneesmiddel toe te voegen.

    Het is de verantwoordelijkheid van de arts om de onverenigbaarheid van een toe te voegen geneesmiddel met Ringerlactaat vast te stellen, door de oplossing te controleren op een mogelijke kleurverandering en/of mogelijke aanwezigheid van neerslag, niet-oplosbare complexen of kristallen. De gebruiksaanwijzing van het toe te voegen geneesmiddel moet worden geraadpleegd.

    Alvorens een geneesmiddel toe te voegen, moet er worden gecontroleerd of het geneesmiddel oplosbaar en stabiel is in water bij de zuurgraad (pH: 5,0 – 7,0) van Ringerlactaat.

    Wanneer een verenigbaar geneesmiddel toegevoegd wordt aan Ringerlactaat, moet de oplossing onmiddellijk worden toegediend.

    Ringerlactaat Baxter B.V.
    Bijsluiter 11/10

    De volgende geneesmiddelen zijn onverenigbaar met Ringerlactaat (deze opsomming is informatief en onvolledig):

    • geneesmiddelen die onverenigbaar zijn met Ringerlactaat:
      • aminocapronzuur;
      • amfotericine B;
      • metaraminoltartraat;
      • cefamandol;
      • cortisonacetaat;
      • di-ethylstilbestrol;
      • etamivan;
      • ethylalcohol;
      • fosfaat- en carbonaatoplossingen;
      • oxytetracycline;
      • thiopentalnatrium;
      • versenaatdinatrium.
    • geneesmiddelen die gedeeltelijk onverenigbaar zijn met Ringerlactaat:
      • tetracycline: stabiel gedurende 12 uur;
      • ampicillinenatrium:
        • concentratie van 2 % tot 3 %: stabiel gedurende 4 uur,
        • concentratie > 3 %: binnen het uur toedienen;
      • minocycline: stabiel gedurende 12 uur;
      • doxycycline: stabiel gedurende 6 uur.

    Toe te voegen geneesmiddelen waarvan de onverenigbaarheid vastgesteld is, mogen niet worden gebruikt.

    Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK