Auteur: Centrafarm


Lange informatie

Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Metoprolol is een bètablokkeerder en remt in het lichaam de invloed van adrenaline op het hart. Metoprolol heeft in zijn werking een voorkeur voor het hart; de invloed van adrenaline op andere delen van het lichaam wordt nagenoeg niet geremd. Door de remming van de invloed van adrenaline op het hart heeft metoprolol een bloeddrukverlagend effect.

Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg tabletten worden gebruikt bij:

  • een verhoogde bloeddruk
  • hartkramp
  • hartritmestoornissen
  • de behandeling van patiënten die onlangs een hartinfarct gehad hebben, om de kans op een nieuw infarct of plotselinge dood te verminderen
  • een te sterk werkende schildklier
  • ter voorkoming van migraine.
Inhoudsopgave
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
Hoe gebruikt u dit middel?
Mogelijke bijwerkingen?
Hoe bewaart u dit middel?
Anvullende Informatie

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?

Gebruik Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg niet:

  • bij bepaalde stoornissen in de geleiding van prikkels in het hart (tweede- en derdegraads AV block)
  • bij verminderde hartfunctie als deze niet reageert op behandeling met digoxine
  • bij shock als gevolg van een sterk verminderde hartfunctie (cardiogene shock)
  • bij doorbloedingsstoornissen in de slagaders
  • bij vertraagde samentrekking van de boezems van het hart (ernstige sinusbradycardie)
  • bij een bepaalde stoornis in het hartritme (sick sinus syndroom)
  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor metoprolol, hieraan verwante stoffen, of voor één van de andere bestanddelen van Metoprololtartraat CF
  • bij een verlaagde zuurgraad van het bloed (acidose).

Wees extra voorzichtig met Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg:

  • Indien u een chirurgische ingreep moet ondergaan waarvoor het noodzakelijk is dat u volledig onder narcose gebracht wordt, dan moet u het gebruik van geneesmiddelen aan de arts, die u onder narcose zal brengen, melden. Hij kan hiermee dan rekening houden als hij u onder narcose moet brengen.
  • Gebruik van metoprolol kan bij sommige patiënten leiden tot het plotseling verslechteren van de hartfunctie. Dit uit zich doordat de hartkracht afneemt, de hartslag trager wordt, vocht zich ophoopt in de longen, het ontstaan van een AV-block en een shocktoestand. Metoprolol mag dan ook niet worden toegediend aan patiënten met een onbehandelde hartzwakte (decompensatio cordis). Alvorens met de behandeling met metoprolol begonnen kan worden moet eerst de hartzwakte behandeld worden. Bij gelijktijdig gebruik van metoprolol en digoxine bestaat de kans op het optreden van een tragere geleiding van prikkels in het hart en zelfs het onafhankelijk van elkaar gaan kloppen van kamers en boezems van het hart.
  • Bij patiënten die lijden aan stoornissen van de doorbloeding in de benen, die leiden tot pijn bij het lopen (claudicatio intermittens) is het gebruik van geneesmiddelen zoals metoprolol af te raden omdat dit kan leiden tot een verergering van de klachten.
  • Voorzichtigheid is geboden met het gebruik van metoprolol bij patiënten die lijden aan astma.
  • Bij een verminderde nierfunctie is het niet noodzakelijk de dosering metoprolol aan te passen.
  • Bij een verminderde leverfunctie kan het noodzakelijk zijn de dosering metoprolol te verlagen.
  • Bij patiënten die lijden aan een gezwel van de bijnier mag metoprolol alleen in combinatie met een alfablokkeerder, geneesmiddelen die de invloed van adrenaline op het lichaam verminderen, gebruikt worden.
  • Bij gebruik van metoprolol kan het optreden van een shock als gevolg van overgevoeligheid ernstiger zijn.

Gebruik met andere geneesmiddelen

Vertel uw arts of apotheker als u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen.

  • Voorzichtigheid is geboden bij het gelijktijdig gebruik van metoprolol met zogenaamde calciumantagonisten. Deze combinatie kan de prikkelgeleiding in het hart nadelig beïnvloeden. Dit geldt vooral voor verapamil en diltiazem (bij patiënten met stoornissen in de functie van het hart is de combinatie gecontraïndiceerd.); voor zogenaamde dihydropyridinederivaten, zoals nifidipine, geldt dit minder sterk.
  • Lidocaïne kan het vertragende effect op de hartslag van metoprolol versterken. Bovendien vertraagt metoprolol de uitscheiding van lidocaïne uit het lichaam zodat er een versterking van deze effecten optreedt.
  • Het is raadzaam patiënten, die behandeld worden met een combinatie van metoprolol en zogenaamde ganglionblokkeerders, gebruikt bij de behandeling van verhoogde bloeddruk, MAO-remmers, geneesmiddelen tegen aanhoudende neerslachtigheid en de ziekte van Parkinson, of andere bètablokkeerders, bijvoorbeeld in de ogen ter behandeling van een verhoogde oogboldruk (glaucoom), regelmatig te controleren.
  • Gelijktijdig gebruik van metoprolol en clonidine, een middel tegen verhoogde bloeddruk, vergroot de kans op het ontstaan van een verhoogde bloeddruk na het stoppen van de behandeling. Bij het stoppen van de behandeling moet eerst de behandeling met metoprolol worden afgebouwd en pas daarna die met clonidine.
  • Voorzichtigheid is geboden bij het gelijktijdig gebruik van metoprolol en bepaalde middelen tegen hartritmestoornissen (bijv. kinidine of amiodaron), omdat deze combinatie de hartkracht nadelig kan beïnvloeden.
  • Rifampicine verlaagt de hoeveelheid metoprolol in het bloed; cimetidine verhoogt deze hoeveelheid.
  • Indometacine kan bij gelijktijdig gebruik de bloeddrukverlagende werking van metoprolol verminderen.
  • Metoprolol kan het bloedsuikerverlagend effect van insuline en andere bloedsuikerverlagende middelen versterken. In enkele gevallen kan het nodig zijn de dosering van deze middelen aan te passen.
  • Metoprolol kan de werking van bepaalde gasvormige narcosemiddelen beïnvloeden. Vertel uw arts daarom voor een operatie altijd dat u metoprolol gebruikt.
  • Gelijktijdig gebruik van metoprolol en adrenaline kan tot een verminderd effect van metoprolol op de bloeddruk leiden.

Zwangerschap en borstvoeding

Over het gebruik van metoprolol tijdens de zwangerschap bij de mens zijn onvoldoende gegevens bekend om de mogelijke schadelijkheid te kunnen beoordelen. Voor bètablokkeerders zijn echter schadelijke effecten tijdens de zwangerschap gemeld. U mag metoprolol tijdens de zwangerschap daarom alleen op uitdrukkelijk voorschrift van uw arts gebruiken.

Metoprolol wordt uitgescheiden in moedermelk. U mag metoprolol tijdens de periode waarin borstvoeding gegeven wordt alleen gebruiken op uitdrukkelijk voorschrift van uw arts.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Duizeligheid, verwardheid en vermoeidheid kunnen optreden als gevolg van het gebruik van metoprolol. Hierdoor kan het vermogen actief aan het verkeer deel te nemen worden verminderd. Dit gebeurt vooral in het begin van de behandeling en bij gelijktijdig gebruik van alcohol. Hiermee dient u rekening te houden bij het besturen van voertuigen of het bedienen van machines.

Belangrijke informatie over enkele bestanddelen van Metoprololtartraat CF

Dit geneesmiddel bevat lactose. Indien uw arts u heeft meegedeeld dat u bepaalde suikers niet verdraagt, neem dan contact op met uw arts voorat u dit geneesmiddel neemt.

Hoe gebruikt u dit middel?

Dosering

Verhoogde bloeddruk:

De gebruikelijke dosering is 100 of 200 mg per dag, bij voorkeur éénmaal daags. De maximale dagdosering bedraagt 400 mg.

Hartkramp (angina pectoris):

De dosering bedraagt afhankelijk van uw behoefte 100 tot 200 mg per dag. De maximale dagdosering is 400 mg.

Hartritmestoornissen:

De gebruikelijke dosering bedraagt 100 tot 200 mg per dag, verdeeld over 2 of 3 doses. Indien nodig kan de dosering verhoogd worden.

Te sterk werkende schildklier (hyperthyeroïdie):

De gebruikelijke dosering is 150 tot 200 mg per dag, verdeeld over 3 of 4 doses. Indien nodig kan de dosering verhoogd worden.

Ter voorkoming van een migraine-aanval:

De gebruikelijke dosering is 100 tot 200 mg per dag, verdeeld over 1 of 2 doses.

Na een hartinfarct:

De begindosering bedraagt 50 mg twee- tot viermaal daags, afhankelijk van de reactie van de patiënt gedurende 2 tot 3 dagen. De onderhoudsdosering bedraagt tweemaal daags 100 mg.

Wijze van innemen

De tabletten dienen heel, ongekauwd met wat water of andere vloeistof te worden ingenomen. De tabletten dienen tenminste 2 uur voor of 2 uur na een maaltijd te worden ingenomen. De tabletten mogen dus niet tijdens of vlakbij een maaltijd worden ingenomen.

Indien u de tablet moet halveren om de juiste dosering te bereiken, kunt u de tablet op een hard oppervlak plaatsen met de ingesneden lijn in het midden omhoog. Oefen met uw duim druk uit op de bovenkant en de tablet breekt in twee gelijke delen. U kunt de tablet ook met beide handen in tweeën breken.

Wat u moet doen als u meer van Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg heeft ingenomen dan u zou mogen

De meest opvallende verschijnselen van een overdosering met metoprolol zijn: verlaagde bloeddruk, vertraagde hartslag en in sommige gevallen zelfs een hartstilstand, shock, krampen van de luchtwegen, daling van het bewustzijn, zelfs tot coma, misselijkheid, braken en zuurstofgebrek in het bloed.

Indien u een overdosering vermoedt of bemerkt dient u onmiddellijk een arts te waarschuwen. Laat hem de verpakking of de patiëntenbijsluiter zien. Hij kan u dan verder op de juiste manier behandelen.

Als u stopt met het gebruik van Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg

Bij het beëindigen van de behandeling met metoprolol is het raadzaam de toediening van metoprolol over een periode van 7 tot 10 dagen langzaam af te bouwen. Het plotseling staken van het gebruik van metoprolol kan leiden tot het optreden van verhoogde bloeddruk of hartritmestoornissen.

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals alle geneesmiddelen kan Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg bijwerkingen veroorzaken, hoewel niet iedereen deze bijwerkingen krijgt.

De volgende bijwerkingen kunnen eventueel optreden na het gebruik van metoprolol:

Zenuwstelselaandoeningen

  • duizeligheid (vertigo)
  • vermoeidheid
  • hoofdpijn

Hartaandoeningen

  • vertraagde hartslag (bradycardie)

Bloedvataandoeningen

  • bloeddrukdaling door bijvoorbeeld snel opstaan uit een zittende of liggende houding, soms gepaard gaande met duizeligheid (orthostatische hypotensie)

Maagdarmstelselaandoeningen

  • misselijkheid (nausea)
  • braken
  • buikpijn

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen

  • benauwdheid bij inspanning

Zelden werden de volgende bijwerkingen gemeld:

Zenuwstelselaandoeningen

  • waarnemen van kriebelingen, jeuk of tintelingen, zonder dat daar aanleiding voor is (paresthesie)
  • slaperigheid of slapeloosheid
  • slaapstoornissen en nachtmerries
  • overgevoeligheid voor licht of zonlicht (fotosensibiliteit)

Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen

  • spierkramp

Hartaandoeningen

  • hartzwakte
  • hartkloppingen (palpitaties)
  • stoornissen in het hartritme (aritmieën)
  • pijn in de hartstreek

Bloedvataandoeningen

  • vochtophoping (oedeem)
  • afsterven van weefsels of lichaamsdelen door verslechterde bloedsomloop in combinatie met infectie (gangreen)
  • witte "dode" vingers of tenen door plotseling samentrekken van de spiertjes in de bloedvatwand (syndroom van Raynaud)

Psychische stoornissen

  • neerslachtigheid (depressie)
  • verminderde alertheid
  • vervreemding van zichzelf of van het eigen gevoel (depersonalisatie)

Maagdarmstelselaandoeningen

  • droge mond
  • toegenomen gewicht
  • diarree
  • verstopping (obstipatie)

Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen

  • zweten

Huid- en onderhuidaandoeningen

  • haaruitval (alopecia)
  • huiduitslag

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen

  • ontsteking van het neusslijmvlies, gekenmerkt door een verstopte neus, niezen en afscheiding (rhinitis)
  • benauwdheid door kramp van de spieren van de luchtwegen (bronchospasme)

Oogaandoeningen

  • stoornissen in het zien (visusstoornissen)
  • droge of geïrriteerde ogen
  • ontsteking van de oogleden

Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen

  • oorsuizen (tinnitus)

Bloed- en lymfestelselaandoeningen

  • bloedbeeldafwijkingen

Wanneer één van de bijwerkingen ernstig wordt of als er bij u een bijwerking optreedt die niet in deze bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts of apotheker.

Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.

Bewaren beneden 30 °C. Gebruik Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg niet meer na de vervaldatum die staat vermeld op de verpakking. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.

Geneesmiddelen dienen niet weggegooid te worden via het afvalwater of met huishoudelijk afval. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die niet meer nodig zijn. Deze maatregelen zullen helpen bij de bescherming van het milieu.

Anvullende Informatie

Wat bevat Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg

  • Het werkzame bestanddeel is metoprololtartraat. Metoprololtartraat CF 50 mg tabletten bevatten per tablet 50 mg metoprololtartraat. Metoprololtartraat CF 100 mg tabletten bevatten per tablet 100 mg metoprololtartraat.
  • De andere bestanddelen zijn: lactose, polyvidon, croscarmellosenatrium, magnesiumstearaat (E470b), talk, watervrij colloïdaal siliciumdioxide (E551).

Hoe ziet Metoprololtartraat CF 50 en 100 mg eruit en wat is de inhoud van de verpakking

50 mg tabletten: Ronde, witte, aan beide zijden bolle tabletten met een breukgleuf aan beide zijden. De tablet kan hiermee verdeeld worden in gelijke helften.

100 mg tabletten: Ronde, witte, aan beide zijden bolle tabletten met een kruisbreukgleuf aan beide zijden. De tablet kan hiermee verdeeld worden in 4 gelijke delen.

De tabletten zijn verpakt in een PVC/PVDC/aluminium-doordrukstrip in een kartonnen doosje (met 20, 30, 50 of 100 tabletten) of in een kunststof tablettencontainer (met 500 tabletten).

Niet alle verpakkingsgroottes hoeven in de handel te zijn.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

Vergunninghouder

Centrafarm B.V.

Nieuwe Donk 3 4879 AC Etten-Leur Nederland

Fabrikant

Centrafarm Services B.V.

Nieuwe Donk 9

4879 AC Etten-Leur

Nederland

STADA Arzneimittel AG

Stadastrasse 2 - 18

61118 Bad Vilbel

Duitsland

In het register ingeschreven onder RVG

RVG 16551, Metoprololtartraat CF 50 mg, tabletten

RVG 16552, Metoprololtartraat CF 100 mg, tabletten

Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd in juli 2010.

Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies. OK