Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml, concentraat voor oplossing voor infusie

Illustratie van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml, concentraat voor oplossing voor infusie
Stof(fen) Irinotecan
Toelating Nederland
Producent Sandoz
Verdovend Nee
ATC-Code L01XX19
Farmacologische groep Andere antineoplastische middelen

Vergunninghouder

Sandoz

Brochure

Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml behoort tot de groep geneesmiddelen die cytostatica (middelen tegen kanker) worden genoemd.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml wordt gebruikt voor de behandeling van kanker in de dikke darm of de endeldarm in een gevorderd stadium bij volwassenen, in combinatie met andere geneesmiddelen of alleen.

Gebruik Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml niet

  • als u allergisch (overgevoelig) bent voor irinotecanhydrochloride of voor één van de andere bestanddelen van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml (zie rubriek 6: “Aanvullende informatie”);
  • als u een chronische darmontsteking en/of afsluiting van de darm (darmobstructie) heeft;
  • als u zwanger bent of borstvoeding geeft;
  • als u een te hoog gehalte bilirubine in uw bloed heeft (meer dan 3 keer zoveel als normaal);
  • als uw gezondheidstoestand zeer slecht is;

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 2/18

1313-v7

  • als u gelijktijdig sint-janskruidpreparaten gebruikt (zie: “Gebruik met andere geneesmiddelen”).

Zie de bijsluiter van cetuximab of bevacizumab voor aanvullende informatie over contra- indicaties voor deze geneesmiddelen.

Als een van de bovenstaande situaties op u van toepassing is, gebruik dit geneesmiddel dan niet en overleg met uw arts.

Wees extra voorzichtig met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml

  • Informeer uw arts als u leverproblemen heeft. Voor en tijdens de behandeling moet u nauwlettend worden gecontroleerd. Als u een extreem hoog gehalte bilirubine in het bloed heeft, mag u niet met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml worden behandeld. Uw arts zal dit controleren.
  • Dit geneesmiddel is alleen bedoeld voor volwassenen. Raadpleeg uw arts als dit geneesmiddel aan een kind is voorgeschreven.
  • Aangezien bij ouderen de kans groter is dat het lichaam, met name de lever, niet meer zo goed werkt als bij jongere mensen, zal de arts die u dit geneesmiddel geeft, de dosering zeer zorgvuldig vaststellen.
  • Informeer uw arts als u nierproblemen heeft. Het gebruik van irinotecan wordt niet aanbevolen omdat er geen ervaring is met het gebruik bij mensen met nierproblemen.
  • U moet tijdens deze behandeling en ten minste drie maanden na de kuur een anticonceptiemiddel gebruiken als u geslachtsgemeenschap heeft. Dit geldt voor mannen en vrouwen.
  • Net als bij andere vormen van chemotherapie gaat het gebruik van irinotecanhydrochloride gepaard met een aantal bijwerkingen die ernstig kunnen zijn. Deze bijwerkingen hebben een speciale behandeling nodig om het risico op complicaties te verminderen. U wordt behandeld door een gespecialiseerd team dat ervaring heeft met dit type behandelingen en de behandeling van de bijwerkingen, die meestal tijdelijk van aard zijn. Het is echter zeer belangrijk dat u rubriek 4 (Mogelijke bijwerkingen) leest en zorgvuldig de instructies opvolgt als u last krijgt van een van de beschreven klachten.

Gebruik met andere geneesmiddelen

Vertel uw arts of apotheker als u andere geneesmiddelen gebruikt of kort geleden heeft gebruikt. Dit geldt ook voor geneesmiddelen die u zonder voorschrift kunt krijgen.

  • Sommige geneesmiddelen voor de behandeling van epilepsie (carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne), geneesmiddelen tegen schimmelinfecties (ketoconazol) en een geneesmiddel tegen bacteriën, met name de tuberkelbacterie die tuberculose (TBC) veroorzaakt (rifampicine), kunnen de werking van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml in uw lichaam beïnvloeden.
  • Sint-janskruidpreparaten mogen niet tegelijk met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml worden gebruikt omdat deze effect kunnen hebben op hoe goed de infusie werkt. Als u al sint-janskruid gebruikt, moet u dit aan uw arts melden voordat u begint met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml,.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 3/18

1313-v7

  • Als u een operatie moet ondergaan, vertel uw arts dan dat u dit geneesmiddel gebruikt, aangezien irinotecan de werking van andere middelen (spierverslappers) die gebruikt worden tijdens de operatie, kan beïnvloeden.

Let op: misschien kent u de bovengenoemde geneesmiddelen onder een andere naam, vaak de merknaam. In deze rubriek wordt alleen het werkzame bestanddeel of de therapeutische categorie van het geneesmiddel genoemd en niet de merknaam. Kijk daarom altijd goed op de verpakking en in de bijsluiter van de geneesmiddelen die u al gebruikt, wat de werkzame stof of therapeutische categorie is van dat middel.

Zwangerschap en borstvoeding

Vraag uw arts of apotheker om advies voordat u een geneesmiddel inneemt.

Zwangerschap: Irinotecan mag niet worden gebruikt tijdens de zwangerschap. Tijdens en tot 3 maanden na het einde van de behandeling met irinotecan mag u niet zwanger worden. Als u toch zwanger wordt, moet u uw arts onmiddellijk informeren. Borstvoeding: Tijdens uw behandeling met irinotecan moet u stoppen met het geven van borstvoeding.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Binnen 24 uur na behandeling kunnen zich bijwerkingen voordoen zoals duizeligheid en problemen met het gezichtsvermogen (visusstoornissen). Deze bijwerkingen kunnen een negatieve invloed hebben op de rijvaardigheid en het vermogen machines te gebruiken.

Als u last krijgt van deze bijwerkingen, mag u niet actief aan het verkeer deelnemen of machines bedienen.

Belangrijke informatie over enkele bestanddelen van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml bevat sorbitol. Als uw arts u heeft gezegd dat u bepaalde suikers niet verdraagt, neem dan contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml zal u door een specialist worden toegediend. De dosering die u krijgt, is afhankelijk van uw leeftijd, grootte en medische toestand. Daarnaast is de dosering afhankelijk van een eventuele andere behandeling die u tegen

uw kanker heeft gekregen. Uw arts berekent uw lichaamsoppervlak in vierkante meters (m2).

Dosering:

  • Behandeling met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml als enigegeneesmiddel: De aanbevolen dosering is 350 mg per m2 een keer per 3 weken.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 4/18

1313-v7

  • Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml in combinatie met 5-fluorouracil enfolinezuur: De aanbevolen dosering is 180 mg per m2 een keer per 2 weken, gevolgd door een infusie met 5-fluorouracil en folinezuur.

Als u Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml gaat gebruiken in combinatie met geneesmiddelen die cetuximab of bevacizumab bevatten, lees dan voor gebruik ook de bijsluiters van deze producten.

Als u last krijgt van bijwerkingen, kan uw arts deze doseringen aanpassen.

Hoe wordt de infusie toegediend:

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml wordt gedurende 30 tot 90 minuten als een infusie in een ader toegediend.

Hoe lang duurt deze behandeling:

Uw arts bepaalt hoe lang de behandeling duurt. Dit hangt af van uw situatie.

Als u merkt dat Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml te sterk of juist te weinig werkt, zeg dit dan tegen uw arts of apotheker.

Als u nog vragen heeft over het gebruik van dit geneesmiddel, vraag dan uw arts of apotheker.

Advertentie

Mogelijke bijwerkingen?

Zoals alle geneesmiddelen kan Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml bijwerkingen veroorzaken, hoewel niet iedereen deze bijwerkingen krijgt.

Sommige bijwerkingen komen mogelijk minder vaak voor afhankelijk van hoe u Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml krijgt: als enige geneesmiddel of juist in combinatie met andere geneesmiddelen.

Ernstige bijwerkingen:

De volgende bijwerkingen zijn allemaal ernstige bijwerkingen. Mogelijk heeft u dringend medische hulp nodig als u last krijgt van een of meer van deze bijwerkingen.

Diarree

Er zijn twee vormen van diarree, die van elkaar worden onderscheiden afhankelijk van het moment van aanvang. ‘Vroege diarree’ begint minder dan 24 uur na de infusie en ‘late diarree’ meer dan 24 uur na de infusie. Als u diarree heeft, is het belangrijk dat u deze instructies nauwlettend opvolgt.

  • Als uw diarree minder dan 24 uur na de infusie begint (‘vroege diarree’), moet u onmiddellijk contact opnemen met uw arts of verpleegkundige; zij geven u een geschikte behandeling. Gebruik niet de behandeling die uw arts u heeft voorgeschreven voor ‘late diarree’. Deze ‘vroege diarree’ komt voor bij minder dan 1 op de 10 patiënten. U kunt andere klachten hebben, zoals - zweten, rillingen

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 5/18

1313-v7

  • maagkrampen
  • loopneus
  • rode, zere of waterige ogen
  • zichtproblemen, pupilsamentrekkingen
  • duizeligheid
  • lage bloeddruk, wijder worden van bloedvaten
  • zich niet lekker voelen
  • overmatige speekselvorming.

Informeer uw arts of verpleegkundige over al uw verschijnselen.

  • Als uw diarree meer dan 24 uur na de infusie optreedt (‘late diarree’), moet u meteen nadat u de eerste vloeibare ontlasting heeft gehad, het volgende doen:
  1. Begin onmiddellijk met het antidiarreemiddel dat is voorgeschreven door de arts die u met irinotecan behandelt. Het antidiarreemiddel dat momenteel wordt aanbevolen, is loperamide (4 mg als aanvangsdosis en daarna 2 mg om de 2 uur). U moet met deze behandeling doorgaan tot 12 uur na de laatste vloeibare ontlasting en deze dosering mag niet worden gewijzigd. U mag loperamide niet langer dan 48 uur achtereen of korter dan 12 uur gebruiken. U mag de aanbevolen dosis loperamide niet veranderen.
  2. Drink veel water en/of dranken die zouten bevatten (sodawater, koolzuurhoudende dranken of soep).
  3. Informeer de arts die u met irinotecan behandelt zo snel mogelijk over de diarree. Als hij/zij niet beschikbaar is, informeer dan een andere medewerker van de afdeling waar u dit geneesmiddel heeft gekregen. ‘Late diarree’ treedt bij meer dan 1 op de 10 patiënten op.
U moet uw arts informeren als: - u niet alleen diarree heeft, maar ook misselijk bent en moet braken
    • u niet alleen diarree heeft, maar ook koorts
    • u 48 uur na het begin van de antidiarreebehandeling nog steeds diarree heeft.

Gebruik geen andere antidiarreebehandeling dan de behandeling die u van uw arts of verpleegkundige heeft gekregen en de hierboven beschreven vloeistoffen.

  • Tekort aan witte bloedlichaampjes (neutropenie)

Neutropenie is een afname van bepaalde witte bloedlichaampjes die een belangrijke rol spelen bij de bestrijding van infecties. Neutropenie komt voor bij meer dan 1 op de 10 patiënten die Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml hebben gehad. Daarom moet uw eigen arts (bijv. uw huisarts) regelmatig het aantal cellen in uw bloed controleren tijdens de behandeling met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml. De arts die Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml voorschrijft, moet worden geïnformeerd over de resultaten van deze testen.

  • Als u koorts heeft, kan dit een aanwijzing zijn voor een infectie als gevolg van deze neutropenie en deze moet onmiddellijk worden behandeld. Koorts als gevolg van neutropenie komt voor bij minder dan 1 op de 10 patiënten.
  • Als u koorts heeft (als uw temperatuur hoger is dan 38°C), en met name als u ook diarree heeft, moet u uw arts of verpleegkundige onmiddellijk op de hoogte brengen, omdat onmiddellijke en adequate behandeling noodzakelijk is.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 6/18

1313-v7

Misselijkheid en braken

Voorafgaand aan elke behandeling met Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml moet u een middel tegen braken innemen. Misselijkheid en braken komen voor bij meer dan 1 op de 10 patiënten.

  • Als u moet braken en u heeft last van late diarree, moet u zo snel mogelijk contact opnemen met de arts of de afdeling waar u bent behandeld.

Ernstige allergische reactie

De volgende klachten van een ernstige allergische reactie treden op bij minder dan 1 op de 1000 patiënten:

  • snelle daling van de bloeddruk, zwakke, snelle hartslag
  • bleke, klam aanvoelende huid
  • rusteloosheid, verminderd bewustzijn
  • zwelling van het gezicht of de keel, die moeite met slikken of met ademen kan veroorzaken.

Als u een van deze klachten heeft, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of verpleegkundige.

Ademhalingsproblemen

Interstitiële longziekte die zich presenteert als vocht in de longen, een droge hoest en piepende ademhaling komt voor bij minder dan 1 op de 100 patiënten.

Als u ademhalingsproblemen heeft, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts of verpleegkundige.

Andere mogelijke bijwerkingen:

Informeer uw arts als een van de volgende bijwerkingen hinderlijk wordt.

Zeer vaak (treedt op bij meer dan 1 op de 10 patiënten):

  • tekort aan rode bloedcellen, waardoor de huid bleek kan worden en zwakte of kortademigheid kan worden veroorzaakt
  • tekort aan bloedplaatjes, wat het risico op bloeduitstortingen en bloedingen verhoogt
  • koorts zonder infectie
  • omkeerbare haaruitval (alopecia)
  • bloedtesten die wijzen op veranderingen in de leverwerking (ALT, AST, alkaline fosfatase, bilirubine).

Vaak (bij minder dan 1 op de 10 patiënten):

  • zwakte (asthenie)
  • obstipatie (verstopping)
  • uitdroging, meestal in combinatie met diarree en/of overgeven
  • abnormale uitslagen van nierfunctieonderzoeken (creatinine).

Soms (bij minder dan 1 op de 100 patiënten)

  • lichte allergische reacties, zoals uitslag en jeuk
  • lichte huidreacties, lichte reactie op de plaats van infusie
  • afsluiting van de darm (darmobstructie, ileus)
  • bloedingen in het maagdarmkanaal (gastro-intestinale bloeding)

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 7/18

1313-v7

  • diarree die ernstig is, lang aanhoudt of bloed bevat, samen met maagpijn of koorts (pseudomembraneuze colitis)
  • onvoldoende werking van de nieren (nierfalen), lage bloeddruk en cardio-circulatoire insufficiëntie zijn waargenomen bij patiënten die te veel vocht hebben verloren (uitdroging) door diarree en/of braken of infectie.

Zelden (bij minder dan 1 op de 1000 patiënten)

  • ernstige ontsteking van de dikke darm die buikpijn en/of diarree veroorzaakt (colitis, ischemische colitis en colitis ulcerosa); blindedarmontsteking; darmperforatie (gaatjes in het darmkanaal)
  • ontsteking van de alvleesklier gepaard gaande met heftige pijn in de bovenbuik uitstralend naar de rug en misselijkheid en braken (pancreatitis)
  • maagpijn
  • ontsteking van de slijmvliezen (mucositis)
  • lichte vormen van gebrek aan eetlust (anorexie)
  • spiersamentrekking of -verkramping en kriebelingen, jeuk of tintelingen zonder aanwijsbare oorzaak (paresthesie)
  • lage kaliumspiegels in het bloed die spierzwakte, trekkingen of hartritmestoornissen kunnen veroorzaken. Dit is meestal het gevolg van diarree en braken.

Zeer zelden (bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten):

  • tekort aan bloedplaatjes veroorzaakt door antilichamen
  • verhoogd aantal van bepaalde spijsverteringsenzymen, die suiker en vet afbreken
  • tijdelijke spraakproblemen.

Wanneer één van de bijwerkingen ernstig wordt of als er bij u een bijwerking optreedt die niet in deze bijsluiter is vermeld, raadpleeg dan uw arts of apotheker.

Advertentie

Hoe bewaart u dit middel?

Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.

Gebruik Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml niet meer na de vervaldatum die staat vermeld op de verpakking na ”Niet te gebruiken na:”. De vervaldatum verwijst naar de laatste dag van die maand.

Niet in de koelkast of de vriezer bewaren. Bewaren in de oorspronkelijke verpakking ter bescherming tegen licht.

Na verdunning:

Het verdunde product is fysisch-chemisch stabiel gedurende 48 uur in een koelkast bij 2- 8°C en gedurende 24 uur bij kamertemperatuur (beneden 25°C). Vanuit microbiologisch oogpunt dient het product echter direct na verdunning te worden gebruikt. Als het product niet onmiddellijk gebruikt wordt, vallen de bewaartijd en condities voor gebruik onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker; de bewaartijd mag normaliter niet langer zijn dan 24 uur bij 2 tot 8°C.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 8/18

1313-v7

Geneesmiddelen dienen niet weggegooid te worden via het afvalwater of met huishoudelijk afval. Vraag uw apotheker wat u met medicijnen moet doen die niet meer nodig zijn. Deze maatregelen zullen helpen bij de bescherming van het milieu.

Advertentie

Anvullende Informatie

Wat bevat Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml

  • Het werkzame bestanddeel is: irinotecanhydrochloridetrihydraat. 1 ml concentraat voor oplossing voor infusie bevat 20 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat, overeenkomend met 17,33 mg irinotecan. Elke injectieflacon van 2 ml bevat 40 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (40 mg/2 ml). Elke injectieflacon van 5 ml bevat 100 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (100 mg/5 ml). Elke injectieflacon van 15 ml bevat 300 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (300 mg/15 ml). Elke injectieflacon van 25 ml bevat 500 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (500 mg/25 ml).
  • De andere bestanddelen zijn: melkzuur, sorbitol (E420), natriumhydroxide, zoutzuur, water voor injectie.

Hoe ziet Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml er uit en de inhoud van de verpakking

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml is een gelige, heldere oplossing in een amberkleurige injectieflacon.

Verpakkingsgroottes: amberkleurige injectieflacon van 1x2ml, 1x5ml, 1x15 ml of 1x25 ml.

In het register ingeschreven onder:

RVG 103268.

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant

Houder van de vergunning voor het in de handel brengen

Sandoz B.V., Veluwezoom 22, Almere

Correspondentie: Postbus 10332, 1301 AH Almere

Fabrikant

Lek Pharmaceuticals d.d.

Verovškova 57

SI 1526 Ljubljana

Slovenië

Salutas Pharma GmbH

Otto-von-Guericke-Allee 1

39179 Barleben

Duitsland

Irinotecan Hexal 20 mg/ml Irinotecan Hexal 20 mg/mlIrinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml, concentraat voor oplossing voor infusie,

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 9/18

1313-v7

EBEWE Pharma GES.m.b.H. Nfg.KG

Mondseestrasse 11

4866 Unterach

Oostenrijk

Dit geneesmiddel is geregistreerd in lidstaten van de EEA onder de volgende namen

Duitsland:

Luxemburg:

Nederland:

Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd in maart 2011.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen of andere beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg:

KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Eén ml van het concentraat voor oplossing voor infusie bevat 20 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat, overeenkomend met 17,33 mg irinotecan.

Elke injectieflacon van 2 ml bevat 40 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (40 mg/2 ml). Elke injectieflacon van 5 ml bevat 100 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (100 mg/5 ml).

Elke injectieflacon van 15 ml bevat 300 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (300 mg/15 ml).

Elke injectieflacon van 25 ml bevat 500 mg irinotecanhydrochloridetrihydraat (500 mg/25 ml).

Hulpstoffen:

Sorbitol (E420)

Natrium

Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.

Therapeutische indicaties

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml is bestemd voor de behandeling van patiënten met gevorderd colorectaal carcinoom:

  • in combinatie met 5-fluorouracil en folinezuur bij patiënten zonder voorafgaande chemotherapie voor de ziekte in dit gevorderde stadium;
  • als monotherapie bij patiënten bij wie een gangbaar behandelingsschema waarin 5- fluorouracil was opgenomen, faalde.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 10/18

1313-v7

De combinatie van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml met cetuximab is geïndiceerd voor de behandeling van patiënten met gemetastaseerd colorectaal carcinoom met ‘epidermale groeifactorreceptor’ (EGFR)-expressie na falen van irinotecanbevattende cytotoxische therapie.

De combinatie van van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml met 5-fluorouracil, folinezuur en bevacizumab is geïndiceerd voor de eerstelijnsbehandeling van patiënten met gemetastaseerd colon- of rectumcarcinoom.

Dosering en wijze van toediening

Alleen voor volwassenen.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml, concentraat voor oplossing voor infusie dient te worden geïnfundeerd in een perifere of centrale vene.

Aanbevolen dosering:

Bij monotherapie (bij eerder behandelde patiënten):

De aanbevolen dosering van Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml is 350 mg/m2 als intraveneuze infusie toegediend in 30 tot 90 minuten, iedere drie weken (zie rubriek 4.4 en rubriek 6.6).

Bij combinatietherapie (bij nog niet eerder behandelde patiënten):

De veiligheid en de werkzaamheid van irinotecan in combinatie met 5-fluorouracil (5FU) en folinezuur (FA) zijn vastgesteld volgens het volgende schema (zie rubriek 5.1):

Irinotecan plus 5FU/FA in een tweewekelijks schema

De aanbevolen dosering van irinotecan is 180 mg/m2 eenmaal per 2 weken als intraveneuze infusie toegediend in 30 tot 90 minuten, gevolgd door een infusie met folinezuur en 5-fluorouracil.

Zie de productinformatie van dit geneesmiddel voor de gelijktijdige dosering en wijze van toediening van cetuximab.

Normaal wordt dezelfde irinotecandosis toegediend als in de laatste cycli van het voorgaande irinotecanbevattende regime. Irinotecan dient niet eerder dan 1 uur na het beëindigen van het cetuximabinfuus te worden toegediend.

Zie de samenvatting van de productkenmerken van bevacizumab voor de dosering en wijze van toediening van bevacizumab.

Aanpassing van de dosering:

Irinotecan mag worden toegediend na voldoende herstel van alle bijwerkingen tot graad 0 of 1 volgens de NCI-CTC indeling (National Cancer Institute Common Toxicity Criteria) en nadat aan de behandeling gerelateerde diarree volledig over is.

Bij de start van een volgende infuusbehandeling dient de dosering van irinotecan en indien nodig van 5FU te worden verminderd in overeenstemming met de ernstigste

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 11/18

1313-v7

graad van bijwerkingen die was waargenomen tijdens de voorgaande infusie. De behandeling dient 1 tot 2 weken te worden uitgesteld om herstel van aan de behandeling gerelateerde bijwerkingen te laten plaatsvinden.

Bij de volgende bijwerkingen dient een dosisreductie van 15 tot 20% te worden toegepast voor irinotecan en/of 5FU indien van toepassing:

  • hematologische toxiciteit (neutropenie graad 4, neutropenie met koorts (neutropenie graad 3-4 en koorts graad 2-4), trombocytopenie en leukopenie (graad 4));
  • niet-hematologische toxiciteit (graad 3-4).

Aanbevelingen voor het aanpassen van de dosering van cetuximab, indien toegediend in combinatie met irinotecan, dienen overeenkomstig de productinformatie van dit geneesmiddel te worden opgevolgd.

Zie de samenvatting van de productkenmerken van bevacizumab voor het aanpassen van de dosering van bevacizumab, indien toegediend in combinatie met irinotecan/5FU/FA.

Speciale patiëntengroepen

Patiënten met een verminderde leverfunctie: Bij monotherapie:

Bilirubinespiegels (tot 3 maal de bovengrens van de normaalwaarde (ULN)) bij patiënten met performance status ≤ 2 dienen de startdosering van irinotecan te bepalen. Bij deze patiënten met hyperbilirubinemie en een protrombinetijd groter dan 50% neemt de klaring van irinotecan af (zie rubriek 5.2) en daarom is het risico op hemotoxiciteit verhoogd. Daarom moet het bloedbeeld van deze patiënten wekelijks gecontroleerd worden.

  • Bij patiënten met een bilirubinegehalte tot 1,5 maal de bovengrens van de normaalwaarde (ULN) is de aanbevolen dosering van irinotecan 350 mg/m2.
  • Bij patiënten met een bilirubinegehalte van 1,5 tot 3 maal de ULN is de aanbevolen dosering van irinotecan 200 mg/m2.
  • Patiënten met een bilirubinegehalte van meer dan 3 maal de ULN dienen niet met irinotecan behandeld te worden (zie rubriek 4.3 en rubriek 4.4).

Er zijn geen gegevens beschikbaar van patiënten met een verminderde leverfunctie die behandeld zijn met irinotecan als combinatietherapie.

Patiënten met een verminderde nierfunctie:

Het gebruik van irinotecan wordt niet aanbevolen bij patiënten met een verminderde nierfunctie, aangezien bij deze populatie geen onderzoek is uitgevoerd (zie rubriek 4.4 en rubriek 5.2).

Ouderen:

Bij ouderen is geen specifiek farmacokinetisch onderzoek uitgevoerd. Voor deze patiënten dient echter de dosering zorgvuldig te worden gekozen omdat zij frequenter verminderde biologische functies hebben, met name de leverfunctie. Deze patiënten dienen intensiever te worden bewaakt (zie rubriek 4.4).

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 12/18

1313-v7

Kinderen:

Irinotecan dient niet gebruikt te worden bij kinderen.

Wijze van toediening

Irinotecan is cytotoxisch. Voor informatie over de verdunning en speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies zie rubriek 6.6.

Irinotecan mag niet worden toegediend als een intraveneuze bolus of een intraveneuze infusie korter dan 30 minuten of langer dan 90 minuten.

Duur van de behandeling:

De behandeling met irinotecan dient te worden voortgezet totdat er een objectieve progressie van de aandoening of een onaanvaardbare toxiciteit optreedt.

Contra-indicaties

  • Geschiedenis van ernstige overgevoeligheid voor irinotecanhydrochloridetrihydraat of voor één van de hulpstoffen
  • Chronische darmontsteking en/of darmobstructie (zie rubriek 4.4)
  • Zwangerschap en het geven van borstvoeding (zie rubriek 4.4 en.rubriek 4.6)
  • Bilirubinegehalte > 3 maal de ULN (zie rubriek 4.4)
  • Ernstige vermindering van de functie van het beenmerg
  • WHO performance status > 2
  • Gelijktijdig gebruik van Sint-janskruidpreparaten (zie rubriek 4.5).

Voor additionele contra-indicaties voor cetuximab of bevacizumab, zie de productinformatie van deze geneesmiddelen.

Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Het gebruik van irinotecan dient beperkt te worden tot afdelingen die gespecialiseerd zijn in de toediening van cytotoxische chemotherapie en toediening dient alleen plaats te vinden onder supervisie van een arts die gekwalificeerd is voor het gebruik van chemotherapie bij de behandeling van kanker.

Gezien de aard en frequentie van ongewenste effecten moet irinotecan in de volgende gevallen alleen worden voorgeschreven na afweging van de te verwachten voordelen tegen de aanwezige risico's:

  • patiënten die een risicofactor vertonen, met name indien de WHO performance status = 2.
  • in de zeldzame gevallen waarin het niet aannemelijk is dat de patiënten de richtlijnen voor het omgaan met bijwerkingen in acht zullen nemen (noodzaak van onmiddellijke en langdurige behandeling van diarree, in combinatie met een overvloedige inname van vocht bij het begin van late diarree). Strikt toezicht in het ziekenhuis wordt voor deze patiënten aanbevolen.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 13/18

1313-v7

Indien irinotecan wordt gebruikt als monotherapie, wordt het gewoonlijk voorgeschreven volgens het driewekelijkse doseringsschema. Echter een wekelijks doseringsschema (zie rubriek 5.1) kan worden overwogen voor patiënten bij wie een intensievere begeleiding nodig is of die een verhoogde kans hebben op ernstige neutropenie.

Late (uitgestelde) diarree

Patiënten moeten erop gewezen worden dat er een kans is dat late diarree optreedt; dat kan zijn meer dan 24 uur na de toediening van irinotecan en op elk willekeurig tijdstip voor de volgende cyclus. Tijdens monotherapie was de vijfde dag de mediaan van het tijdstip waarop, na de infusie van irinotecan, de eerste vloeibare ontlasting optrad. Als dit gebeurt, dienen de patiënten hun arts snel op de hoogte te stellen en onmiddellijk met de gepaste therapie te beginnen.

Patiënten met een verhoogde kans op diarree zijn zij die in het verleden radiotherapie van buik of bekken hebben gehad, patiënten die al voor aanvang van de therapie een hyperleukocytose hadden, patiënten met een WHO performance status ≥ 2 en vrouwen. Als de diarree niet op de juiste wijze wordt behandeld, kan deze levensbedreigend zijn, vooral als de patiënt tevens een neutropenie heeft.

Direct nadat de eerste dunne ontlasting optreedt, dient de patiënt te beginnen met het drinken van grote hoeveelheden elektrolythoudende dranken en moet onmiddellijk met een geschikt geneesmiddel tegen diarree worden gestart. Dit geneesmiddel tegen diarree wordt voorgeschreven door de afdeling waar irinotecan werd toegediend. Na ontslag uit het ziekenhuis dienen de patiënten de voorgeschreven geneesmiddelen in bezit te krijgen, zodat zij de diarree kunnen behandelen zodra deze optreedt. Bovendien moeten zij hun arts of de afdeling die irinotecan toedient, op de hoogte stellen wanneer/als diarree optreedt.

Het geneesmiddel voor de behandeling van diarree dat momenteel wordt aanbevolen, is loperamide in hoge doses (4 mg als startdosis en daarna 2 mg elke 2 uur). Deze therapie dient voortgezet te worden gedurende 12 uur na de laatste vloeibare ontlasting, en mag niet gewijzigd worden. Loperamide mag nooit langer dan 48 uur achtereen in deze dosering worden toegediend vanwege de kans op een paralytische ileus, of korter dan 12 uur.

Een profylactische therapie met een oraal breedspectrumantibioticum dient toegevoegd te worden aan de behandeling van de diarree als de diarree gepaard gaat met ernstige neutropenie (neutrofielen < 500/mm3).

Naast de behandeling met antibiotica wordt opname in het ziekenhuis voor behandeling van diarree aanbevolen in de volgende gevallen:

  • als de diarree gepaard gaat met koorts
  • als de diarree ernstig is (als intraveneuze rehydratie nodig is)
  • als de diarree langer dan 48 uur aanhoudt, na juiste behandeling met hoge doses loperamide.

Loperamide dient niet als preventieve behandeling te worden gegeven, zelfs niet aan patiënten bij wie tijdens eerdere cycli late diarree optrad.

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 14/18

1313-v7

Bij patiënten die ernstige diarree hadden, wordt tijdens de volgende cycli een lagere dosis aanbevolen (zie rubriek 4.2).

Hematologie

Het is raadzaam tijdens de behandeling met irinotecan het bloedbeeld wekelijks te controleren. Patiënten dienen zich bewust te zijn van de kans op neutropenie en de betekenis van koorts. Met koorts gepaard gaande neutropenie (temperatuur > 38°C en neutrofielen ≤ 1000/mm3) dient met spoed in het ziekenhuis behandeld te worden met intraveneuze breedspectrumantibiotica.

Bij patiënten die ernstige hematologische bijwerkingen vertoonden, wordt een dosisreductie aanbevolen voor de volgende toediening (zie rubriek 4.2).

Er bestaat een verhoogde kans op infecties en hematologische toxiciteit bij patiënten met ernstige diarree. Bij patiënten met ernstige diarree dient een volledige controle van het bloedbeeld te worden uitgevoerd.

Leverfunctiestoornis

Leverfunctietesten dienen te worden uitgevoerd bij aanvang van de therapie en vóór elke cyclus.

Wekelijkse controle van het bloedbeeld dient te worden uitgevoerd bij patiënten met bilirubinespiegels tussen de 1,5 en 3 maal de ULN, vanwege de verminderde klaring van irinotecan (zie rubriek 5.2) en daarmee het verhoogde risico op hemotoxiciteit in deze patiëntengroep. Voor patiënten met een bilirubinespiegel groter dan 3 maal de ULN zie rubriek 4.3.

Misselijkheid en braken

Een preventieve behandeling met een anti-emeticum wordt aanbevolen voorafgaande aan elke behandeling met irinotecan. Misselijkheid en braken zijn vaak gemeld. Patiënten die braken tijdens late diarree, dienen zo snel mogelijk voor behandeling in een ziekenhuis te worden opgenomen.

Acuut cholinergisch syndroom

Als zich een acuut cholinergisch syndroom voordoet (gedefinieerd als vroegtijdige diarree en een reeks symptomen zoals zweten, buikkramp, tranenvloed, miosis en speekselvloed), dient atropinesulfaat (0,25 mg subcutaan) toegediend te worden, tenzij daar een klinische contra-indicatie voor bestaat (zie rubriek 4.8). Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met astma. Bij patiënten bij wie zich een acuut en ernstig cholinergisch syndroom voordeed, wordt het preventieve gebruik van atropinesulfaat aanbevolen bij de volgende toedieningen van irinotecan.

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen

Interstitiële longaandoeningen zich uitend als pulmonaire infiltraties komen soms voor tijdens behandeling met irinotecan. Interstitiële longaandoeningen kunnen dodelijk zijn. Risicofactoren mogelijk geassocieerd met de ontwikkeling van interstitiële longaandoeningen zijn onder andere pneumotoxische geneesmiddelen, radiotherapie en

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 15/18

1313-v7

kolonie stimulerende factoren. Patiënten met risicofactoren dienen zorgvuldig gecontroleerd te worden op respiratoire symptomen voor en tijdens behandeling met irinotecan.

Ouderen

Omdat bij ouderen vaker sprake is van verminderde biologische functies, met name van de lever, dient de dosis Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml bij deze groep extra voorzichtig te worden vastgesteld (zie rubriek 4.2).

Patiënten met een darmobstructie

Deze patiënten mogen niet met irinotecan behandeld worden totdat de darmobstructie weer is opgeheven (zie rubriek 4.3).

Patiënten met een verminderde nierfunctie

Bij deze groep is geen onderzoek uitgevoerd (zie rubriek 4.2 en rubriek 5.2).

Patiënten met een verminderde uridinedifosfaatglucuronosyltransferaseactiviteit (UGT)

Een metabole weg om SN-38, de actieve metaboliet van irinotecan, te inactiveren is glucuronidatie tot het inactieve SN-38-glucuronide (SN-38G) door het enzym uridinedifosfaatglucuronosyltransferase 1A1 (UGT1A1). De UGT1A1-activiteit is verminderd bij mensen met UGT1A1*28-polymorfisme of een congenitale UGT1A1- deficiëntie (type 1 en type 2 Crigler-Najjar-syndroom). Gegevens van een meta-analyse wijzen uit dat mensen die homozygoot zijn voor het UGT1A1*28-allel, een hoger risico op hematologische toxiciteit (graad III-IV) lopen bij toediening van irinotecan in matige of hoge doses (>150 mg/m2). Een eventueel verband tussen het UGT1A1-genotype en het optreden van diarree door irinotecan kan niet worden uitgesloten.

Als Irinotecan HCl-3-water Sandoz 20 mg/ml wordt toegediend aan patiënten van wie bekend is dat ze homozygoot zijn voor het UGT1A1*28-polymorfisme, moet de standaard startdosering worden gegeven. Maar gezien de relatie tussen genotype en hematologische toxiciteit moeten mensen van wie bekend is dat ze homozygoot zijn voor UGT1A1*28, intensief worden gecontroleerd op hematologische toxiciteit. Als er zich bij een vroegere behandeling onaanvaardbare hematologische toxiciteit heeft voorgedaan, moet bij die patiënten een lagere dosering worden overwogen. De juiste dosisverlaging in deze patiëntenpopulatie is niet bekend en de volgende doseringen moeten worden aangepast op basis van de tolerantie van de patiënt voor de behandeling.

Overige

Omdat dit geneesmiddel sorbitol bevat, is het ongeschikt bij erfelijke fructose- intolerantie.

Zeldzame gevallen van nierinsufficiëntie, hypotensie of circulatoire insufficiëntie zijn waargenomen bij patiënten die periodes doormaakten van dehydratie die verband hield met diarree en/of braken, of sepsis.

Tijdens en tot ten minste drie maanden na de beëindiging van de therapie dienen anticonceptiva te worden gebruikt.

Gelijktijdig gebruik van irinotecan met sterke remmers (bijv. ketoconazol) of induceerders (bijv. rifampicine, carbamazepine, fenobarbital, Sint-janskruid) van

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 16/18

1313-v7

CYP3A4 kan het metabolisme van irinotecan beïnvloeden en dient vermeden te worden (zie rubriek 4.5).

Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Interactie tussen irinotecan en neuromusculair werkende spierrelaxantia wordt niet uitgesloten geacht. Omdat irinotecan anticholinesterase-activiteit bezit, kunnen geneesmiddelen met een anticholinesterase-activiteit de neuromusculaire blokkade door suxamethonium verlengen en de neuromusculaire blokkade van niet-depolariserende relaxantia antagoneren.

Meerdere studies hebben aangetoond dat gelijktijdig gebruik van CYP3A4 inducerende anticonvulsieve middelen (bijv. carbamazepine, fenobarbital of fenytoïne) leidt tot een verlaagde blootstelling aan irinotecan, SN-38 en SN-38-glucuronide en een verminderd farmacodynamisch effect. Het effect van dergelijke anticonvulsiva werd weerspiegeld door een afname in de AUC van SN-38 en SN-38-glucuronide van 50% en meer. Naast de inductie van cytochroom P450 3A enzymen kan verhoogde glucuronidering en verhoogde biliaire uitscheiding een rol spelen in een verminderde blootstelling aan irinotecan en haar metabolieten.

Een studie heeft aangetoond dat gelijktijdig gebruik van ketoconazol resulteerde in een afname van de AUC van APC met 87% en een toename van de AUC van SN-38 met 109% in vergelijking met irinotecan alleen.

Voorzichtigheid is geboden bij patiënten die gelijktijdig geneesmiddelen gebruiken waarvan bekend is dat zij cytochroom P450 3A remmen (bijv. ketoconazol) dan wel induceren (bijv. rifampicine, carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne). Gelijktijdige toediening van irinotecan met een remmer/induceerder van dit enzym kan het metabolisme van irinotecan beïnvloeden en dient vermeden te worden (zie rubriek 4.4).

In een kleine farmacokinetische studie (n=5), waarbij irinotecan 350 mg/m2 tegelijk werd toegediend met Sint-janskruid (Hypericum perforatum) 900 mg, werd een afname van de plasmaspiegels van de actieve metaboliet van irinotecan (SN-38) van 42% gezien. Sint- janskruid verlaagt de plasmaspiegels van SN-38 (zie rubriek 4.3). Daarom dient Sint- janskruid niet gelijktijdig met irinotecan gebruikt te worden.

Gelijktijdige toediening van 5-fluorouracil/folinezuur in het combinatieschema brengt geen veranderingen teweeg in de farmacokinetiek van irinotecan.

Het is niet bewezen dat het veiligheidsprofiel van irinotecan door cetuximab wordt beïnvloed of vice versa.

In een studie waren de irinotecan concentraties bij patiënten die alleen Irinotecan/5FU/FA kregen gelijk aan die van patiënten die dit in combinatie met bevacizumab kregen. Concentraties van SN-38, de actieve metaboliet van irinotecan, werden geanalyseerd in een subgroep van patiënten (ongeveer 30 per behandelingsarm). SN-38 concentraties waren gemiddeld 33% hoger bij patiënten die Irinotecan/5FU/FA in combinatie met bevacizumab kregen in vergelijking met alleen Irinotecan /5FU/FA. Vanwege een hoge variabiliteit tussen patiënten en een beperkte monstername, is het niet zeker of de waargenomen toename van SN-38 spiegels te

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 17/18

1313-v7

wijten is aan bevacizumab. Er was een geringe toename van diarree en leukopenie te zien. Meer verlagingen van de dosering van irinotecan werden gerapporteerd bij patiënten, die Irinotecan /5FU/FA in combinatie met bevacizumab kregen.

Bij patiënten die ernstige diarree, leukopenie of neutropenie ontwikkelen door de combinatie van bevacizumab met irinotecan, dient de dosering van irinotecan te worden aangepast zoals gespecificeerd in rubriek 4.2: “Dosering en wijze van toediening”.

Lijst van hulpstoffen

Melkzuur Sorbitol (E420)

natriumhydroxide (voor aanpassing van de pH) zoutzuur.(voor aanpassing van de pH)

water voor injectie.

Gevallen van onverenigbaarheid

Dit geneesmiddel mag niet worden gemengd met andere geneesmiddelen behalve diegene die in rubriek 6.6 worden vermeld.

Houdbaarheid

36 maanden.

Het verdunde product is fysisch-chemisch stabiel gedurende 48 uur in de koelkast bij 2- 8ºC en gedurende 24 uur bij kamertemperatuur (beneden 25ºC). Vanuit microbiologisch oogpunt dient het product echter direct na verdunnen te worden gebruikt. Indien het verdunde product niet direct wordt gebruikt, is de gebruiker/toediener verantwoordelijk voor de gehanteerde gebruikstermijn en conditie voor toediening. Normaliter is de termijn in dit laatste geval niet langer dan 24 uur bij 2-8ºC, tenzij het verdunnen heeft plaatsgevonden onder gecontroleerde en gevalideerde aseptische omstandigheden.

Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Niet in de koelkast of de vriezer bewaren. Bewaar de injectieflacons in de buitenverpakking ter bescherming tegen licht.

Voor de bewaarcondites van het verdunde product zie rubriek 6.3.

Aard en inhoud van de verpakking

voor 2 ml

Het concentraat voor oplossing voor injectie is uitgevuld in een 4 ml amberkleurige glazen injectieflaconmet fluorpolymeer omhulde broombutyl rubberen stop en aluminium krimpdop.

voor 5 ml

Het concentraat voor oplossing voor injectie is uitgevuld in een 7 ml amberkleurige glazen injectieflacon met, fluorpolymeer omhulde broombutyl rubberen stop en aluminium krimpdop.

voor 15 ml

Sandoz B.V.

Irinotecan HCl-3-water Sandoz® 20 mg/ml,

concentraat voor oplossing voor infusie 1.3.1.3 Package Leaflet

Page 18/18

1313-v7

Het concentraat voor oplossing voor injectie is uitgevuld in een 20 ml amberkleurige glazen injectieflacon met fluorpolymeer omhulde broombutyl rubberen stop en aluminium krimpdop.

voor 25 ml

Het concentraat voor oplossing voor injectie is uitgevuld in een 30 ml amberkleurige glazen injectieflacon met fluorpolymeer omhulde broombutyl rubberen stop en aluminium krimpdop.

Verpakkingsgrootten: 1x 2 ml injectieflacon 1x 5 ml injectieflacon 1x 15 ml injectieflacon 1x 25 ml injectieflacon

Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen

Net als andere antineoplastische stoffen moet irinotecan met voorzichtigheid bereid en verwerkt worden. Het gebruik van een bril, masker en handschoenen is noodzakelijk. Als irinotecanoplossing of infusie-oplossing in contact komt met de huid, was dan onmiddellijk en grondig met water en zeep. Als irinotecanoplossing of infusie-oplossing in contact komt met slijmvliezen, dienen deze onmiddellijk met water gespoeld te worden.

Bereiding van de intraveneuze infusie voor toediening

Zoals voor alle geneesmiddelen die per injectie kunnen worden toegediend het geval is, dient irinotecanoplossing onder aseptische omstandigheden te worden bereid (zie onder rubriek 6.3). Indien een neerslag wordt waargenomen in de injectieflacons of na reconstitutie, dient het product te worden vernietigd volgens standaardprocedures voor cytotoxische stoffen.

Zuig de vereiste hoeveelheid irinotecanoplossing aseptisch op uit de injectieflacon met een gekalibreerde injectiespuit en injecteer in een infuuszak of -fles van 250 ml die 0,9% natriumchlorideoplossing of 5% dextroseoplossing bevat. De infusie dient daarna grondig gemengd te worden door de zak of fles met de hand te roteren.

Afvalverwerking

Alle materialen die voor verdunnen en toedienen zijn gebruikt, dienen verwijderd te worden in overeenstemming met de standaardprocedures van het ziekenhuis zoals die gelden voor cytotoxische stoffen.

Advertentie

Stof(fen) Irinotecan
Toelating Nederland
Producent Sandoz
Verdovend Nee
ATC-Code L01XX19
Farmacologische groep Andere antineoplastische middelen

Delen

Advertentie

Uw persoonlijke medicijn-assistent

afgis-Qualitätslogo mit Ablauf Jahr/Monat: Mit einem Klick auf das Logo öffnet sich ein neues Bildschirmfenster mit Informationen über medikamio GmbH & Co KG und sein/ihr Internet-Angebot: medikamio.com/ This website is certified by Health On the Net Foundation. Click to verify.
Medicijnen

Zoek hier onze uitgebreide database van medicijnen van A-Z, met effecten en ingrediënten.

Stoffen

Alle werkzame stoffen met hun toepassing, chemische samenstelling en medicijnen waarin ze zijn opgenomen.

Ziekten

Oorzaken, symptomen en behandelingsmogelijkheden voor veel voorkomende ziekten en verwondingen.

De getoonde inhoud komt niet in de plaats van de oorspronkelijke bijsluiter van het geneesmiddel, met name wat betreft de dosering en de werking van de afzonderlijke producten. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor de juistheid van de gegevens, aangezien deze gedeeltelijk automatisch zijn omgezet. Voor diagnoses en andere gezondheidskwesties moet altijd een arts worden geraadpleegd. Meer informatie over dit onderwerp vindt u hier.