Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Citalopram behoort tot de groep geneesmiddelen van antidepressiva, zogenaamde selectieve heropnameremmers (SSRI’s). Iedereen heeft de lichaamseigen stof serotonine in zijn hersenen. Men denkt dat een tekort aan serotonine een depressie kan veroorzaken. Het is niet volledig duidelijk hoe citalopram werkt, maar het kan helpen om de hoeveelheid serotonine in de hersenen te verhogen.

Citalopram AbZ wordt gebruikt bij de behandeling van: - depressie (episodes van ernstige depressie).

Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

  • wanneer u allergisch bent voor één van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u vinden onder rubriek 6.
  • wanneer u geneesmiddelen van het type monoamine oxidase remmers (MAO remmers, een ander soort middel voor de behandeling van depressies, bijv. moclobemide) gebruikt of deze kortgeleden heeft gebruikt. Overleg, voordat u begint met het gebruik van Citalopram AbZ, eerst met uw arts, omdat het nodig kan zijn te wachten tot 14 dagen na beëindiging van het gebruik met een MAO-remmer. De MAO- remmer selegiline (gebruikt voor de behandeling van de ziekte van Parkinson) mag gebruikt worden maar niet in hogere doseringen dan 10 mg per dag. Wanneer overgegaan wordt van Citalopram AbZ naar MAO-remmers, dient u tenminste 7 dagen te wachten voordat u begint met het innemen van MAO- remmers.
  • als u een aangeboren hartritmestoornis hebt of hier last van hebt gehad (vastgesteld met een ECG: een hartfilmpje)

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

  • als u andere geneesmiddelen gebruikt voor het behandelen van hartritmeproblemen of geneesmiddelen die invloed hebben op het hartritme. Zie ook de rubriek ‘Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?’
  • wanneer u linezoid inneemt ( gebruikt voor de behandeling van bepaalde bacteriële infecties), tenzij u nauwlettend wordt geobserveerd door uw arts en er monitoring van de bloeddruk plaats vindt.

Wanneer één van deze waarschuwingen betrekking op u heeft, informeer dan uw arts voordat u Citalopram AbZ inneemt.

Neem contact op met uw arts voordat u citalopram gebruikt:

  • wanneer u andere geneesmiddelen gebruikt (zie “Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?”).
  • als u last hebt of hebt gehad van hartproblemen of kort geleden een hartaanval hebt gehad.
  • als u in rust een trage hartslag hebt en/of u weet dat i een zouttekort hebt als gevolg van langdurige diarree en braken of door gebruik van diuretica (plaspillen).
  • als u last hebt van een snelle of onregelmatige hartslag, flauwvallen, toevallen of duizeligheid bij het opstaan, omdat dit kan wijzen op een afwijkende hartslag.
  • wanneer u suikerziekte (diabetes) heeft.
  • wanneer u epilepsie of een verleden van aanvallen heeft of begint te lijden aan epileptische aanvallen gedurende de behandeling met Citalopram AbZ.
  • wanneer u elektroshocktherapie ontvangt (Electro Convulsie Therapie of ECT).
  • wanneer u lijdt aan manische episoden/hypomanische episoden (overactief gedrag of overactieve gedachten).
  • wanneer u een verleden heeft van stollingsstoornissen of snel bloedingen heeft of wanneer u geneesmiddelen gebruikt die mogelijk het risico op bloedingen verhogen (zie “Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?”).
  • wanneer u andere psychiatrische aandoeningen heeft (psychoses).
  • wanneer u lijdt aan lever- of nierproblemen.
  • Als u ouder bent dan 65 jaar. wanneer u bepaalde oogproblemen heeft, zoals bepaalde soorten glaucoom (verhoogde oogdruk).

Gedachten over zelfmoord en verergering van uw depressie of angststoornis

Als u depressief bent en/of lijdt aan angststoornissen kunt u soms gedachten hebben over zelfbeschadiging of zelfmoord. Deze gedachten kunnen toenemen als u voor het eerst middelen tegen depressie (antidepressiva) gaat innemen, aangezien deze geneesmiddelen allemaal de tijd nodig hebben, in het algemeen ongeveer 2 weken of soms langer, om te gaan werken.

U heeft een meer waarschijnlijke kans dat u dit soort gedachten vertoont:

  • als u al eerder gedachten heeft gehad over zelfmoord of zelfbeschadiging
  • als u een jong volwassene bent. Informatie uit klinische onderzoeken heeft een toegenomen risico aangetoond op zelfmoordgedrag bij jonge volwassenen jonger dan 25 jaar oud met psychiatrische

aandoeningen die behandeld werden met een antidepressivum.

Als u op enig moment gedachten over zelfbeschadiging of zelfmoord hebt, neem dan direct contact op

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

met uw arts of ga direct naar het ziekenhuis.

Het kan helpen als u een vriend of familielid vertelt dat u zich depressief voelt of dat u lijdt aan een angststoornis en hen vraagt deze bijsluiter te lezen. U kunt hen vragen u te vertellen of zij denken dat uw depressie of angststoornis erger wordt of dat zij zich zorgen maken over veranderingen in uw gedrag.

Kinderen en jongeren tot 18 jaar

Citalopram AbZ dient niet te worden gebruikt bij de behandeling van kinderen en jongeren tot 18 jaar. Patiënten jonger dan 18 jaar hebben een verhoogd risico op zelfmoordpogingen, zelfmoordgedachten en vijandigheid (voornamelijk agressie, oppositioneel gedrag en woede) als zij behandeld worden met geneesmiddelen uit deze therapeutische klasse. Ondanks dit alles kan uw arts aan patiënten jonger dan 18 jaar Citalopram AbZ voorschrijven omdat dit in het belang van de patiënt is. Als uw arts Citalopram AbZ heeft voorgeschreven aan een patiënt die jonger is dan 18 en u wilt dit bespreken, dan wordt u verzocht contact op te nemen met uw arts. Indien bij patiënten jonger dan 18 jaar één van de hiervoor genoemde symptomen zich ontwikkelt of verslechtert bij inname van Citalopram AbZ, dan wordt u verzocht uw arts hierover te informeren. Lange-termijn veiligheidsgegevens van Citalopram AbZ over groei, ontwikkeling en cognitieve en gedragsontwikkeling ontbreken in deze leeftijdsgroep.

Gevoel van rusteloosheid en psychomotore opwinding

Wees extra voorzichtig wanneer symptomen optreden als een innerlijk gevoel van rusteloosheid en psychomotore opwinding, zoals niet kunnen stilzitten of stilstaan, samengaand met een gevoel van angst (acathisie). Deze verschijnselen treden meestal op in de eerste weken van de behandeling. Het verhogen van de dosering van Citalopram AbZ kan deze gevoelens nog sterker maken (zie rubriek 4 “Mogelijke bijwerkingen”).

Serotonine-syndroom

Informeer onmiddellijk uw arts wanneer één van onderstaande symptomen die in rubriek 4 ‘mogelijke bijwerkingen’ worden genoemd optreden gedurende de behandeling met Citalopram AbZ, omdat dit kan duiden op het zogeheten serotonine-syndroom.

Laag natriumgehalte in het bloed

Citalopram AbZ kan in zeldzame gevallen, voornamelijk bij vrouwelijke patiënten, een te laag natriumgehalte in het bloed en een ongewone afscheiding van een bepaald hormoon in de hersenen dat de vochtbalans in het lichaam regelt (syndroom van inadequate secretie van het antidiuretische hormoon (SIADH)) veroorzaken. Informeer uw arts wanneer u zich ziek, onwel met slappe spieren of verward voelt tijdens de behandeling met Citalopram AbZ.

Ontwenningsverschijnselen bij het stoppen

Zie: ‘Als u stopt met het gebruik van dit middel’

Gebruikt u naast Citalopram AbZ nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat de mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan aan uw arts of apotheker.

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

GEBRUIK DIT MIDDEL NIET als u ook geneesmiddelen gebruikt voor hartritmeproblemen of geneesmiddelen die invloed hebben op het hartritme, zoals klasse IA- of III-antiaritmica, antipsychotica (bijv. fentiazine derivaten, pimozide, haloperidol), tricyclische antidepressiva, bepaalde antimicrobiële middelen (zoals sparfloxacine, moxifloxacine, erytromycine iv, pentamidine, behandelingen bij malaria, met name halofantrine) of bepaalde antihistaminica (astemizol, mizolastine). Als u hierover nog vragen hebt, neem dan contact op met uw arts.

Wanneer u één van de onderstaande geneesmiddelen inneemt of kortgeleden heeft ingenomen en dit nog niet met uw behandelend arts heeft besproken, dient u de behandelend arts om advies te vragen.

  • monoamine oxidase remmers en linezolid (zie “Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?”)
  • selegiline (middel gebruikt bij de ziekte van Parkinson)
  • buspirone (middel gebruikt bij angststoornissen)
  • geneesmiddelen behorend tot de groep van triptanen zoals sumatriptan (geneesmiddel dat wordt gebruikt voor de behandeling van migraine)
  • tramadol (geneesmiddel dat wordt gebruikt bij ernstige pijn)
  • antistollingsmiddelen, dipiridamol en ticlopidine (bloedverdunners)
  • acetylsalicylzuur, niet steroïde anti-ontstekingsmiddelen (NSAIDs) zoals ibuprofen (geneesmiddel voor de behandeling van ontstekingen en pijn)
  • neuroleptica (fenothiazines (bijvoorbeeld thioridazine), thioxanthenen, butyrofenonen (bijvoorbeeld haloperidol), atypische antipsychotica, bijvoorbeeld risperidon (geneesmiddel voor de behandeling van bepaalde psychiatrische aandoeningen)
  • tricyclische antidepressiva (geneesmiddelen voor de behandeling van depressie)
  • kruidenpreparaten welke St. Janskruid (Hypericum perforatum) bevatten
  • cimetidine, omeprazol, esomeprazol, lanzoprazol (geneesmiddel dat wordt gebruikt om de productie van maagzuur te verlagen)
  • lithium (geneesmiddel dat wordt gebruikt bij manie) en tryptofaan (voorloper van serotonine).
  • imipramine, desipramine, clomipramine, nortryptiline (geneesmiddelen die worden gebruikt voor de behandeling van depressie).
  • fluvoxamine (geneesmiddel dat wordt gebruikt voor de behandeling van depressie en obsesieve dwangmatige stoornis)
  • mefloquin (geneesmiddel voor de behandeling van malaria)
  • bupropion (geneesmiddel voor de behandeling van depressie en om het stoppen met roken te stimuleren)
  • flecaïnide, propafenon (geneesmiddelen voor de behandeling van een onregelmatige hartslag)
  • metoprolol (middel voor de behandeling van hartfalen)
  • geneesmiddelen die lage bloedspiegels van kalium of magnesium kunnen veroorzaken. Vraag uw arts of apotheker of het geneesmiddel dat u gelijktijdig inneemt met Citalopram AbZ behoort tot deze groep.

Het wordt aanbevolen om geen alcohol te drinken tijdens de behandeling met Citalopram AbZ. Citalopram AbZ kan worden ingenomen met of zonder voedsel.

Zwangerschap, borstvoeding en vruchtbaarheid

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Zorg dat uw verloskundige en/of arts weet dat u Citalopram AbZ gebruikt. Bij gebruik tijdens de zwangerschap, vooral in de laatste drie maanden van de zwangerschap, kunnen geneesmiddelen als Citalopram AbZ het risico op een bepaalde ernstige aandoening bij baby’s verhogen. Deze aandoening wordt “persisterende pulmonale hypertensie van de pasgeborene” (PPHN) genoemd en veroorzaakt een versnelde ademhaling en blauwachtige verkleuring van de huid van de baby. Deze verschijnselen beginnen meestal in de eerste 24 uur nadat de baby is geboren. Als dit met uw baby gebeurt, moet u onmiddellijk contact opnemen met uw verloskundige en/of arts.

Verder, indien u Citalopram AbZ gedurende de laatste 3 maanden van uw zwangerschap gebruikt en tot aan de dag van de geboorte moet u zich bewust zijn van de volgende bijwerkingen die dit kan hebben op uw pasgeborene: toevallen, te warm of te koud zijn, moeite met voeden, overgeven, laag bloedsuikergehalte, stijve of slappe spieren, overactieve reflexen, tremor, schrikkerig, geïrriteerd, vermoeid, constant huilen, slaperigheid of moeite met slapen. Als uw pasgeboren kind één van deze symptomen krijgt neem dan direct contact op met uw verloskundige of arts.

Als u borstvoeding geeft, vraag dan uw arts om advies. U moet geen borstvoeding geven aan uw kind als u Citalopram AbZ gebruikt omdat kleine hoeveelheden van het geneesmiddel in de moedermelk terechtkomen.

Uit dieronderzoek is gebleken dat citalopram de kwaliteit van het sperma verlaagt. In theorie kan dit van invloed zijn op de vruchtbaarheid, maar tot nu toe is er geen effect op de vruchtbaarheid bij de mens waargenomen.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Citalopram AbZ heeft een lichte tot matige invloed op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken. U dient niet te rijden of machines te bedienen totdat u weet hoe u reageert op Citalopram AbZ. Raadpleeg bij twijfel uw arts of apotheker.

Hoe gebruikt u dit middel?

Gebruik dit middel altijd precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

40 mg

Citalopram 40 AbZ is niet geschikt voor alle doseringen zoals hieronder beschreven. Voor deze doseringen zijn andere citalopram-bevattende producten in de handel.

Gebruik bij volwassenen

De gebruikelijke dosis is 20 mg citalopram per dag. Uw arts kan dit verhogen naar maximaal 40 mg per dag.

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

Gebruik bij oudere patiënten (vanaf 65 jaar)

Er moet begonnen worden met een halve startdosis, d.w.z. 10-20 mg per dag. Oudere patiënten mogen doorgaans niet meer dan 20 mg per dag krijgen.

Gebruik bij patiënten met extra risico

Patiënten met leverklachten mogen niet meer dan 20 mg per dag krijgen.

Tijd en wijze van inname

Citalopram AbZ wordt 1 maal per dag oraal ingenomen, ‘s ochtends of ’s avonds.

De filmomhulde tabletten kunnen met of zonder voedsel worden ingenomen, maar wel met wat vloeistof.

Duur van de behandeling

Citalopram AbZ werkt niet direct. U zult pas na ongeveer 2 weken een verbetering merken. Nadat de ziekteverschijnselen verdwenen zijn, dient u citalopram nog 4-6 maanden te gebruiken.

Stoppen met de behandeling

Zie: ‘Als u stopt met het gebruik van dit middel’

Wanneer u of iemand anders teveel van Citalopram AbZ heeft ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of de eerste hulp afdeling van het dichtstbijzijnde ziekenhuis.

De volgende bijwerkingen kunnen optreden: onregelmatige hartslag, epileptische aanvallen, verandering in het hartritme, onwel voelen (misselijk), overgeven, zweten, versuft voelen, bewusteloos raken, versnelde hartslag, tremor, verandering in de bloeddruk, agitatie, duizeligheid, vergrote pupillen, blauwachtige verkleuring van de huid, versnelde ademhaling. Ook kan het serotonine-sydroom optreden (zie rubriek 4 “Mogelijke bijwerkingen”).

Wanneer u bent vergeten een dosis in te nemen, neem dan de volgende dosis op de gebruikelijke tijd. Neem geen dubbele dosis om eenvergeten dosis in te halen.

Als u stopt met het gebruik van dit middel

Stop niet met het gebruik van Citalopram AbZ totdat u arts u dit mededeelt. Citalopram AbZ dient langzaam afgebouwd te worden, geadviseerd wordt om de dosering geleidelijk aan over een periode van tenminste 1- 2 weken af te bouwen. Het is belangrijk dat u de instructies van uw arts volgt. Stoppen met de behandeling van Citalopram AbZ, vooral wanneer plotseling wordt gestopt, kan resulteren in het optreden van ontwenningsverschijnselen zoals duizeligheid, gevoelsstoornissen (waaronder parasthesie en het gevoel hebben elektrische schokken te krijgen), slaapstoornissen (waaronder slapeloosheid en intense dromen), agitatie of angst, misselijkheid en/of overgeven, tremor, verwardheid, zweten, hoofdpijn, diarree, hartkloppingen, emotionele instabiliteit, geïrriteerdheid en visuele stoornissen. Neem contact op met uw arts wanneer ontwenningsverschijnselen optreden nadat u gestopt bent met de behandeling van Citalopram AbZ.

Heeft u nog vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

Ernstige bijwerkingen

Als u één van de volgende symptomen ontwikkeld moet u direct stoppen met het gebruik van Citalopram AbZ en onmiddellijk naar uw arts gaan:

  • een snelle, onregelmatige hartslag en flauwvallen, wat tekenen kunnen zijn van een levensbedreigend aandoening die torsade de pointes heet;
  • moeite met ademhalen;
  • opzwellen van het gezicht, lippen, tong of keel waardoor er moeite ontstaat met slikken of ademhalen;
  • ernstig jeukende huid (met opgezwollen bulten).

Serotonine-syndroom is gemeld in zeldzame gevallen bij patiënten die behandeld werden met dit soort antidepressiva (SSRI’s). Vertel het uw arts als u hoge koorts, trillen (tremor), plotselinge spierbewegingen en agitatie krijgt, omdat deze symptomen kunnen duiden op het ontwikkelen van deze aandoening. Behandeling met Citalopram AbZ moet onmiddellijk worden beëindigd.

Als u één van de volgende symptomen opmerkt moet u onmiddellijk contact opnemen met uw arts omdat uw dosering mogelijk verminderd moet worden of u mogelijk moet stoppen met het gebruik:

  • Als u voor het eerst toevallen krijgt of als u al langer toevallen had maar deze worden meer frequent.
  • Als uw gedrag verandert omdat u zich opgetogen of overenthousiast voelt.
  • Vermoeidheid, verwardheid en trekkingen van uw spieren. Dit kunnen teken zijn van een laag zoutgehalte in uw bloed.

Als u gedachtes heeft over zelfbeschadiging of zelfmoord op enig moment, neem dan contact op met uw arts of ga direct naar een ziekenhuis.

De bijwerkingen van Citalopram AbZ zijn meestal mild en van voorbijgaande aard. Ze komen het meest voor tijdens de eerste week van de behandeling en verminderen meestal wanneer de depressieve toestand verbetert.

  • slaperigheid, moeilijkheden met slapen, opwinding, hoofdpijn,
  • misselijk gevoel, droge mond, toegenomen zweten.
  • gevoel van zwakte en vermoeidheid (asthenie).
  • moeite met scherpstellen van de ogen op verschillende afstanden
  • verminderde eetlust of gebrek aan eetlust, gewichtsafname
  • agitatie, nerveus zijn, verwardheid
  • migraine
  • tremor, tintelingen of doof gevoel in de handen of voeten, duizeligheid

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

  • verstoorde aandacht
  • afwijkingen in de smaak
  • oorsuizen (tinnitus)
  • versnelde hartslag (palpitatie), hoge of lage bloeddruk
  • geeuwen, rhinitis, sinitus
  • diarree, overgeven, verstopping, maagproblemen (bijv: buikpijn, indigestie, winderigheid), toegenomen speeksel
  • jeuk
  • pijn in spieren en gewrichten
  • overmatige of abnormaal veel urineproductie
  • verminderd libido
  • voor vrouwen: geremd orgasme bij de vrouw, pijnlijk verloop van de menstruatie
  • voor mannen: verstoorde zaadlozing, erectie stoornis
  • impotentie
  • moe voelen
  • toename in eetlust, toename van gewicht
  • agressie, dingen zien en horen die er niet zijn (hallucinaties), overactief gedrag of gedachte (manie), vervreemding van zichzelf (depersonalisatie), euforie
  • plotseling verlies van bewustzijn (gedurende enkele seconden of meerdere minuten [syncope])
  • vergrote pupillen (het donkere midden van het oog)
  • snelle of langzame hartslag
  • netelroos, haar uitval, uitslag, gemakkelijk oplopen van blauwe plekken, overgevoelig voor licht
  • moeite met urineren
  • abnormaal hevig en verlengde menstruatie
  • opzwellen van armen of benen
  • lager zoutgehalte in het bloed dan normaal is, met name bij oudere vrouwelijke patiënten
  • toegenomen libido
  • stuipen, onvrijwillige bewegingen
  • bloedingen
  • ontsteking van de lever (hepatitis)
  • hoesten
  • koorts
  • gevoel van onbehagen

Zeer zelden (minder dan 1 op de 10.000 patiënten)

- onregelmatige hartslag

Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

  • toename in bloeding of blauwe plekken vanwege een verminderd aantal bloedplaatjes
  • laag kaliumgehalte in het bloed (hypokaliaemie)

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

  • paniek aanval
  • tandenknarsen
  • ongebruikelijke spiertrekkingen of stijfheid
  • rusteloos gevoel, onvrijwillige bewegingen van de spieren (acathisie) (zie: “”Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?)
  • visus stoornissen
  • veranderingen in het elektrocardiogram (ECG)
  • verminderde bloeddruk bij het opstaan vanuit zittende of liggende positie (soms vergezeld door duizeligheid)
  • bloedneus
  • bloedingstoornissen waaronder gastro-enteraal, rectaal, huid en spier bloedingen
  • abnormale leverfunctie testen
  • plotseling opzwellen van de huid en slijmvliezen vanwege vochtretentie
  • Baarmoederlijke bloeding met onregelmatige tussenpozen
  • bij mannen: pijnlijke erecties
  • productie van borstmelk bij mannen of bij vrouwen die geen borstvoeding geven (galactorrhoea)zelfmoordgedachten/zelfmoordgedrag (zie “Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel”).
  • Bij patiënten die dit soort geneesmiddelen gebruiken, is een hogere kans op botbreuken gezien.

Bijwerkingen zullen meestal na enkele dagen verdwijnen. Als de bijwerkingen problemen op leveren of aanhouden, of als u een andere ongebruikelijke bijwerking ontwikkelt terwijl u Citalopram AbZ gebruikt, vertel het dan aan uw arts.

Ontwenningsverschijnselen na stoppen

Zie “Als u stopt met gebruik van dit middel”.

Krijgt u veel last van één van de bijwerkingen? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.

Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.

Gebruik dit middel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de verpakking na “EXP.”. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste houdbaarheidsdatum.

Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities.

Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker wat u met de geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier vernietigd en komen niet in het milieu terecht.

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

Anvullende Informatie

De werkzame stof in dit middel is citalopram.

20 mg

Elke filmomhulde tablet bevat 20 mg citalopram (als hydrobromide)

40 mg

Elke filmomhulde tablet bevat 40 mg citalopram (als hydrobromide)

De andere stoffen in dit middel zijn:

tabletkern: mannitol, microkristallijne cellulose, watervrij colloïdaal siliciumdioxide, magnesium stearaat tabletcoating: hypromellose, macrogol 6000, titaandioxide (E171).

Citalopram 20 AbZ zijn ronde, witte filmomhulde tabletten met een breukstreep en een diameter van 8 mm.

Citalopram 40 AbZ zijn ronde, witte filmomhulde tabletten met een breukstreep en een diameter van 10 mm.

Blister verpakkingen met 10, 14, 20, 28, 30, 50, 56, 98, 100, 100x1, 250 en 500 filmomhulde tabletten. Tablettenflacon met 250 of 500 filmomhulde tabletten.

Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:

AbZ Pharma GmbH

Graf-Arco-Strasse 3

89079 Ulm, Duitsland

Fabrikant:

AbZ Pharma GmbH

Dr. Georg-spohn-Straβe 7

D-89143 Blaubeuren

Duitsland

Actavis hf.

Karnesbraut 108

IS/200 Kopavogur

IJsland

In het register ingeschreven onder

CITALOPRAM 20 MG ABZ CITALOPRAM 40 MG ABZ filmomhulde tabletten

RVG 27643 - Citalopram 20 mg AbZ, filmomhulde tabletten

RVG 27644 - Citalopram 40 mg AbZ, filmomhulde tabletten.

Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd in juli 2013.

0913.8v.ES

Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK